Real moest nota bene tegen Belgen spelen

DAVID: Ik ben zo blij: Ajax is weer terug!

SIMON: Terug waar?

DAVID: Terug bij zijn wortels, de geest van ’72 en ’95: een leuk team dat goed totaalvoetbal speelt tegen het duurste elftal aller tijden.

SIMON: Wacht even. Hebben we het nu over Real Madrid 3 Ajax 0? Ik keek in een tapasbar, en de Spaanse obers wierpen amper een blik op het scherm – niet de moeite waard, vonden ze blijkbaar.

DAVID: Ik heb het anders beleefd. Je kent de befaamde zin van Bill Shankly: „We hebben ze met 0-0 ingemaakt.” Nou, ik vond dat Ajax Real met 0-3 inmaakte. Ajax heeft lang gedomineerd, hoor.

SIMON: Ja, ja. Afgezien van het vergeten op te stellen van een verdedigende middenvelder, of van elke andere strategie om een blijkbaar niet geanticipeerde aanval van Real Madrid te verhinderen, heeft Ajax gedomineerd! Je doet me denken aan een Schotse collega van me tijdens het EK ’96: hij vond dat Schotland een uitstekend team had, en het onvermogen om ooit een doelpunt te maken was volgens hem slechts een detail.

DAVID: Ajax toonde schitterende spelpatronen.

SIMON: Real heeft geen spelpatronen nodig. Als de tegenpartij schiet, dan stopt Casillas de bal. Als Real wil scoren, geeft het de bal aan Ronaldo. Waarom complexiteit introduceren?

DAVID: Ik hou van leuke patronen.

SIMON: Real leek mij vooral verveeld. Ik voelde soms dat Sergio Ramos zichzelf er niet toe kon brengen om Boerrigter te tacklen.

DAVID: ‘Verveeld’? Dat is jouw wedstrijdanalyse?

SIMON: Luister, vier Real-spelers zijn vorig jaar wereldkampioen geworden. Het is het Neil Armstrong-verhaal: als je op de maan hebt gewandeld, is alles daarna een anticlimax. Nu moesten ze nota bene tegen Belgen voetballen! Je kon de Real-spelers tijdens de wedstrijd bijna op hun Rolexen zien kijken. Stel je de wedstrijdbespreking vooraf eens voor.

DAVID: Welke wedstrijdbespreking?

SIMON: Het hoofd data van Real loopt de kleedkamer binnen met een laptop vol essentiële informatie over Ajacieden. Ten eerste, een spelletje om hun namen te leren.

DAVID: Het was zeker schrikken voor Xabi Alonso toen hij hoorde dat De Jong meedeed.

SIMON: Hij zal zichzelf uit angst in het toilet hebben opgesloten. Maar dan zal het hoofd data hebben gezegd: ‘Nee, dit is Siem de Jong, niet Nigel. Deze Ajacieden zijn ongevaarlijke padvinders.’ Xabi wordt gekalmeerd. Volgens mij zullen de andere Madrilenen alleen interesse hebben getoond in Vurnon Anita.

DAVID: Waarom Anita?

SIMON: Precies. Ze vroegen vast: ‘Waarom heeft hij een meisjesnaam?’

DAVID: Ja, waarom heeft hij een meisjesnaam?

SIMON: ‘Stilte’, roept het hoofd data dan. ‘Ik probeer cruciale tactische informatie door te geven: hoewel Anita linksback staat, kan hij de bal niet met zijn linkerbeen trappen. Hij moet het altijd eerst voor zijn rechter neerleggen, wat meestal ongeveer vijf minuten duurt.’

DAVID: Lach maar als je wilt. Ik vond Ajax best goed voor een jong team.

SIMON: Ja, dat zullen de Real-spelers ook hebben gezegd: ‘die Eriksen is best goed voor een veertienjarige. En als Sulejmani straks een beetje groeit, heb je later misschien iets aan hem’.

DAVID: Ajax bouwt voor de toekomst.

SIMON: Maar de essentie van Ajax is dat de toekomst nooit komt. Zodra een jong talent oud genoeg is, vertrekt hij. Ajax kán dus nooit een volwassen elftal hebben. Het blijft eeuwig steken in een onhandige vernederende puberteit. Ajax is helemaal geen voetbalclub. Het is een middelbare school.

DAVID: Maar bij clubs voor volwassenen worden die Ajax-talenten later topvoetballers. Ajax is net Eton: daar worden de onhandige pubers later aristocratische Britse premiers als David Cameron. Dat is best een prestatie.

SIMON: Verhindert dat dat je nu door Real wordt ingemaakt?

DAVID: Ehhhhh. Niet echt. Maar het geeft wel voldoening.

SIMON: Luister, deelname van Ajax aan de Champions League heeft slechts één functie. Zo voelt Ajax een paar keer per jaar hoe het is om Feyenoord te zijn.

Simon kuper en david winner