Begin er niet aan

Het leek zo’n onschuldige vraag. „Zullen we een potje Wordfeud spelen?” Ik had nee kunnen zeggen. Ik had gewoon een normaal leven kunnen leiden net als iedere andere Nederlander. Mopperen over de NS, het weer en die rare gedoogconstructie. Maar nee, het mocht niet zo zijn. „Ja hoor, is goed, dat is toch Scrabble via je mobiel?”

Ik had beter moeten weten. Ik ben het hele volwassen deel van mijn leven al bezig met het snappen, bediscussiëren en vooral spelen van spellen. Online en offline. Op bord of op het scherm. En dus had ik kunnen weten wat ervan komt als je een potje Scrabble speelt. Via de telefoon.

Het begon goed. Zoals een doorgewinterde gamer betaamt, begon ik een sterk staaltje psychologische oorlogsvoering om zo het zelfvertrouwen van mijn tegenstander te ondergraven. „Ik schrijf voor een krant, ik ken mijn Groene Boekje.” Mijn tegenstander was maar matig onder de indruk. Ik had mijn ondergang in de woordenstrijd toen al moeten aan zien komen.

Mijn grootste fout was het volgens het (woorden)boekje willen spelen. Want daar win je Wordfeud, het Scrabble op je mobiel, dus echt niet mee. Dan heb je een paar toppers op je plankje liggen en dan zegt dat vermaledijde woordenboek „Dit woord kennen we niet.” Je kan een iPad maar een keer tegen de muur gooien, ben ik achter gekomen.

Zombies kapot knallen, geen probleem. Met dodelijke precisie boze vogels op varkens mikken, ik heb overal drie sterren staan. En mijn boerderij in FarmVille boert beter dan die van al mijn vrienden.

Maar in de strijd om woorden delf ik diep het onderspit. Winnen doe je dus met rare woorden die geen enkele Nederlander zal herkennen. Quest, querulant, queeste. Mijn leven is veranderd. Ik ben de letters Q en de Y diep en diep gaan haten.

„He, David, jij bent toch goed in spelletjes?” Vriendinnen, schoonmoeders en collega’s die nog geen Xbox 360-controller vast kunnen houden, laten mij alle hoeken van het spelbord zien.

Hoppa, drie keer woordwaarde, twee keer letterwaarde, tachtig punten.

Wordfeud, echt. Begin er niet aan.

David Nieborg

In deze rubriek schrijven freelance journalist Niels ’t Hooft en gamewetenschapper David Nieborg over games.