Blijven bikkelen en heel snel Italiaans leren

Eljero Elia is blij even bij het Nederlands elftal te zijn. De buitenspeler wil speeltijd bij zijn nieuwe club Juventus. „Ik denk niet dat de Italiaanse competitie bij me past.”

Juventus' Eljero Elia, the Netherlands, right, is chased by Catania's Pablo Sebastian Alvarez, of Argentina, during a Serie A soccer match between Juventus and Catania, at Catania's Angelo Massimino Stadium, Italy, Sunday, Sept. 25, 2011. (AP Photo/Jonathan Moscrop, LaPresse) ITALY OUT AP

Eljero Elia voelt zich nog niet op zijn gemak in Turijn, maar weet hoe het hoort bij Juventus, blijkt bij een vraag over de 27 landstitels. „Negenentwintig”, verbetert de 24-jarige buitenspeler gelijk. „Twee hebben ze afgenomen na schandalen. Maar wie van Juventus is en wordt gevraagd hoe vaak de club landskampioen is geworden, zegt altijd negenentwintig. De spelers hebben het toch echt gedaan op het veld, dat is niet meer af te pakken.”

De Oude Dame, beste club van Europa in 1985 en 1996, is getekend door het omkoopschandaal Calciopoli, waarbij scheidsrechters werden betaald om wedstrijden te beïnvloeden. Juventus werd in 2006 teruggezet naar de Serie B en moest twee landstitels afstaan aan Internazionale. Algemeen directeur Luciano Moggi, spil in de affaire en ook gestraft voor manipulatie van de Italiaanse transfermarkt, en andere bestuurders traden af en werden veroordeeld.

Zonder de vertrokken sterspelers Lilian Thuram, Patrick Vieira, Zlatan Ibrahimovic en de wereldkampioenen Fabio Cannavaro en Gianluca Zambrotta wist Juventus meteen naar de Serie A te promoveren. FIAT-familie Agnelli investeerde in de seizoenen daarop tientallen miljoenen voor de terugkeer naar de Europese top. Vorige maand betrok de club het nieuwe stadion, dat 41.000 zitplaatsen heeft.

Elia maakte deze zomer voor 10 miljoen euro de transfer van Hamburger Spiel Verein naar Juventus. Italië was niet zijn eerste keuze. „Ik wilde het liefst naar Engeland, waar ook veel interesse voor me was”, vertelt hij deze woensdagmiddag in Huis ter Duin, waar het Nederlands elftal verblijft ter voorbereiding op de EK-kwalificatiewedstrijd van morgen tegen Moldavië. „Maar de clubs wilden alleen huren, omdat ze de vraagprijs van HSV niet konden betalen. Optie twee was Italië en ik ben nu gelukkig met Juventus.”

De buitenspeler met Surinaamse roots was gewaarschuwd voor de lege, betonnen stadions en het racisme van de supporters. Het is hem meegevallen. „Waar Juventus komt, zijn de stadions vol. In Nederland kent iedereen AC Milan en Internazionale, maar ik ben bij een van de grootste clubs ter wereld terechtgekomen. We hebben een ongelofelijke fanbase. In hotels heb ik Zweden ontmoet die voor één wedstrijd naar Italië kwamen. Of sjeiks uit Dubai die je het liefst een dagje zouden meenemen en weer terugbrengen.”

Nu hij zijn hanenkam heeft ingeruild voor een korter kapsel, kan hij makkelijker over straat in Turijn, maar nog steeds wordt hij aangeklampt als supporters hem herkennen. „Een profvoetballer is hier een god, heel anders dan in Duitsland. Supporters willen een foto en een handtekening, beginnen te zingen en liggen zelfs voor mijn auto. Leuk, maar ik ben blij dat ik een villa heb gekocht in Moncalieri, in een rustige omgeving. Met een eigen thuis wen ik het snelst.”

De verdedigende speelstijl vergt meer aanpassing, vertelt Elia. „Ik denk niet dat de competitie bij me past, maar daar kan ik aan werken. Hier is het meer vechten, terwijl ik houd van de actie. In Italië kun je zo tien minuten de bal niet krijgen en moet je ineens kunnen toeslaan. Dus moet je nog geconcentreerder zijn. Ook is het verschil tussen thuis- en uitwedstrijden groot. In eigen stadion krijgen we veel meer ruimte, omdat tegenstanders compacter spelen. Ik krijg dan de kans me meer aanvallend te laten zien.”

Trainer Antonio Conte hield Elia vooral op de reservebank bij de eerste wedstrijden. Ook bij de thuiszege afgelopen weekend op AC Milan mocht hij niet invallen, maar zorgen maakt hij zich niet. „Ik denk niet dat een club tien miljoen euro neertelt voor een speler die alleen op de bank zit. Het is een kwestie van aanpassen en blijven bikkelen op de trainingen. De trainer spreekt geen Engels en ik ken alleen de basis van het Italiaans. Ik kan mijn emoties nog niet tonen, dat is lastig via een tolk. Maar ik krijg een leraar die me vanuit het Nederlands helpt in plaats vanuit het Engels. Dan leer ik de taal sneller.”

Elia is blij dat hij even in eigen land is: voor de taal, het eten en Oranje. „Het voetbal van het Nederlands elftal is mijn ideale plaatje. Bij Juventus spelen we ook zo, maar het niveau ligt lager. Mark [van Bommel] had gelijk toen hij zei dat we in elke clubcompetitie de landstitel zouden winnen. Het WK is voor mij nog steeds een ongelofelijke ervaring. Ik laat binnenkort op mijn hand een tatoeage zetten met de datum van de finale tegen Spanje. Het is een mooie herinnering, al is het de enige interland die ik heb verloren.”