Teleurgestelde 'revolutionair' houdt het bij commercieel B92 voor gezien

B92 was de luis in de pels van Milosevic. Maar de Servische zender is nu groot en commercieel. De oude garde is boos en stapt op. De ooit verguisde staatsomroep biedt een alternatief.

A B92 reporter and a sound engineer work in a Belgrade studio broadcasting their radio programme October 9. Serbian Deputy Prime Minister Vojislav Seselj has banned any retransmission of foreign news services and labelled B92 as an anti-Serb radio station. He has threatened all journalists who spread defeatist reports and thus "undermine" the country's defence force. IM/KM

Zender B92, een cult-icoon van Servië uit de jaren 90, loopt leeg. Gezichtsbepalende presentatoren verlaten de zender en maken de overstap naar de publieke omroep. Tien jaar geleden was dat nog de vijand. De stem van progressief en alternatief Servië is van dissidente rebellenzender een gewone commerciële zender geworden.

Radio en televisie B92 heeft een ijzersterke reputatie, tot ver over de grenzen van Servië. De omroep, begonnen als radiozender in 1989, was vanaf het begin onafhankelijk, progressief en anti-Milosevic. Het was de stem van een liberale urbane progressieve elite, in een land waar de meerderheid zich liet meezuigen in het overheersende nationalisme en conservatisme. Een bolwerk bovendien van eigenzinnige dj’s, wars van playlists en altijd op zoek naar de nieuwste en meest obscure platen. De bekendste dj noemde Belgrado ‘Zombietown’, B92 was er om mensen uit de apathie te wekken die oorlog en isolement teweegbrachten.

Autoriteiten hebben de zender in de jaren 90 meermalen uit de lucht gehaald of zelfs overgenomen, onder meer tijdens de NAVO-bombardementen op Servië en Kosovo in 1999. Met steun van onder meer XS4all in Nederland bleef het toch vrijwel continu mogelijk onafhankelijke berichten in Servië uit te zenden. Dankzij dat imago komt het nog af en toe voor dat een cameraploeg van B92 bij een nationalistische demonstratie een pak rammel oploopt.

Maar de tijd van undergroundberichtgeving, anarchie en subsidies is lang voorbij. B92 is uitgegroeid tot een grote commerciële radio- en tv-omroep, beter dan de meeste in Servië, dat wel. In 2010 werd de zender gekocht door een Griekse mediamagnaat, Minos Kyriakou, die in Servië ook Prva bezit, een andere grote commerciële zender.

Al langer was het modieus om te klagen dat B92 te commercieel was geworden, te veel op de lijn van de huidige regering of een fanclub van Novak Djokovic, ‘TV Nole’, naar de koosnaam van de tennisster. Maar sinds de overname komen de veranderingen in een stroomversnelling. Kopstukken van de oude garde uit de jaren negentig verlaten bij bosjes het station. Sommigen zwaar teleurgesteld en kwaad.

De schrijvers en presentatoren van het kritische radioprogramma Pescanik (Zandloper) zijn in juni om principiële redenen opgestapt. Aanleiding was het optreden van twee ultranationalisten in een live discussieprogramma. De twee relativeerden de genocide bij Srebrenica en kregen in de discussie met onder anderen een bekende mensenrechtenactivist ruimte om hun standpunten – en het verheerlijken van oorlogsmisdadigers – te beargumenteren.

Svetlana Lukic en Svetlana Vukovic van Pescanik eisten dat de nieuwe leiding van de zender excuses zou aanbieden aan de slachtoffers, maar die weigerde dat – volgens de verklaring van de twee presentatoren – onder het verweer dat B92 geen publieke dienst is, maar een commerciële omroep. Bij B92 blijven, concludeerden ze, zou gelijk staan aan „deelnemen aan een redactioneel beleid dat alles waartegen Pescanik al deze jaren heeft gevochten tolereert en in stand houdt.”

Tegelijk verandert Radio Televisie Servië (RTS) geleidelijk van een ouderwetse staatszender in een gewone publieke omroep. De nieuwe leiding van de omroep maakte eind mei officieel excuses voor de propaganda die RTS tot de val van Milosevic in oktober 2000 verspreidde. De managers verontschuldigden zich in het openbaar voor haatzaaien en discriminatie van mensen met andere meningen, de politieke oppositie, minderheden en burgers in buurlanden. Veel journalisten die bij B92 zijn gestopt, hebben inmiddels programma’s bij RTS. Die overstap zou in de jaren negentig gelijk hebben gestaan aan verraad. De regionale afdeling van RTS in de provincie Vojvodina groeit geleidelijk uit tot een nieuw bolwerk van B92’ers. Servische journalisten speculeren erover wanneer ook Veran Matic, oprichter en directeur, en de journalisten van het B92-onderzoeksprogramma Insajder vertrekken.

Het midden bestond in Servië lang niet. Je had nationalisten en anti-nationalisten. Je was links of rechts. Goed of fout. B92 was geen kanaal voor verslaggeving, het was een deelnemer aan een maatschappelijke strijd – zonder politieke agenda, maar het was duidelijk dat het een invloedrijk deel was van een kamp. De alternatieve en nieuwe muziek was de spiegel van die ziel, een open raam, het tegenovergestelde van de turbofolk – volksmuziek met housebeat – op de andere zenders.

Servië is minder gepolariseerd dan een paar jaar geleden. De jonge democratie streeft naar het lidmaatschap van de Europese Unie. Maar het onverwerkte oorlogsverleden speelt nog altijd een grote rol. Kritische commentatoren vragen zich af of er wel genoeg sterke journalisten in Servië overblijven om tegengas te geven aan het nog altijd sterke nationalisme.

B92-fans van het eerste uur doen het met oude opnames. Via internet ruilen ze bestanden met de legendarische nachtelijke uitzendingen van Radio Sismis (Radio Vleermuis). Naast de top-40 horen ze op B92 nog steeds eerder nieuwe platen dan elders geven ze toe, maar de tijden van Belgrado Zombietown zijn voorbij.