Ook Podium en Opium buigen voor volkssmaak

De pianist die op een bakfiets gezeten de aria Una furtiva lagrima begeleidde, rijdend over het Waterlooplein, vatte de kwestie pregnant samen: „Opera is niet meer de volkskunst die het ooit geweest is.”

Toch waren de jubileumfestiviteiten rond een kwart eeuw Muziektheater duidelijk gericht op het heroveren van de straat, zo bleek uit een thematische uitzending van de rubriek Podium (NTR). Die begon met archiefbeelden uit 1986 van de protestbeweging tegen de komst van wat in de Amsterdamse volksmond de Stopera werd genoemd. De woede tegen het prestigeproject van stadhuis en opera verstomde snel, toen duidelijk werd wat voor mooi en open gebouw het was geworden. Vol trots haalde architect Cees Dam alsnog zijn gelijk, terwijl hij in het heden met presentator Dieuwertje Blok door de foyer wandelde.

Het thuishonk voor dans- en operaproducties van wereldformaat kampt nu met weerstand van een iets ander karakter. De door Lotte de Beer geregisseerde feestvoorstelling plaatst Verdi’s Aïda in een Koninginnedag vierend Amsterdam, met Sinterklaas, veel Delfts blauw, een Waar de blanke top der duinen zingend gospelkoor en een als Oranjesupporter verklede Radames. Met andere woorden: de topcultuur verhoudt zich met de parafernalia van de nieuwe volkswoede, die nationalistisch en anticultureel van aard is.

Zo stond ook Podium, het laatste televisiebolwerk van serieuze muziek en dans (dus geprogrammeerd op zondagmiddag met een herhaling op maandagnacht), deels in het teken van angst voor onbegrip door de massa. Natuurlijk was er ook aandacht voor wat de Nederlandse Opera onder Pierre Audi en het Nationale Ballet daar de afgelopen 25 jaar allemaal voor moois tot stand hebben gebracht, zoals je ook nog wel eens een verdwaalde componist, schilder of choreograaf kunt tegenkomen in de andere culturele rubrieken van de publieke omroep. Er bestaat bij Kunststof TV (NTR) en Opium (AVRO) een neiging om minimaal de helft van de zendtijd te besteden aan ‘toegankelijke’ cultuur: cabaret, film, lichte muziek en andere televisie.

Opium is sinds zaterdag vernieuwd en vermijdt nu het beoordelen van kunstuitingen door makers onder elkaar. De discussies aan tafel zijn vervangen door een potpourri aan ultrakorte signalementen. Het moet vooral gezellig zijn rond presentator Cornald Maas, want het is zaterdagavond. Dat wil zeggen: de opnamen vinden al op donderdag plaats, in tegenstelling tot wat de titel Opium Night Live doet vermoeden. Dat verklaart ook waarom in dit ‘live’ programma geen woord werd gewijd aan het vrijdag bekend geworden overlijden van Hella Haasse.

Doe mij maar de soms wat droge benadering van Podium, waarin nog wel eens een concert van voor naar achter te bekijken en te beluisteren valt, of waarin een documentaire opduikt, zoals laatst met pas hervonden beelden van repetities van het Nationale Ballet met Rudolf Nureyev uit 1968.