Hoe het 'linkse gedram' verdween uit de Volkskrant

De Volkskrant is reeds lang niet meer de ‘bevriende boodschapper’ van links. Maar die verandering ging gepaard met veel strijd, blijkt uit een kroniek sinds 1980.

Altijd weer die Volkskrant. Veel chagrijn, afgelopen dinsdagmorgen bij Tweede Kamerleden van de PvdA. Op de voorpagina van de krant stond forse kritiek van partijvoorzitter Lilianne Ploumen op PvdA-fractievoorzitter Job Cohen. Irritatie was er niet alleen over Ploumen, maar ook over de Volkskrant die de zaak wel erg „zwaar had aangezet”. De boodschapper die wordt verward met de boodschap; het is een bekend verschijnsel, als sprake is van onwelgevallige berichtgeving. En al helemaal als het om een ‘bevriende’ boodschapper gaat.

Hoewel? Is de Volkskrant nog wel zo bevriend met de PvdA? Zoals politici te maken hebben met beeldvorming hebben kranten dat ook. Nog altijd achtervolgt de Volkskrant het imago van een linkse, aan de PvdA en vakbeweging gelieerde, zuur getoonzette krant. De werkelijkheid is reeds lang een andere. Niet alleen uiterlijk maar ook inhoudelijk en qua mentaliteit is de krant radicaal anders dan dertig jaar geleden.

Soepel is die verandering niet verlopen. Integendeel. Hoe moeilijk het is een redactie die in belangrijke mate bestaat uit ideologen dan wel onbuigzame individuen te ‘ontideologiseren’ staat beschreven in het ‘Dag in, dag uit, een journalistieke geschiedenis van de Volkskrant vanaf 1980’ van Annet Mooij. Het boek verscheen dit weekend naar aanleiding van het negentigjarig bestaan van de krant.

De „geschiedenis van binnenuit” is gebaseerd op ongeïnventariseerd archiefmateriaal dat in 33 verhuisdozen in de kelders van het oude Volkskrantgebouw aan de Amsterdamse Wibautstraat lag opgeslagen en gesprekken met (oud) redacteuren. Voor in journalistiek geïnteresseerden heeft Mooijs speurtocht een boeiend verhaal opgeleverd met vaak hilarische taferelen van volledig autonoom opererende deelredacties maar ook somber stemmende voorbeelden van elkaar op leven en dood bestrijdende kampen. „Vriendelijk of gemoedelijk was de redactiecultuur zeker niet, eerder hard en uitdagend. Ze schiep een omgeving waarin de goed gebekte man als soort het best gedijde”, schrijft Mooij. Hierbij was weerstand tegen de hoofdredactie een wezenlijk bestanddeel van de redactiecultuur. Het dominante deel van de redactie was „in principe tegen de leiding”. Voor de krant was deze cultuur overigens niet altijd negatief. Mooij: „Redactioneel geklaag en journalistiek succes vloeiden deels voort uit dezelfde bron.”

Vanaf eind jaren zeventig probeerde de hoofdredactie van de krant die tot 1965 ‘dagblad voor katholiek Nederland’ als ondertitel droeg, de luiken open te gooien. Dat werd in 1979 zichtbaar met de aanstelling van Jan Blokker (ex-Algemeen Handelsblad, ex-VPRO) als adjunct-hoofdredacteur. De vorig jaar overleden Blokker zegt in het boek dat zijn doel was „het linkse gedram eruit zien te krijgen”. Wat hij met dat gedram bedoelde? „Die rare typische oud-katholieke linksigheid die op tal van plaatsen in de krant de kop opstak: in de onkritische behandeling van alternatieve leefwijzen, de reflexmatige toejuiching van alles wat zich bevrijdingsbeweging noemde, de verregaande vereenzelviging met de PvdA in de landelijke politiek.”

Drie jaar later kreeg Blokker met de uit de redactie afkomstige Harry Lockefeer als hoofdredacteur een geestverwant in de leiding. In de nota ‘Kwaliteit tegen de verdrukking in’, waarmee Lockefeer naar de functie solliciteerde, schreef hij dat journalisten niet „zodanig de schoolmeester moeten gaan uithangen dat ze gaan staan tussen het gebeuren en de lezer die zelf ook kan denken”.

De redactie was goeddeels rijp voor verandering. De ontideologisering die zich overal in de maatschappij voordeed ging niet voorbij aan de Volkskrant. Bovendien was het personeelsbeleid van Lockefeer gericht op het aantrekken van minder vooringenomen mensen. De krant maakte „een ruk naar rechts”, constateerde de teleurgestelde politiek commentator Jan Joost Lindner toen hij in 1994 zijn functie neerlegde.

Op hun beurt klaagden ook de representanten van de nieuwe generatie bij de hoofdredactie. Zij misten visie. Op de redactie heersten „vrijblijvendheid, apathie en malaise en zelfs lamlendigheid” stelde een willekeurig samengestelde groep van tien redacteuren tijdens een plenaire redactievergadering. Eén van de verontruste redacteuren, Pieter Broertjes, trad in 1991 toe tot de hoofdredactie om vier jaar later zelf hoofdredacteur te worden.

Bij de eeuwwisseling kon Broertjes vaststellen dat de krant minder ‘zelfgenoegzaam’ en ‘zuur’ was geworden. Maar hij kreeg wel te maken met een voor de Volkskrant nieuw fenomeen: een drastische daling van de oplage; iets dat nagenoeg alle dagbladen overkwam. Tegelijk was er sprake van een ongekende daling van advertentie-inkomsten. Vanuit de hoofdredactie werd met oneindig veel plannen getracht het tij te keren. Multimediaal was het nieuwe toverwoord. Ook was er het idee om voortbordurend op het succes van het door concurrent NRC Handelsblad gelanceerde nrc.next een gratis krant voor jongeren te beginnen. De redactie zag het met toenemende scepsis aan. „Je kunt je zelf ook kapot vernieuwen”, luidde het verwijt tijdens één van de vele discussies. Belangrijk leider van het verzet: Philippe Remarque, de man die in 2010 hoofdredacteur werd. De hoofdredactionele opvolging vertoont een constante.

En nu? Is de emancipatie van de Volkskrant dan eindelijk voltooid? Bij monde van de nieuwe leider beschouwt de Volkskrant zich als een krant die „zaken van alle kanten en zonder vooringenomenheid belicht”. In een ‘ten geleide’ naar aanleiding van het jubileum schreef hij afgelopen zaterdag: „We zijn nieuwsgierig en open, zonder kapsones en zonder misplaatste eerbied tegenover welke autoriteit, politieke stroming of koning dan ook”. Die zin lijkt opmerkelijk veel op een zin uit het eerste hoofdartikel van NRC Handelsblad: „Daarom geldt ons wantrouwen in beginsel iedere collectiviteit: hetzij staat, partij of voetbalclub.’’ Er is één verschil: dat stuk werd 41 jaar eerder geschreven.

Dag in, dag uit. Een journalistieke geschiedenis van de Volkskrant vanaf 1980. Auteur Annet Mooij. De Bezige Bij, 368 pagina’s, € 19,90.