'Het gaat nog wel even duren voor Assad valt'

De oppositie tegen het Syrische regime heeft geen visie op de toekomst, zegt activist in ballingschap Abdulhamid. „We hebben leuzen, maar geen visie. Dat is het probleem.”

Stevent Syrië af op een burgeroorlog? „Dat is een vooruitzicht waarover we allemaal bezorgd zijn”, zegt de Syrische oppositie-activist Ammar Abdulhamid.

De Syrische oppositie ontkende altijd dat er in haar gelederen gewapende groepen actief waren, waarmee het bewind van president Bashar al-Assad zijn harde geweld tegen demonstranten wettigt. „We zijn eerlijk”, zegt Abdulhamid, „nu bevestigen we dat in sommige gebieden de revolutie gewapend raakt.”

Met een los netwerk van activisten spande Abdulhamid zich jarenlang in Syrië in de „massa’s jongeren die gefrustreerd waren omdat ze werkloos waren, die zagen dat ze klem zaten” democratische ideeën bij te brengen en zo een revolutie dichterbij te brengen. „Als ik over revoluties sprak, dachten veel mensen dat ik een idioot was. Dus ik dacht, ik zal het ze laten zien, ik zal ervoor zorgen dat het gebeurt.” In 2005 werd hij Syrië uitgezet, „toen het regime ontdekte dat we heel gevaarlijk waren”.

Sindsdien zette hij zijn missie vanuit de Verenigde Staten voort. Nu de opstand is uitgebroken werkt hij met een groep medestanders aan een visie voor de toekomst van Syrië. Hij was vorige week in Nederland voor gesprekken met het ministerie van Buitenlandse Zaken en ontwikkelingsorganisaties.

Gewapende actie is voor een belangrijk deel het werk van deserteurs, zegt hij in een vraaggesprek in Amsterdam. In totaal zijn er de afgelopen maanden zo’n 15.000 militairen gedeserteerd, zegt hij, maar veruit de meesten van hen zijn naar huis gegaan. Een kleine 3.000 zijn georganiseerd in gevechtseenheden. „Maar ze hebben alleen de lichte wapens die ze hadden toen ze overliepen. Het regime heeft de tanks.”

De autoriteiten gebruiken het toenemend geweld van de oppositie als excuus om zelf des te harder terug te slaan. „Met name in Homs en omgeving. Maar de mensen hebben deze beslissing niet lichtvaardig genomen. Hun kinderen worden na hun arrestatie dood teruggegeven, hun broer of zuster ontvoerd en vermoord. Dat soort wreedheden en het feit dat het regime milities heeft gevormd die op sektarische basis in de aanval gaan, hebben de mensen ertoe gedwongen. Ze verdedigen zichzelf.”

Maar burgeroorlog is wat Abdulhamid betreft met name wat het regime doet, het afslachten van burgers en het creëren van wetteloosheid. „De staatstelevisie roept de ‘mensen die van de president houden’ op het land te verdedigen en de demonstranten te doden. Het zijn de president en zijn mensen die ons in een burgeroorlog proberen mee te slepen. Wij proberen juist te voorkomen dat de revolutie een oorlog tussen de verschillende gemeenschappen wordt.”

Het wordt volgens hem nu ook tijd voor de internationale gemeenschap zich te beraden op de instelling van een no-flyzone of andere dergelijke maatregelen. „De mogelijkheid daartoe moet worden overwogen, want je weet niet of de situatie in Syrië opeens escaleert. Het regime heeft nog niet de luchtmacht ingezet om steden te bombarderen. Maar als bijvoorbeeld de situatie in Homs zo moeilijk blijft, zal het mogelijk daartoe overgaan. Je kunt elk moment een Srebrenica in Homs krijgen, waarbij ze zoveel mogelijk mensen proberen te doden, een tweede Hama” – waar in 1982 20.000 burgers werden gedood bij wekenlange aanvallen door regeringstroepen.

De Syrische oppositie is verdeeld over de kwestie van buitenlandse interventie. „De mensen in bepaalde gebieden stellen het aan de orde, en we moeten begrijpen waarom, maar een heleboel mensen zijn tegen. Bijvoorbeeld in Damascus, waar nog geen tanks op straat zijn, wil men geen buitenlandse interventie. Maar als dagelijks honderden mensen worden gedood, als de situatie wanhopig wordt, dan denk ik dat de betogers in Damascus en die in Homs, die onder vuur liggen, het wel eens zullen worden.

„Maar we krijgen misschien helemaal geen buitenlandse hulp. We zullen de internationale gemeenschap naar Syrië moeten sleuren.” Deze week spraken Rusland en China nog een veto uit over een resolutie in de VN-Veiligheidsraad waarin met niet-militaire maatregelen werd gedreigd.

Maar ruim een half jaar na het begin van de opstand in Syrië dringt zich ook een andere vraag op: of het regime niet zal overleven.

„Ik denk dat het bewind een langer leven heeft dan je zou willen. We kunnen zeker de val van Assad afdwingen als we een grotere eenheid hebben. Als we een gemeenschappelijke visie hebben voor de toekomst. We hebben geen visie en dit is het probleem. We hebben nog niet gepraat over inhoudelijke dingen.

„Het regime heeft een idee. Vanuit zijn perspectief is het een strijd tegen het terrorisme, tegen sektarisch denken, tegen een meerderheidsbewind. Misschien hebben ze van ons uit bekeken stupide ideeën – maar ze hebben een visie. Wij hebben leuzen, maar geen visie, behalve dat Assad weg moet. Wij moeten veel intelligenter zijn. Wij moeten een intelligente visie presenteren. Maar hier falen we en daarmee verlengen we het leven van de Assads. Uiteindelijk zullen ze vallen.”

Hij zegt dat de oppositie geen oplossing moet willen als in Tunesië en Egypte, waar het gezicht van het regime snel viel, maar een groot deel van de oude structuren intact is gebleven. „Daar zijn ze nu bezig aan fase twee van de opstand. De revolutie duurt er nog voort.”

De oppositie had al maanden geleden moeten beginnen te praten over de toekomst na Assad, zegt Abdulhamid. „In februari schreef ik: ‘wacht even met demonstreren, het kost tijd de revolutie te plannen, laten we niet overhaast te werk gaan’. Helaas was er in Syrië veel enthousiasme, en de mensen waren ongeduldig, en nu moeten we werken aan die visie terwijl er bloed vloeit in de straten. We hadden opnieuw vergeten dat het om ideeën gaat, niet om de strijd van de oppositie tegen de Assads. En ik ga me hierop toeleggen. We hebben een soort denktank voor een visie voor de toekomst.

„Ik heb nooit gedacht dat dit een snelle revolutie zou zijn. Ik heb altijd gezegd dat een revolutie twee tot drie jaar duurt voor ze vrucht draagt. Maar de mensen wilden nooit luisteren. Ze zeiden, het regime valt tegen het eind van ramadan, of tegen een andere, niet realistische datum. Maar nu denk ik dat iedereen inziet dat het langer gaat duren.”