'Ik schilder eigenlijk totale freaks'

John Currin is een van de succesvolste Amerikaanse schilders van dit moment. Zijn werk is te zien in Haarlem. ,,Kitsch verdwijnt.”

Ja, hij kan zich goed voorstellen dat mensen zich schamen voor zijn doeken. ,,Dat gevoel zit in veel van mijn werk”, zegt John Currin. ,,Ik heb het zelf altijd bij Gustave Courbets Woman in the Waves in het Metropolitan Museum. Een prachtig schilderij, van een naakte vrouw met geweldige borsten. Maar altijd als ik bij haar ga kijken wacht ik eerst tot de zaal leeg is, en als er mensen binnenkomen loop ik snel naar een landschap.” Hij lacht luid. ,,Uiteindelijk gaan mijn schilderijen ook niet over seks, al is het maar omdat ik niet geloof dat schilderijen ooit een prikkelende, pornografische werking kunnen hebben. En trouwens: je kunt je afvragen of mijn figuren in staat zijn dat soort gevoelens op te roepen. Als ze van het doek zouden stappen zou iedereen ze total freaks vinden.”

Zo bezien is het dus niet vreemd dat het Haarlemse Frans Hals Museum deze herfst zes schilderijen van John Currin (1962) toont, samen met vroeg-Hollandse meesters. Vooral de combinatie van Currin met Cornelis van Haarlem (1562-1638) is daarbij een eye opener. Beiden schilderen een overvloed aan naakten en bij beiden zijn de lichamen op allerlei manieren vertekend – benen te lang, hoofden verwrongen, proporties uit balans. Het belangrijkste verschil is dat Currin daar een stevig dosis seks aan toevoegt: als de mensen op zijn doeken niet zo onwezenlijk zouden zijn, was zijn werk onvervalste porno. Op dit moment geldt Currin als een van Amerika’s bekendste schilders; zijn doeken doen gemakkelijk meer dan een miljoen dollar per stuk.

Kon u het zich voorstellen dat uw werk in verband werd gebracht met Cornelis van Haarlem?

,,Jawel, al kende ik zijn werk niet zo goed als dat van Jan van Scorel of Maarten van Heemskerck. Wat ik bij hem aantrekkelijk vind is de onzuiverheid van zijn stijl, die mix van Noord-Nederlands en Italiaans. Daardoor herinnert hij me ook aan mijn situatie als Amerikaanse schilder. Mijn schilderijen gaan er voor een deel over dat er in Amerika geen nationale schildercultuur is, dat ‘Amerikaanse olieverfschilder’ een oxymoron is – het past niet bij elkaar. Dan ga je bijna automatisch naar Europa kijken en word je enthousiast van kunst die herkenbaar is, zoals Franse of Duitse schilderkunst. Daarom hou ik ook zo van de Deense porno die ik vaak als voorbeeld gebruik.”

Wat is er zo eigen aan Deense porno?

,,De acteurs zijn vaak opvallend lelijk. En middelbaar. En dan die interieurs: een soort Baader-Meinhof meets Koning Ludwig. Voor een Amerikaan als ik is dat onweerstaanbaar.”

In hoeverre is uw werk dan nog Amerikaans?

,,Daar denk ik soms wel over na: of ik niet te veel naar de oude, Europese schilderkunst kijk. Want daardoor ontstaat het gevaar dat ik me te veel los maak van mijn tijd, dat ik iets nastreef wat niet van nu is. Gerhard Richter zei ooit op de klacht dat niemand tegenwoordig de techniek van het schilderen nog leert: zo hoort het ook. Blijkbaar is dat de manier waarop onze tijd zich tot de schilderkunst wil verhouden: ze geeft jonge schilders een crap education. Als ik vol bewondering naar Cornelis van Haarlem kijk, besef ik toch dat ik nooit zal kunnen schilderen als hij, simpelweg omdat ik leef in een andere tijd. In die zin ben ik dus altijd gedoemd te falen in mijn fascinatie voor de klassieken.”

Waar bent u wel goed in?

Currin lacht. ,,Ik heb, denk ik, leren accepteren dat ik niet in staat ben te voldoen aan de algemene ‘goede smaak’. Ik maak me niet langer druk om de kitschkant van mijn werk. Dat komt ook omdat ik ervan overtuigd ben dat dat er over honderd jaar niet meer toe doet. Kitsch, slechte smaak zijn net radioactiviteit – het glipt weg, het verdwijnt. In de toekomst zullen mensen absoluut niet meer begrijpen wat men tegenwoordig voor problemen had met mijn werk. Dat zie je ook bij de oude schilderkunst. De mensen die dat maakten, die erop staan, die het kochten zijn allemaal dood. En met hen de toenmalige betekenis. Maar het kunstwerk zelf bestaat en leeft en blijft in de ogen van nieuwe toeschouwers voortdurend veranderen.”

Is pornografie voor u ook een manier om aan goede smaak te ontsnappen?

,,Mensen denken vaak dat porno in de kunst een soort maatschappijkritiek is – op het kapitalisme, op vrouwenexploitatie. Niet bij mij. Ik wil ook niet shockeren. Waar het mij om ging: Denen, Europeanen, die seks hebben zonder zich voort te planten, lijken zo goed te passen bij het huidige Europa – oprecht, mooi, maar ook triest. Als een zonsondergang van Poussin. Een Arcadië dat langzaam verdwijnt.”

Wilt u eigenlijk dat uw schilderijen mooi gevonden worden?

,,Oh ja, dat is het belangrijkste doel.”

Voor nu of voor de eeuwigheid?

,,Voor de eeuwigheid, zonder twijfel. Dat is toch het enige wat ertoe doet?”

John Currin ontmoet Cornelis van Haarlem. T/m 8 januari, Frans Hals Museum, Haarlem.