Egyptisch leger rijdt in op kopten

Bij het neerslaan van een koptische betoging door het leger vielen doden in Kairo. Om aandacht af te leiden van kritiek zou het leger een ‘externe vijand’ zoeken.

In het koptisch ziekenhuis van Kairo heerst op zondagavond een scala aan emoties: woede, frustratie, verdriet en angst strijden om voorrang. Een jongen van een jaar of tien ontdekt tussen de lijken het lichaam van zijn vader; een moeder huilt om haar zoon, een jongeman schreeuwt dat de Egyptische christenen nu pas echt van zich zullen laten horen.

In het mortuarium liggen de lichamen van zeventien slachtoffers van wat in de vooravond was begonnen als een vreedzaam protest tegen het afbranden van een kerk in de zuidelijke stad Efdu, vorige week. De meeste slachtoffers, zeggen de kopten, zijn moedwillig overreden door pantservoertuigen van het leger. Behalve doden – volgens officiële bronnen 24 in totaal, onder wie ook drie soldaten – zijn zondagavond in Kairo ook meer dan 200 gewonden gevallen. De gebeurtenissen doen sterk denken aan de laatste dagen van president Mubarak.

Het geweld kwam op een moment dat het leger steeds scherpere kritiek krijgt wegens de trage inlossing van de eisen van de revolutie. Gespeculeerd wordt daarom dat het leger met de aanvallen op de kopten – de christelijke minderheid die tien procent van de bevolking uitmaakt – een ‘externe vijand’ probeert te creëren.

Premier Sharaf riep vandaag op tot „eenheid” tegenover „inmenging door externe en interne handen”.

Noov Senary zit wezenloos tegen een muur. Een van haar vrienden bevindt zich onder de doden. De jonge advocate liep mee in de betoging toen die vanuit de volkswijk Shubra vertrok in de richting van Maspiro, de volksnaam voor het radio- en televisiegebouw langs de Nijl. Onderweg werden de duizenden betogers al een keer met stenen bekogeld door baltagia’s (knokploegen in burger). „Eenmaal voorbij het Tahrirplein, bij de 6 oktober-brug, zijn we aangevallen door het leger. Ja, door het leger.”

De 6 oktober-brug is waar op 2 februari Mubaraks regime de aanval inzette tegen de betogers op het Tahrirplein met de beruchte kamelencharge. Het is niet de enige gelijkenis. De staatstelevisie jutte gisteren, net als toen, de bevolking op met termen als „buitenlandse agenda’s” en „agitatoren van buitenaf”. De straalverbindingen van tv-stations Al-Hurra en Al-Jazeera werden door het leger onderbroken zodat alleen de staats-tv verslag uitbracht. En dat verslag was bijzonder gekleurd. Nieuwslezers namen voortdurend het woord ‘kopt’ in de mond. Er werd een interview uitgezonden met een soldaat die de betogers „christenhonden” noemde. En vooral: de televisie riep de „goede Egyptenaren” op om „het leger te verdedigen tegen de kopten”. En dat was het grote verschil met februari. Het leger, op het Tahrirplein nog onder de bloemen bedolven omdat het weigerde op betogers te schieten, toonde gisteren een ander gezicht.

Dat er onder de betogers ook heethoofden waren, lijdt geen twijfel. Daarvan getuigden de brandende legervoertuigen voor het Maspiro-gebouw. Maar dat gebeurde nadat zeker twee pantservoertuigen moedwillig op de betogers waren ingereden. Ondanks pogingen om camera’s in beslag te nemen, werden de acties op video vastgelegd. Daarop is te zien hoe de pantservoertuigen met hoge snelheid door de menigte ploegen. Ze proberen de betogers niet weg te jagen: ze doen hun best om ze omver te rijden.

Omstreeks elf uur ’s avonds wordt het koptisch ziekenhuis zelf belaagd. Auto’s gaan in brand, stenen vliegen door de lucht, een paar keer wordt ook geschoten. Door wie, is in de nachtelijke chaos niet duidelijk: salafisten, ultraorthodoxe moslims, zegt de ene, baltagia’s zegt de andere. Wel is duidelijk dat de honderden kopten in het ziekenhuis niet gewapend zijn. Volgens Twitter-berichten jagen op dat moment met stokken en messen gewapende salafisten in het centrum van de stad op christenen.

Het ziekenhuis is niet de plek om naar nuance te zoeken. „Het leger heeft dit gedaan. Waarom? Ze willen alle christenen uit Egypte wegjagen”, zegt de 26-jarige Mina Zaki. „Of we bang zijn? Wij zijn elke dag bang: thuis, op het werk, in de kerk”, zegt de 30-jarige Tamer Shaba.

De kopten hebben eigen propaganda, eigen aan een minderheid die vreest voor haar voortbestaan. Ze klagen over discriminatie en over de traagheid waarmee aanvallen tegen kerken worden behandeld. In mei vielen dertien doden bij schermutselingen tussen kopten en salafisten in Kairo. Begin januari, vlak voor de revolutie, vielen 21 doden bij een zelfmoordbomaanslag tegen een kerk in Alexandrië.

Veel kopten vertrouwen het niet meer in Egypte. Een koptische mensenrechtenorganisatie, EUHRO, kwam vorige week met een rapport dat stelt dat bijna 100.000 kopten het land hebben verlaten sinds maart.

    • Gert Van Langendonck