Is 'n kogelvrij vest straks verleden tijd?

Samen met wetenschappers ontwikkelde bio-artist Jalila Essaïdi kogelwerende huid.

Nou ja, bijna kogelwerend dan. Maar waarom doet een kunstenaar dat?

De droom om een kogelwerende huid te maken is al bijna een eeuw oud. In 1915 kwam amateur-uitvinder Perry Terry op het idee om de menselijke huid ‘hard’ te maken om zo kogels tegen te houden. Hij ontwikkelde een kogelwerende zalf die hij vervolgens op zijn eigen wang smeerde. Terry vuurde drie kogels af. In eerste instantie voelde hij niets, maar toen zag hij het bloed langs zijn kaak lopen. Uit schaamte voor het mislukte experiment schoot hij zich door het hoofd. De receptuur van de zalf ging voor altijd verloren.

Dit jaar volgde kunstenaar Jalila Essaïdi in Terrys voetsporen. Samen met wetenschappers ontwikkelde zij een kogelwerende huid. De huid is gemaakt van spinnenzijde, zeer sterk materiaal, gecombineerd met gekweekte menselijke huid uit een laboratorium. Was zij meer succesvol dan Terry? Essaïdi: „Ja, het is ons gedeeltelijk gelukt. De huid voldoet niet aan de standaarden waaraan een kogelvrij vest moet voldoen. Zo’n vest moet een kogel van 2.6 gram met een snelheid van 329 meter per seconde kunnen tegenhouden. Wij probeerden dat ook, maar met die snelheid ging de kogel dwars door de huid. Met een kaliber .22 kogel lukte het wel. Ook omdat we de afvuursnelheid hebben verlaagd. Een gewone huid werd doorboord met die kogel maar onze gemanipuleerde huid niet.”

De dertigjarige Nederlandse, met Egyptische ouders, is bio-kunstenaar. Bio-kunst is een jonge stroming in de beeldende kunst. Aan de kunstwerken liggen wetenschappelijke technieken ten grondslag zoals genetische manipulatie, weefsel kweken en klonen. Ook het werken met insecten, zoogdieren en bacteriën vallen hieronder. Op Essaïdis website zijn experimenten met bijen te zien. Ze hield zich intensief met imkeren bezig voor deze kunstwerken. Met haar idee voor de kogelwerende huid won ze de Designers & Artists 4 Genomics Award en ontving 25.000 euro.

Essaïdi gelooft in interdisciplinaire samenwerking: „De hedendaagse kunstenaar zit niet meer in zijn hutje op de hei, maar werkt samen en brengt mensen uit verschillende vakgebieden bij elkaar.”

„Met mensen van het Forensisch Instituut had ik intense gesprekken over het waarom van het project”, vertelt ze. „Ik wilde aantonen dat veiligheid een relatief begrip is. Zij streven juist naar veiligheid, maar dat heeft altijd iets paradoxaals: een veiligheidsriem in de auto garandeert ook niet dat je een ongeluk overleeft.”

Om de huid te testen vond een schietproef plaats bij het Forensisch Instituut. Er werd geschoten op biggenhuid, menselijke huid en de huid die versterkt was met spinnenzijde. Essaïdi kan helaas zelf niet schieten. „Bij het Forensisch Instituut was alles heel gecontroleerd”, vertelt ze. „We stonden een paar meter van de proef af. Maar ik mocht wel het geweer even vasthouden.”

In de nabije toekomst zal de gemanipuleerde huid geïmplanteerd worden bij een mens. Er stelde zich een Belg beschikbaar en niet de eerste de beste: kunstverzamelaar Geert Verbeke, van de Verbeke Foundation. De Verbeke Foundation bezit 12 hectare grond waar hedendaagse kunst te zien is. Verbeke is niet bang voor de ingreep. „Ik ken Jalila al een aantal jaar, ze exposeerde bij ons en ik volg haar werk. Ik heb mijn linker bovenarm beschikbaar gesteld, dan heb ik het kunstwerk altijd bij me. Op het gebied van schilderen en beeldhouwen is het moeilijk nog iets innovatiefs te doen. Kunstenaars kiezen nieuwe materialen, daar hoort ‘levend’ materiaal ook bij. Als liefhebber van kunst en wetenschap, stel ik me graag beschikbaar.” Het implantaat is flexibel en de zijde is bio-afbreekbaar. Dat betekent dat het kunstwerk in de arm van Verbeke langzaam zal oplossen.

Essaïdi werd geholpen door wetenschapper Randy Lewis, een zijde-expert van de Utah State University. Lewis houdt zich bezig met het maken van spinnenzijde, dat in de natuur zeldzaam is. Om toch grote hoeveelheden te verkrijgen, worden geiten genetisch gemanipuleerd. Uit melk van deze geiten wordt vervolgens transgeen spinnenzijde gemaakt. Spinnenzijde is zeer sterk en licht, handig voor onder andere parachutes, zeilen en touwen.

Lewis stuurde een kleine hoeveelheid spinnenzijde op naar Essaïdi. En Essaïdi vond een bedrijf in Duitsland dat de zijde, dunner dan babyhaar, tot een netje weefde. Ook Kevlar, synthetisch kogelwerend materiaal, is fijn geweven: het moet namelijk kunnen ‘meebewegen’. Op het netje werd menselijke huid gekweekt door het Leids Universitair Medisch Centrum.

Het lukte Essaïdi dus om allerlei wetenschappers mee te laten werken aan haar kunstproject. „Voor hen is het ook een experiment. Menselijke huid combineren met spinnenzijde was niet eerder uitgeprobeerd. Het procedé zou ook voor andere doelen kunnen worden gebruikt, bijvoorbeeld voor brandwonden. Het schijnt ook zo te zijn dat mensen over het algemeen niet direct aan de verwonding van een inslaande kogel sterven, maar aan de infecties die de kogel, in het lichaam, veroorzaakt. Als de kogel niet in de huid kan dringen en daardoor open wonden voorkomt, is dat ook iets wat de medische wereld kan helpen. Zo hebben kunst en wetenschap nog wat aan elkaar.”

„Door ideeën die op het eerste gezicht misschien onzinnig lijken te realiseren, rek je de grenzen van wat mogelijk is op”, zegt Essaïdi. „Ik wil dat mijn werk aanzet tot discussie over sociale, politieke en ethische kwesties en dat is gebeurd. Dat de huid niet volledig kogelwerend is, maakt het experiment niet minder geslaagd.”

De kogelwerende huid is te zien in het Natuurhistorisch Museum Naturalis in Leiden. Daar staat een CO2-kast, een broedstoof, waarin een piepklein lapje spinnenzijde-huid te zien is door een raampje.

expositie

Designers & Artists 4 Genomics

T/m 8 jan. in Naturalis, Leiden. www.naturalis.nl en www.jalilaessaidi.com

    • Ine Poppe