Eigen 'stukje' Concertgebouw

Het Concertgebouw (binnenkort 125 jaar) geeft jubileumaandelen uit. Wie kopen die en waarom? Gesprek met twee nieuwe aandeelhouders.

Amsterdam 29-9-2011 Jolien Schuerveld directeur van Het Concertgebouw Fonds en Allard van Oostveen Foto NRC H'Blad Maurice Boyer

Of ze in de krant ‘mevrouw Viëtor’ mag heten, want ze is al bijna zeventig en ze wil niet al te herkenbaar zijn. Bovendien is ze van huis uit remonstrants. Bij de waarden die zij heeft meegekregen horen matigheid en bescheidenheid. Niet dat je jezelf op de borst slaat en roept: kijk mij eens, ik heb geld geschonken aan het Concertgebouw. Ze heeft het gedaan, ja, maar niemand hoeft dat te weten. Dat ze het toch vertelt, is alleen omdat ze hoopt dat ze andere mensen op een idee brengt.

Een vriendelijk huis aan de goedkope – nou ja, minder dure – kant van het Vondelpark, daar woont ze. Late zomerbloeiers tegen de gevel, ze heeft er een rijtje stoeptegels voor weggehaald. Nee, ga liever niet aan die kant van de tafel zitten, dan kijk je zo in de keuken. Vanaf deze kant heb je uitzicht op de piano en het wandkleed. Ja, prachtig hè. Het stelt haar ouderlijk huis voor, met daaromheen de zes meisjes uit het gezin, fietsend, schommelend. Gemaakt door een naaldkunstenares, in 1956.

Thuis hadden ze ook een piano. En zij, mevrouw Viëtor, zong. Schubert, Schumann. Helaas heeft ze altijd te weinig geoefend. In een volgend leven, haha, wordt ze zangeres. Maar in dit leven was ze lerares Engels. Waarmee wel duidelijk zal zijn dat zij niet tot de toprijken van Nederland behoort. Dat ze dat bedrag heeft kunnen weggeven, dat is omdat ze onverwachts een kleine erfenis kreeg.

Zeker, ze had er ook een nieuwe televisie van kunnen kopen, want die daar bij de bank staat, die is, nu je het zegt, best ouderwets. Maar waarom zou ze? Liever leest ze een boek. Of gaat ze naar het Concertgebouw. Veertig jaar heeft ze al een abonnement op de vocale serie in de Kleine Zaal en soms gaat ze naar een concert in de Grote Zaal, al heeft dat niet haar voorkeur. Daar is het toch meer: zien en gezien worden.

Moest ze naar dat onbewoonde eiland, dan nam ze Bach mee, alles van Bach, maar in elk geval Ich habe genug. Luister naar die prachtige melodie. Ich há-be ge-núg... Ze heeft een romantische aard, ja. Is nu voldoende duidelijk wat haar band met het Concertgebouw is? Ze geeft ook geld voor zielige grassprieten en nare ziektebeelden, maar het Concertgebouw – dat is anders. Daar ligt haar hart. Cultuur, dat wil ze graag nog zeggen, is ook emancipatoir. Ze heeft het op school gezien bij haar Turkse leerlingen, hoe ze veranderden als ze gingen lezen en naar muziek gingen luisteren.