Nobelcomité beloont strijd van vrouwen voor de vrede

Met de keus voor Liberia is er aandacht voor een land na de oorlog. Met de keus voor Jemen steunt het Nobel-comité de ‘Arabische Lente’.

Drie vrouwen hebben vandaag samen de Nobelprijs voor de Vrede gekregen. Maar eigenlijk wil het Noorse Nobelcomité daarmee álle vrouwen eren, steunen en aanmoedigen. Het gaat de jury daarbij niet om de strijd van vrouwen voor gelijke rechten, maar om de sleutelrol van vrouwen bij het tot stand brengen van vrede en democratie.

„We kunnen geen democratie en duurzame vrede in de wereld bereiken zolang vrouwen niet dezelfde mogelijkheden als mannen hebben om ontwikkelingen op alle niveaus van de samenleving te beïnvloeden”, schrijft het comité in een toelichting op de toekenning.

De vrouwen die de prijs samen krijgen zijn niet toevallig alle drie actief in landen waar een oorlogssituatie heeft gewoed (Liberia) of nog steeds woedt (Jemen): Ellen Johnson-Sirleaf en Leymah Gbowee in het door burgeroorlog getraumatiseerde Liberia, Tawakul Karman in het gewelddadige Jemen.

Dat de positie en maatschappelijke rol van vrouwen direct verband houdt met oorlog en vrede, is volgens het comité voor het eerst officieel vastgesteld door de VN-Veiligheidsraad in 2000. Geweld tegen vrouwen in gewapende conflicten werd toen in een resolutie bestempeld tot een zaak die de internationale veiligheid raakt. Daarmee werd „de noodzaak onderstreept dat vrouwen op voet van gelijkheid met mannen deelnemen aan vredesprocessen en vredeswerk in het algemeen”.

Het Nobelcomité had er ook voor kunnen kiezen vrouwen uit andere delen van de wereld te bekronen, uit Pakistan of Afghanistan bijvoorbeeld, met vergelijkbare prestaties op hun naam. Met de keuze voor de twee Afrikaanse vrouwen vestigt het comité de aandacht op het belangrijke en vaak onderbelichte werk waarvoor landen staan na een oorlog of burgeroorlog: om van de vrede duurzame vrede te maken, om de maatschappij weer levend te maken en de economie aan de gang te krijgen.

De afgelopen jaren is bij de Verenigde Naties het besef gegroeid dat je vrede niet bereikt door alleen conflicten te beëindigen, maar dat daarna ook een moeizaam proces nodig is om de vrede te bestendigen. En dat vrouwen bij deze zogenoemde peace building een hoofdrol moeten spelen.

In Jemen is het complexe conflict nog in volle gang en kan men alleen nog maar dromen van de fase daarna. Door de prijs ook toe te kennen aan de Jemenitische Tawakul Karman geeft het comité een aanmoediging aan de ‘Arabische lente’.

Nobelprijs literatuur: pagina 3

In het nieuws: pagina 4-5