Ritje op je discostick? Seks maakt de hit

Deze week in de Nederlandse top-10 van Radio 538, onder meer Man Down, waarin Rihanna zingt over de man die ze neerschoot, Tonight Tonight van Hot Chelle Rae, over dansen op het dak en Somebody that I used to know van Gotye over vervreemding en afscheid. Over seks en erotiek geen woord, of indirect, zoals in Moves like Jagger van Maroon 5. Dansen als Jagger, ja, dat is seks!

Niettemin hebben popliedjes met seksuele verwijzingen in de tekst meer kans om een hit te worden dan liedjes zonder seksuele toespelingen, is de conclusie van Amerikaanse psychologen na tekstanalyse van alle liedjes in de Billboard Hitparade van het jaar 2009.

Zo’n 92 procent van de nummers in de top-10 bevatten één of meer woorden of zinsnedes die de onderzoekers omschrijven als ‘voortplantingsboodschappen’ (reproductive messages), oftewel met de seksuele daad samenhangende woorden, termen en begrippen, zoals: versierpogingen, genitalia, voorspel, promiscuïteit, potentie, en, in een breder verband, huwelijk, trouw en financiële draagkracht.

In het tijdschrift Evolutionary Psychology publiceerden psycholoog Gordon Gallup en zijn studente Dawn H. Hobbs, van de Universiteit van Albany (NY), het artikel Songs as a Medium for Embedded Reproductive Messages. Voor hun onderzoek formuleerden ze een aantal seksueel relevante begrippen, en inventariseerden vervolgens hoe vaak deze begrippen in de liedjes voorkwamen. De nummers kwamen uit drie categorieën: pop, country en r&b. Het aantal seksuele verwijzingen varieerde tussen de 1 en 48, met een gemiddelde van 8 per popliedje.

Voor r&b-liedjes lag het gemiddelde op een dubbel aantal toespelingen per nummer. Tussen de categorieën pop en country was weinig verschil. Voorbeelden van toespeling in een popliedje zijn Love Game van Lady Gaga (‘Let’s have some fun/ This beat is sick/ I want to take a ride on your disco stick’), volgens de wetenschappers passend in de categorie ‘kortdurende relaties’, en Sugar, Sugar van The Archies (‘When I kissed you, girl, I knew how sweet a kiss could be’) in de categorie ‘voorspel’.

Om de geschiedenis van ‘reproductieve boodschappen’ te inventariseren, werden ook oude teksten van na 1600 bekeken. In aria’s als Ach, ich fühl’s uit Mozarts Zauberflöte (1791) en Dido’s Lament van Purcell (1689) vonden de psychologen uitlatingen in de categorieën ‘seksuele performance’ en ‘potentie’. Voorbeelden ontbreken, dus hoe Mozart en Purcell dan precies verwijzen naar potentie en bedprestaties – het blijft giswerk. Maar wie dacht dat Dido met haar klaaglijke ‘Death invades me’ doelde op de dood, weet nu beter. De kleine dood, dát was het.

    • Hester Carvalho