Komt water van komeet?

Het water in onze oceanen is wellicht voor een veel groter deel afkomstig van kometen dan tot nu toe werd gedacht (Nature, 5 oktober online). Europese astronomen hebben dit afgeleid uit waarnemingen aan komeet Hartley 2. Dat is een duizend meter grote ijsbal die de aarde vorig jaar november tot op een afstand van ‘slechts’ 18 miljoen kilometer voorbijschoot.

Onderzoekers zijn het oneens over de vraag waar het water op de aarde vandaan is gekomen. Aanvankelijk werd gedacht dat het uit de aarde zelf kwam, toen onze planeet kort na zijn ontstaan vulkanisch heel actief was en grote hoeveelheden gassen uitbraakte. Later dacht men eerder dat het water (ook) van buiten de aarde was gekomen: door de inslagen van planetoïden.

De belangrijkste sleutel in de speurtocht naar de herkomst van het kosmische water is deuterium. Dit element bestaat uit waterstofatomen die in hun kern een extra neutron hebben. In oceaanwater schommelt de verhouding tussen deuterium en waterstof rond de 1:6400. In meteorieten, fragmenten van planetoïden, ligt hij rond de 1:7100. Daarom leken planetoïden goede waterbronnen te zijn. Maar nu blijkt uit de metingen van Herschel dat de verhouding van het ijs in komeet Hartley 1:6200 bedraagt, dus veel beter overeenstemt met dat van het water op aarde.

Komeet Hartley 2 is ooit ontstaan tussen Neptunus en Pluto. De metingen suggereren nu dat het oceaanwater deels afkomstig is van oermaterie uit dit gebied.

George Beekman