Schwung in het glas

Niet alle Duitse wijn is wit en zoet. De heerlijke Rotwein is hier helaas moeilijk te krijgen. ‘Die drinken we zelf op.’

e zon duikt weg achter opkomende donderwolken. De kerkklok van het Duitse wijndorp Westhofen schalt over het glooiende landschap. Het is warm en benauwd. Op de Klausenberg tegenover het dorp hangen paarse druiventrossen aan wijnranken te rijpen. Ze zien er kwetsbaar uit.

Wijnboer Tobias Zimmer veegt het zweet van z’n voorhoofd, kijkt bezorgd naar de lucht en geeft dan pas antwoord op de vraag of 2011 voor zijn bedrijf een goed wijnjaar wordt. „Dat hangt af van de komende weken. Het mag hier niet meer regenen. Dan barsten de druiven omdat ze nu al te veel water hebben opgezogen. En onweer en hagel wil ik ook niet. Vooral hagel is een ramp.”

’s Avonds slaat het weer om. Het water komt bij bakken uit de hemel. Elders vallen hagelstenen van drie centimeter doorsnee. Zimmer hoort van een collega dat diens oogst voor een kwart verloren is. „We leven hier met de natuur”, klinkt het gelaten.

Tobias Zimmer (37) is eigenaar van Weingut Hirschhof in Westhofen, in het Duitse wijngebied Rheinhessen, aan de westzijde van de Rijn tussen Mainz en Worms. Het is een oude wijnstreek, die in 2010 ruim 26.000 hectoliter wijn produceerde; twee derde wit, een derde rood. Het is een gebied met mooie vergezichten, aangename wijnroutes en oude stadjes, met de Rijn als bindend element. Als vakantiebestemming is Rheinhessen bij buitenlanders een beetje in vergetelheid geraakt.

Met een goed oog voor detail heeft de Duitse schrijfster Anna Seghers deze streek, waar ze geboren werd, in kaart gebracht, in haar grote epische werk Das siebte Kreuz, een roman over de vlucht van een communist uit een concentratiekamp in Westhofen, kort voor de Tweede Wereldoorlog. Het boek, ooit wereldberoemd, dreigt uit het Duitse collectieve geheugen te verdwijnen sinds het geen verplichte lectuur meer is op (Oost-)Duitse scholen. Dat is jammer, want Das siebte Kreuz is niet alleen een spannend en moreel beladen verhaal over een vluchteling opgejaagd door nazi’s; het is ook een streekroman over het leven in Rheinhessen.

In dit gebied is de wijn altijd belangrijk geweest. Een wijngoed gaat hier traditioneel over van vader op zoon. Ook Tobias Zimmer heeft het bedrijf van z’n vader overgenomen. Hij is getrouwd met de dochter van een wijnboer uit de Pfalz, een iets zuidelijker gelegen wijnstreek. Zimmer behoort tot een nieuwe generatie wijnboeren, die niet afkerig is van innovatie en die de Duitse wijn op een andere manier beleeft en verbouwt dan hun voorouders.

Zimmer produceert uitsluitend biowijn. Jaren geleden heeft hij de overstap gemaakt van conventioneel naar biologisch. Het heeft even geduurd, maar nu zijn z’n flessen veelgevraagd. Biowijnen zijn in opkomst, zeker in het milieubewuste Duitsland, waar de Groenen als politieke beweging ook al aan een jarenlange zegetocht bezig zijn.

Kluiten

Met Zimmer staan we te wroeten in de aarde van de Klausenberg, waar z’n saint laurent-druiven groeien die een frisse rode wijn produceren. „Wijn haalt z’n smaak uit de grond”, zegt Zimmer terwijl hij aandachtig de opgegraven kluiten bekijkt.

Tobias Zimmer zet meer dan zijn vader in op rode wijn. Zijn vlaggenschip is een op eiken gerijpte Spätburgunder 2009 (12,50 euro per fles) van de Westhofener Morstein, een wijnberg met stokoude ranken waaraan rode pinot-noirdruiven groeien. Sowieso is Duitse rode wijn onder de jonge Winzer (wijnboeren) in opkomst. In 1980 werd bijna negentig procent van de druivensoorten in Duitsland gebruikt voor witte wijn (riesling, silvaner, weissburgunder, gewürztraminer). Nu is dat nog maar 65 procent. De rest is rood: spätburgunder, dornfelder, cabernet sauvignon, saint laurent.

Rodewijndruiven hebben veel zon nodig. In de tamelijk noordelijk gelegen Duitse wijnstreken kon dat vroeger wel eens problematisch zijn. Maar Ernst Büscher van het Deutsches Weininstitut rekent de Duitse wijnbouw tot de winnaars van de klimaatverandering. „We hebben hier meer zon gekregen. Onze rode wijn heeft daarvan het duidelijkst geprofiteerd.”

Duitse wijn heeft lang de reputatie gehad van white, sweet and cheap, zoals de Britten het plastisch uitdrukten, als ze met busladingen in de jaren zestig en zeventig via de Loreley naar wijnproeverijen in Rijn- en Moezelstadjes werden gebracht. En nog steeds denken veel buitenlanders zo. De Duitse wijndrinkers weten wel beter. Ze zijn zich ervan bewust dat hun land uitstekende wijnen produceert, waarvan de beste internationaal kunnen concurreren. En ze zijn allang niet meer uitsluitend wit, zoet en van dubieuze kwaliteit.

Toch zoek je in het buitenland soms vergeefs naar de betere Duitse wijn, vooral rode. Büscher van het wijninstituut beaamt dat. „Die drinken we hier zelf op”, zegt hij grijnzend. De rodewijnpercelen in de dertien Duitse wijngebieden zijn te klein voor werkelijk massale export. Duitsland staat met een totale wijnuitvoer van ruim twee miljoen hectoliter (2009) op de tiende plaats van de wereldranglijst, ruim na Italië, Spanje, Frankrijk, Australië, Chili, Amerika, Zuid-Afrika, Argentinië en Portugal.

Rode Duitse wijnen als Dornfelder en Spätburgunder zijn met een beetje geluk tegenwoordig ook in Nederlandse supermarkten aan te treffen. Het zijn doorgaans geen wijnen van een bepaald wijngoed, maar ze kunnen heel lekker zijn. Exclusievere en toch betaalbare rode wijnen van boeren met een eigen wijngoed zijn minder makkelijk in Nederland te vinden. Voor wijnboeren als Tobias Zimmer is dan ook het internet als verkoopkanaal steeds belangrijker geworden.

Zimmer staat te popelen om te gaan oogsten. Hij heeft 33 hectare wijnranken en is een van de grotere boeren van de streek. Thuis, op de binnenplaats van z’n wijngoed in Westhofen, toasten we op een goed jaar. Tobias Zimmer heeft de glazen gevuld met bubbeltjeswijn, een Hirschhofsekt. Het is een droge Gewürztraminer, de winnaar van de Duitse ecowijnen van het jaar 2010.