Eigen ‘stukje’ Concertgebouw

Het Concertgebouw (binnenkort 125 jaar) geeft jubileumaandelen uit. Wie kopen die en waarom? Gesprek met twee nieuwe aandeelhouders.

Mahler, ja. Chopin, ook. En dan het liefst gespeeld door zijn vader. Die kon dat zo mooi, daar denkt hij nog vaak met weemoed aan terug. Maar zíjn muziek, de muziek van Allard van Oostveen, samen met zijn broer eigenaar/directeur van het familiebedrijf Koninklijke Kampert en Helm Rotaform B.V., dat is eerlijk gezegd Neil Young.

Waarom dan geld geven aan het Concertgebouw? Om die vraag te beantwoorden moet hij wat meer vertellen over hoe hij is opgegroeid. Een warm, liefdevol gezin. Vrij. Hij hoefde niets. Dus eindeloos lang student geweest, en om dat te rechtvaardigen drie keer afgestudeerd. Filosofie, wiskunde & informatica, en andragogie. Hij had altijd een romantisch idee van studeren gehad, Brideshead Revisited: met de hoogleraar door het gras wandelen en over de wereld praten. Dat vond hij bij andragogie. Zijn vader moet teleurgesteld in hem zijn geweest, want wie studeert dat nou? Hij was aardig genoeg om het hem niet te laten merken.

Zijn eerste vriendinnetje studeerde musicologie. Ze had een baantje in het Concertgebouw. Kon hij gratis naar concerten – wachten tot het begon en dan kijken welke stoelen er nog leeg waren – en in die tijd leerde hij klassieke muziek echt te waarderen. Andere belangrijke ervaring: het concert dat Beatrix gaf ter gelegenheid van haar zestigste verjaardag, in 1998. De familie Van Oostveen was uitgenodigd omdat het bedrijf kort daarvoor, bij het 125-jarig jubileum, koninklijk was geworden.

Het jaar daarna overleed zijn moeder. Laatst vond hij een bonnetje van een boek, met daaraan een briefje vastgeniet: gekregen van Johan voor vier jaar niet roken. Johan, dat was zijn vader. Was zijn moeder er maar eerder mee gestopt, dan had ze misschien nog geleefd. Zijn vader was na haar dood to-taal van de wereld. Hij zelf trouwens ook. Voor die tijd kwam de hele familie elk weekend naar huis om met elkaar te eten. Daarna was dat in één keer afgelopen. Zijn vader verdroeg het niet meer.

Wel heeft hij toen voor zijn kinderen een abonnement op het Concertgebouworkest gekocht. Voor de kleinkinderen kocht hij kaartjes voor de kinderconcerten. En dan ging hij mee. Eerst hier bij Allard van Oostveen thuis verzamelen, want hij woont het dichtst bij het Concertgebouw. En dan met z’n allen daarheen. Zo hebben ze de afgelopen twaalf jaar met elkaar ontzettend veel muziek gehoord.

Zijn vader is vorig jaar augustus overleden. In Vrij Nederland stond een necrologie. Johan van Oostveen, succesvol ondernemer, in zijn jonge jaren een ‘verontruste VU-student’, die met zijn vrienden samen de Bijbel bestudeerde en de wereld probeerde te verbeteren. Allard van Oostveen mist hem nog elke dag. Niet om de gesprekken die ze voerden, want dat deden ze niet eens zo veel. Meer: waar doe ik het allemaal voor als ik het toch niet aan hem kan vertellen.

Die verbondenheid met zijn vader, om daar vorm aan te geven, daarom heeft hij dat aandeel gekocht. Om zijn vader, en om de parel die het Concertgebouw is.