Rintje Opera

Vanmiddag gaat Rintje met zijn oma naar het theater in de stad. ‘We gaan naar een opera’, zegt oma.

‘Wat is dat?’ vraagt Rintje.

‘Een opera is een gezongen verhaal’, zegt oma. ‘De mensen op het toneel praten niet maar zingen het verhaal.’

‘Spannend’, zegt Rintje. ‘Dus als wij nu niet meer praten met elkaar maar alles gaan zingen , dan maken we ook een opera!’

‘Dat klopt’, zegt oma lachend. ‘En dan noemen we onze opera Rintje en oma.’ Met de tram gaan ze naar de stad. Als ze bij een groot gebouw zijn dat lijkt op een kasteel stappen ze uit. ‘Kijk’, zegt oma. ‘Aan de voorkant van het theater hangt al een grote foto van de beroemde operazangeres Loezewieza Hazewindus. Ze is de allerberoemdste sopraan van het land!’

‘Wat is een sopraan?’ vraagt Rintje. ‘Is dat haar hondensoort?’

‘Nee’, zegt oma. ‘Dat is een naam voor haar zangstem. Als je een sopraan bent kun je heel erg hoog zingen, het allerhoogste van iedereen.’

Alles in het theater is mooi. De zaal lijkt wel van goud en boven aan het plafond hangt een grote lamp helemaal van glas met wel honderd kaarsjes. Nu gaan de lichten langzaam uit. ‘Het gaat beginnen’, fluistert oma. ‘Veel plezier!’

Eerst is er een koor met een heleboel honden. Maar dan komt het grote moment. Loezewieza Hazewindus komt het toneel op. In de zaal wordt het muisstil. Het orkest begint en dan gaat Loezewieza zingen. Zo iets moois heeft Rintje nog nooit gehoord. Loezewieza zingt een droevig lied. Dat kun je horen aan de muziek en ook zie je het aan haar gezicht. Ze zingt heel hoog maar ze gaat alsmaar hoger en hoger en hoger. Zo hoog dat het bijna pijn doet aan je oren.

Als het lied klaar is blijft het eerst even stil in de zaal, maar dan barst er een applaus los en iedereen roept ‘Bravo! Bravo!’ en ‘Bis, Bis!’ ‘Wat bedoelen ze daarmee?’ vraagt Rintje. ‘Ze willen graag dat Loezewieza het lied nog een keer zingt’, zegt oma. De honden in de zaal krijgen hun zin, want Loezewieza legt haar poot op haar lippen om te zeggen dat iedereen weer stil moet zijn en dan zingt ze haar prachtige lied nog een keer.

Als ze haar applaus voor de tweede keer in ontvangst heeft genomen is het pauze.

‘Tijd voor iets lekkers’, zegt oma. ‘Een lekker rookworstje of een kluifje!’ In de tram terug zingen ze samen het lied van Loezewieza Hazewindus. Maar even later is het stil en hoort oma alleen haar eigen stem. Rintje is in slaap gevallen.