Otter keert terug in Nationaal Park Alde Feanen

Arjen, Auke en Liesje kregen gisteren hun vrijheid terug. De otterdrieling, vorig jaar augustus verweesd aangetroffen bij het Friese Langelille, is uitgezet op een geheime plek in Nationaal Park de Alde Feanen in Earnewâld. Hiermee keert de viseter na ruim twintig jaar terug in het Friese laagveenmoerasgebied, een belangrijke otterbiotoop.

Directeur Addy de Jongh van Stichting Otterstation Nederland ving de toen zes weken oude otterwezen – genoemd naar hun vinders – vorig jaar bij hem thuis op. Hun moeder was verdronken in een fuik. Om ze schuw te maken werden ze daarna in afzondering van de mens opgefokt.

Om de drie otters te volgen, is een zendertje geïmplanteerd. De komende weken worden, ten behoeve van de genetische variatie, een Oostenrijkse en twee Tsjechische otters in de Alde Feanen uitgezet.

Nadat in 1989 de vermoedelijk laatste Nederlandse otter bij Joure was doodgereden, vond in 2002 herintroductie van het dier plaats in de Weerribben en Rottige Meente (Overijssel) en de Lindevallei (Friesland). Nederland telt nu honderd in het wild levende otters. Volgens De Jongh geldt het „zeehondje van het zoete water” als graadmeter voor de waterkwaliteit in een gebied.

Om te voorkomen dat otters verdrinken in fuiken, moeten in Friesland in die fuiken roosters worden aangebracht. In de rest van Nederland geldt dit gebod (nog) niet.

Omdat otters vaak worden doodgereden, bepleit De Jongh aanleg van meer oversteekplaatsen, tunnels en onderdoorgangen bij duikers van viaducten.