‘Nederlands beleid voor energiebesparing blijft achter’

Het Nederlandse beleid om energie te besparen blijft al sinds 1995 achter bij de gestelde doelen. Dat komt omdat niet alle maatregelen worden uitgevoerd, blijkt uit een vanmiddag gepubliceerd rapport van de Algemene Rekenkamer. De rekenkamer zet ook vraagtekens bij het beleid van het huidige kabinet, meldt persbureau Novum.

De rekenkamer concludeert ook dat Europees beleid het Nederlands beleid vaak tegenwerkt. Zo zorgt de invoering van de CO2-emissiehandel ervoor, dat in Europa juist meer CO2-uitstoot plaatsvindt. Nederlandse bedrijven die met belastinggeld hun uitstoot verminderden, hebben door deze handel namelijk hun emissierechten kunnen verkopen aan milieuonvriendelijke bedrijven in Europa. “Dus die CO2 die de Nederlandse bedrijven niet uitstoten, wordt hierdoor vroeg of laat elders in Europa wel uitgestoten”, legt een woordvoerder uit.

In energiesector sinds 1995 te weinig energie bespaard

De rekenkamer heeft bij haar onderzoek speciale aandacht gegeven op het beleid rond energie-intensieve industrie. In die sector is sinds 1995 te weinig energie bespaard. Dat komt volgens de onderzoekers doordat ingestelde instrumenten later weer werden afgezwakt.

Voorbeeld is een convenant waarbij overheid en de intensieve industrie hadden afgesproken energie te besparen. Hiervoor kregen zij een vrijstelling op energiebelasting. Het kabinet liet vervolgens het convenant wel los, maar draaide het belastingvoordeel niet terug, schrijft de rekenkamer.

Rekenkamer vraagt kabinet effecten nieuwe beleid duidelijk te maken

Minister van Economische Zaken Verhagen heeft opnieuw een dergelijk convenant ondertekend. Het huidige kabinet verwacht hiermee het doel om twintig procent minder CO2 in 2020 te halen. De rekenkamer zet hier echter vraagtekens bij, aangezien Verhagen zich baseert op onderzoeken waarin veel voorbehouden zouden staan. “De minister is erg optimistisch, wij zijn er wat voorzichtiger in.”

Milieumaatregelen (moet energiebesparing zijn) vallen nu onder veel ministeries. De Tweede Kamer kan hierdoor maar moeilijk controleren wat de effecten zijn. De rekenkamer vraagt het kabinet om in een rapport duidelijk te maken wat de effecten zijn van het nieuwe beleid.