'Ayn Rand gaf me kracht'

In een serie literaire liefdes- betuigingen vandaag tv- maker Bert van der Veer over Ayn Rands De eeuwige bron.

‘In 2001, een jaar na mijn scheiding, ging ik voor het eerst in mijn leven alleen met vakantie. Naar Barcelona. In mijn koffer zat De eeuwige bron van Ayn Rand. In eerste instantie voelde ik niet zo heel veel voor het boek. Het is nogal dik. Het heeft een wat bezoedelde, zelfs fascistische, reputatie. Dus ik had een licht gevoel van weerzin. Bovendien was ik destijds verwikkeld in een gepassioneerde en nogal onmogelijke liefde. Eenmaal in Spanje aangekomen begon ik daarom enigszins lusteloos aan het boek.

„In Barcelona zou ik een tijdje bij vrienden logeren. Maar toen ik eraan begon, merkte ik dat het boek zo uniek was dat ik andere plannen heb gemaakt. Ik heb me teruggetrokken en ben vertrokken naar een Spaanse badplaats die toen nog niet door het toerisme was ontdekt. Ik heb een suite gehuurd, koffie laten komen, sandwiches besteld. Ik heb daar, in die suite, het boek in één ruk uitgelezen.

„Howard Roark, de eigenzinnige architect en hoofdpersoon van het boek, had een enorme aantrekkingskracht op mij. In die fase in mijn leven vroeg ik me heel erg af of het allemaal wel goed zou komen. Rand gaf me kracht. Howard Roark is namelijk een gedreven, gepassioneerde gek. Hij zet Dominique, zijn geliefde, in eerste instantie opzij om zich volledig te kunnen storten op zijn werk als architect. Zelf zou ik nooit de liefde opzij schuiven. Zijn gedrevenheid sprak mij desondanks toch heel erg aan.

„Als boeken mij aanstaan, betekent dat vaak dat de auteur er in is geslaagd gedachtes op een heldere, mooie manier te formuleren. Dan zet ik streepjes in de kantlijn. Rechte streepjes bij citaten waar ik echt iets mee moet doen, kronkelige streepjes bij dingen die ik gewoon mooi vind.

In De Eeuwige Bron staat zo’n kronkelig streepje bij de uitspraak van Roark dat mensen geen respect hebben voor de zinloosheid van het leven. Wat moet je met zo’n uitspraak? Ik vond het lastig en mooi tegelijk. Een recht streepje stond bij Roarks uitspraak dat hij nergens lid van wil worden, nu niet, nooit niet. Dat ben ik. Ik ben zelf ook nooit ergens lid van geweest.

„Op een gegeven moment zegt Roark: ‘Ik haat incompetentie. Het is waarschijnlijk het enige dat ik echt haat’. Ik herkende die emotie. Het ergste scheldwoord dat ik me kan bedenken is ‘amateur’. Ik haat namelijk amateurisme. Je komt in de televisiewereld, als eindredacteur van Pauw & Witteman, zoveel mensen tegen die pretenderen dingen te kunnen. Achteraf blijkt daar vaak helemaal niets van waar te zijn.

„Ook sterk vond ik de uitspraak: ‘de mensen worden niet ongelukkig door een gebrek aan keus, maar door een teveel aan keus’. Je hoort vandaag velen zich afvragen of de goede oude televisie niet z’n beste tijd heeft gehad. Mensen zouden, in dit digitale tijdperk, zelf willen bepalen waar ze naar kijken. Dan denk ik dus ‘jongens, jongens’. De mensen moeten de hele dag al kiezen.

„Soms zou ik willen dat ik me dat extreme egoïsme van Howard Roark eigen kon maken. Roark weigert compromissen te sluiten met zijn opdrachtgevers. Die volledige zelfbeschikking, die wil ik ook. Daarom schrijf ik ook zo graag boeken zoals Mr. TV, want dan ben ik volledig verantwoordelijk voor mijn eigen woorden en zinnen. Dat is de parallel met Roark. Hij zou de tv-wereld overigens vast en zeker helemaal niks hebben gevonden. Hij houdt niet van flauwekul en televisie staat daar natuurlijk bol van.”

Ayn Rand: De eeuwige bron. Poema Pocket, 750 blz. € 12,50.Deel uw lievelingsboek op Twitter #boekdelen