De voorzitter wil op tijd weg zijn. Of is er toch meer?

Lilianne Ploumen is voorzitter in een tijd dat iedereen wil dat alles verandert. Inclusief het leiderschap van de partij. De druk is dan wel erg hoog.

Den Haag : 4 oktober 2011 PvdA-voorzitter Ploumen bij aankomst bij de Tweede Kamer voor de wekelijkse fractievergadering. foto © Roel Rozenburg

September 2007. Buiten de partij had niemand van haar gehoord. Binnen de partij was dat niet heel anders. Maar wilde je als lid niet dat de nieuwe partijvoorzitter Jan Pronk zou heten, dan kon je op Lilianne Ploumen stemmen.

En ze won. Al waren daar wel zes stemrondes voor nodig.

Op 21 januari 2012 kunnen PvdA’ers opnieuw een voorzitter verkiezen. Gisteravond kondigde Ploumen (spreek uit: Ploemen) haar vertrek aan. Vier jaar is mooi geweest, zegt ze. Bovendien moet een voorzitter zijn ingewerkt voor de komende Europese en gemeenteraadverkiezingen. Dus moet ze, vindt ze zelf, op tijd weg zijn.

Mensen uit haar directe omgeving verstrekken meer duidelijkheid over haar afwegingen. Het ontbreken van een lijsttrekkersverkiezing is daar een belangrijke van.

Bij haar campagne voor het voorzitterschap had Ploumen de leden meer invloed beloofd. Nu zegt ze, in een afscheidsinterview in De Volkskrant, dat PvdA-leider Job Cohen bij de komende Kamerverkiezingen niet automatisch weer lijsttrekker is. Een volgende keer zullen er tegenkandidaten moeten zijn. En: de leden beslissen.

Wat je hier vooral in moet lezen, zeggen vertrouwelingen van Ploumen: dat ze het zichzelf aanrekent dat Cohen in het voorjaar van 2010 niet door de leden is gekozen. Niet dat hij de verkeerde man was, helemaal niet, maar een partijvoorzitter moet er op toezien dat de procedure goed verloopt, met maximale inbreng van de leden. Cohens lijsttrekkerschap was bekokstoofd door een bijzonder klein groepje in de partijtop. De stem van de vertrekkende Wouter Bos woog daarin het zwaarst.

Daarnaast is Ploumen de afgelopen week geschrokken van de reacties op een bescheiden initiatief van enkele afdelingsvoorzitters. Zij willen eigen congressen organiseren om het progressieve gedachtengoed te „verfrissen”. Dat juicht Ploumen toe. Maar de wijze waarop het initiatief werd ontvangen, als ‘opstand’ tegen de partijleiding, trof haar. Kennelijk wil iedereen, binnen én buiten de PvdA, dat alles verandert, inclusief het leiderschap. De druk is hoog.

Publiekelijk heeft ze niets van deze redenen prijsgegeven. Wel verwijt ze Cohen dat hij zich te weinig bemoeit met discussies binnen de partij. Dat is opvallende kritiek, omdat partijvoorzitters – zeker bij de PvdA – doorgaans juist klagen over het gebrek aan armslag dat zij krijgen van de leider in Den Haag. Ploumens voorganger, Ruud Koole, beschreef in zijn boek Mensenwerk hoe hij voortdurend zijn macht moest bevechten op Wouter Bos. Die moest wel beseffen, aldus Koole, dat hij geen ‘partijleider’ was, maar slechts ‘politiek leider’. Dat betekende, meende Koole, dat Bos niet het hoogste woord hoorde te voeren over zaken die in eerste instantie de leden en de partij aangaan. Ook Ploumen heeft Bos meegemaakt als leider. Toen had Ploumen geen klachten. Nu wel.

Dat kan te maken hebben met de moeizame pogingen tot samenwerking van de linkse partijen. Ploumen was en is voorstander. Maar in haar pogingen iets bij te dragen aan links-progressieve coöperatie, bleek ze telkens alleen te staan – de Kamerfractie van de PvdA deed er niets aan.

Dit soort redenen voor haar vertrek laten onverlet dat Ploumen wel ergens trots op is. Ze noemt de aanscherping van de erecode voor bestuurders: PvdA’ers mogen niet meer verdienen dan de balkenendenorm. Het kwam haar op stevige interne kritiek te staan van enkele grootverdieners. Ook is ze trots op de partijbrede discussie die zij entameerde over integratie. Ook dat was niet eenvoudig: talloze invloedrijke leden meenden dat het niet de tijd was voor de partij om die discussie te voeren. Maar Ploumen hield vol. Haar weerwoord: het is nooit de tijd om zo’n discussie te voeren. Maar het moet wel. „Om ons gedachtengoed bij de tijd te houden.”

Pieter van Os