Orkestorgie in 'Elektra' onder chef Albrecht

Elektra van R. Strauss. De Ned. Opera, Ned. Phil. Orkest o.l.v. M. Albrecht. 6/10. Herh. t/m 31/10. ****

Zou Marc Albrecht zich aan zijn belofte houden? Na een droomdebuut bij De Nederlandse Opera met het Nederlands Philharmonisch Orkest in 2008 werd hij meteen aangesteld als nieuwe chef-dirigent van beide gezelschappen. Gisteren trad hij in die dubbelfunctie voor het eerst aan in Richard Strauss’ Elektra. De verwachtingen waren hooggespannen. Ook bij de vlammende kennismaking had hij immers Strauss gedirigeerd, Die Frau ohne Schatten.

Albrecht stapt in een voor Amsterdam vertrouwde productie: het met bloed en vuil besmeurde marmeren trappenhuis van decorontwerper Wolfgang Gussmann is al voor de vierde keer te bewonderen. Hier vindt het oeroude drama plaats van de getergde Elektra, die haar gedode vader Agamemnon wil wreken door haar schuldige moeder Klytämnestra met hetzelfde moordwapen – een hakbijl – te laten splijten. Broer Orest klaart deze dubieuze klus.

Regisseur Willy Decker verkent, in navolging van Strauss’ kolkende partituur, de dunne grens tussen wanhoop en gekte. Eerder pakte dit goed uit, maar bij de grotendeels nieuwe cast staat de geloofwaardigheid soms op het spel. Naast haar huiselijke zus Chrysothemis (lenig vertolkt door Camilla Nylund) steekt sopraan Evelyn Herlitzius (van 22 t/m 31/10 vervangen door Linda Watson) erg schel af in de extreme titelrol. Haar waanzin is verdedigbaar en wordt ijselijk virtuoos gebracht, maar voelt mede door Herlitzius’ onbeperkte reserves soms over the top.

Ronduit karikaturaal is de acteerstijl van Michaela Schuster. Haar Klytämnestra is een met diamanten behangen loeder, bij wie de tragiek ontbreekt die Felicity Palmer tijdens de vorige reprise wél wist aan te brengen. Nu lijkt ze eerder op de boze stiefmoeder uit een Disneyfilm.

De meeste nuances komen uit de orkestbak. Motiefjes worden messcherp afgekapt, of groeien uit tot weelderige climaxen. Albrecht laat zijn uitstekende musici soms rauw kermen, maar houdt maximale controle over de orgie van geweld. Zoals hij een zeldzame tedere frase héél even optilt; daarin schuilt meesterschap.