Tijdvakken

Eerst was het een week, nu een maand van de geschiedenis. We worden weer bewust gemaakt van de grote gebeurtenissen die tot de toestand van vandaag hebben geleid, de drama’s en de dierbaarheden. Ik zag op internet een paar foto’s, van de rookbom in de Raadhuisstraat, de stormramp die ten slotte tot het Deltaplan heeft geleid, krakersrellen, nog veel meer oude sensatie die door de tijd langzamerhand tot het repertoire van weet je nog wel oudje is verwerkt. Waarom leren we geschiedenis. Omdat we moeten weten waar we vandaan komen, wat onze voorouders hebben gedaan waardoor we nu in dit prachtige land wonen, opdat we trots kunnen zijn op onze nationale identiteit. Hunebedden, Karel de Grote, Floris de Vijfde, Willem de Zwijger, Tachtigjarige Oorlog. Leren de kinderen van nu dit nog?

Ik zat bijna een jaar op de middelbare school, het Rotterdams Lyceum, toen er een nieuw tijdvak begon, op 10 mei 1940. In de vroege ochtend zag ik de eerste Duitse vliegtuigen. Koningin Wilhelmina hield een redevoering waarin ze ‘met vlammende verontwaardiging’ protesteerde, en vier dagen later was de stad van mijn vroege jeugd verwoest. Er is een foto waarop je keurig geklede Rotterdammers op de daken van huizen aan het Land van Hoboken met stomme verbijstering naar het brandende centrum ziet kijken. Deze verbijstering, daar gaat het hier om. Sinds de Tiendaagse veldtocht in 1830, tegen de Belgen, hadden we geen oorlog meer gevoerd. Keurig buiten de Eerste Wereldoorlog gebleven. Wel in 1939 gemobiliseerd zodat Hitler wist dat we niet met ons lieten spotten, maar overigens weer zorgvuldig neutraal gebleven.

We hebben het toen niet beseft maar op die tiende mei zijn we weer in de verschrikkelijke vaart der volken meegesleurd. Na de bevrijding hebben we eerst nog in de illusie verkeerd dat Nederland op zijn manier de oude koloniale mogendheid was gebleven. We hebben tenslotte een leger van meer dan 100.000 man naar de andere kant van de wereld gestuurd. Indië verloren, rampspoed geboren, was de leuze. Na vier jaar oorlog kwamen we erachter dat het een vergeefse onderneming was. Intussen was de Koude Oorlog begonnen, we werden lid van het westelijk bondgenootschap, het was voorgoed gedaan met de Nederlandse neutraliteit.

Er is nog altijd een school van historici die de oorlog als een lang en verschrikkelijk incident ziet, waarna de vaderlandse geschiedenis op dezelfde voet werd voortgezet. Dat geldt voor de generaties die voor 10 mei 1940 volwassen waren, de bestuurlijke elite met aanhang. Voor de jongeren die in de oorlog volwassen zijn geworden, is de oorlog een breuk die pas zichtbaar werd toen ze zelf wat te vertellen kregen. Eerst in de literatuur en de schilderkunst, toen ook in de politiek en aan de universiteiten. Een nieuw tijdvak in de vaderlandse geschiedenis was zichtbaar geworden. Maar het was al veel eerder begonnen: op 10 mei 1940. Daarom ben ik van mening dat we deze datum tot een dag van nationale herdenking moeten bevorderen. En nu komt de eerste generatie die na de val van de Berlijnse Muur is geboren. Opgevoed in de Roaring Nineties en na 9/11. Weer breekt een nieuw tijdvak aan.