Open deur

Over de FlexDoors van de Opel Meriva wordt soms laatdunkend gedaan. Maar handig zijn deze ‘zelfmoorddeuren’ wel.

Suffer kon het bijna niet. De vorige Opel Meriva – die tussen 2002 en vorig jaar z’n best deed in het marktsegment van de compacte SUV’s – had geen best imago. Kwalitatief was er weinig op de auto aan te merken, maar er zijn tuinhuisjes te vinden met meer uitstraling. Sowieso had de Meriva het moeilijk omdat hij vrijwel altijd in de schaduw stond van die veel succesvollere ándere familie-Opel, de Zafira.

Maar nu is er de nieuwe Meriva. Weliswaar nog steeds met een wat merkwaardig lijnenspel in zijn carrosserie – ik kreeg ’m mee in wit met zwarte ruiten en dan krijgt die rare knik in de heuplijn net een beetje te veel aandacht – maar met een compleet ander interieur en, dat vooral, een heel ander deurconcept. De Meriva heeft wat Opel zelf FlexDoors noemt, maar wat in de auto-industrie coachdoors heet: de achterportieren scharnieren aan de achterzijde, waardoor ze ook naar achteren opengaan. De auto opent zich als een schelp. De Meriva bevindt zich wat dat betreft trouwens in goed gezelschap: de Rolls-Royce Phantom heeft ook van dit soort achterportieren.

Ze worden ook wel suicide doors genoemd, maar over de oorsprong van die aanduiding is veel onduidelijkheid. Gangsters in de jaren dertig van de vorige eeuw vonden het wel handig dat de deuren onder het rijden werden opengehouden door de rijwind: het naar buiten mikken van een zojuist omgebracht slachtoffer werd er een stuk eenvoudiger door. Maar dat is geen zelfmoord. Een andere verklaring is dat iemand die (al dan niet suïcidaal) uitstapt terwijl de auto niet op de handrem staat door het openstaande achterportier kan worden geschept. Maar de belangrijkste verklaring is toch dat als het achterportier openstaat en er rijdt een passerende auto per ongeluk tegenaan, degene die dan net uitstapt grote kans heeft die manoeuvre niet te overleven. Een ‘gewoon’ achterportier wordt er in zo’n geval alleen maar uit de carrosserie gereden.

Maar de grote vraag is natuurlijk: heeft het nut, die andere deuropstelling? Ik heb zelf een paar kleine voordelen kunnen ontdekken. Je grijpt in het begin mis, omdat de deurgreep veel verder naar voren zit dan waar je hem verwacht, maar als de deur eenmaal open is, kunnen ouders van kleine kinderen hun kroost wel eenvoudiger in de gordel of het autostoeltje vastsjorren. Zelf instappen of een colbertje of tas op de achterbank leggen gaat absoluut eenvoudiger. Er is iets meer ruimte, omdat het portier niet in de weg zit. Wel typisch dat in een gezinsauto als deze er maar twee zitplaatsen achterin zijn; van de middenconsole is wel een zitje te maken, maar dat heeft wel een harde structuur. Dat gaat strijd geven in gezinnen met meer dan twee kinderen: wie moet er op het strafbankje? Voordeel is weer wel dat er achterin meer dan voldoende beenruimte is.

Probleemloos

En verder doet de Meriva wat hij doen moet. Het is een probleemloze auto, de dieselmotor is met 130 pk krachtig en, dankzij een koppel van 300 Nm, zó soepel dat je zelfs in de vierde versnelling de bocht om kan. Zoals zoveel moderne diesels, springt hij prettig spaarzaam met de brandstof om. Ik haalde bijna 1 op 17 en dat is voor een auto van dit formaat een keurige waarde. Stil is de motor ook, wat het comfort aan boord ten goede komt. Daaraan dragen ook de goede stoelen bij; die zijn goed in te stellen en in combinatie met het zowel in hoogte als axiaal te verstellen stuur is er voor ieder fysiek een goede rijpositie te creëren.

Mijn testauto was nogal uitbundig voorzien van accessoires (zoals leer, verwarmd stuur en een panoramadak), waardoor de prijs met een ruime zeven mille steeg. Eén accessoire van die lijst kan ik u van harte afraden: het navigatiesysteem. Dat bleek tijdens de gehele week vrijwel ondoorgrondelijk. En dat voor een meerprijs van 1.800 euro (weliswaar inclusief een oorstrelende audio). Elke losse TomTom van 125 euro doet het beter. En wordt simpeler bediend.