Europeanen winnen vaker - maar niet in Europa

Statistieken Nog nooit werd Afrikaans of Zuid-Amerikaans onderzoek bekroond met een Nobelprijs.

Europeanen vallen veel vaker in de Nobelprijzen dan Amerikanen. Maar Amerika zorgt voor een beter onderzoeksklimaat – althans: voor instituten waar Nobelprijswinnaars graag werken. Laten we de totalen aan beide kanten van de oceaan eens onder de statistische loep leggen.

Van de 817 individuen – wetenschappers, literatoren en vredestichters – die tussen 1901 en 2010 de prijs kregen, zijn er 467 geboren Europeanen (inclusief Russen), tegenover 252 geboren Noord-Amerikanen (inclusief Canadezen). Dat zijn bijna twee Europeanen voor elke Amerikaan. De twintig (veelal internationale) organisaties die 23 keer een prijs wonnen blijven buiten beschouwing.

Heeft die schijnbare Europese dominantie te maken met de herkomst van de prijs? In aanvangsjaar 1901 waren alles zes laureaten Europeanen. De Verenigde Staten moesten vijf jaar wachten, totdat Theodore Roosevelt als eerste Amerikaan een Nobelprijs kreeg, die voor de Vrede. Gemeten naar het aantal inwoners haalden zeker tien Europese landen meer prijzen binnen dan de VS.

Vooral de letteren drijven het aantal prijzen aan deze kant van de oceaan op: 79 keer ging de literatuurprijs naar een Europeaan. Amerika won ‘slechts’ 9 keer (waarvan de VS 8 en Canada 1 keer). Maar dat de jury niet van Amerikaanse boeken houdt, is een voorbarige conclusie. Van alle Nobelprijzen werd die voor de literatuur het meest verspreid uitgeloofd, tot nu toe in 44 verschillende landen (gemeten naar waar de geboorteplaats nu ligt). Wat blijkt dan? Alleen Frankrijk won de literatuurprijs vaker dan de VS: elf keer.

‘Nobelinstituten’

Zo kunnen de cijfers verschillende verhalen vertellen. Europeanen stichten veel vaker vrede dan Amerikanen (52 tegenover 19 keer, plus 1 keer voor Canada). Wellicht lagen daarvoor in Europa de afgelopen eeuw meer kansen. Maar als land staan juist de Verenigde Staten bovenaan: geen ander land sleepte de vredesprijs zo vaak in de wacht.

Tellen we Europa als één en nemen we in acht dat er meer dan twee keer zo veel Europeanen als Amerikanen zijn, dan levert de Nieuwe Wereld relatief ook de meeste natuurkundigen en geneeskundigen.

En voor hun economische denkers worden de Amerikanen zelfs in absolute aantallen vaker bekroond: 39 tegenover 27 keer.

Belangrijker dan dat soort rekentrucs: Europese Nobelwetenschappers voelen zich sterker aangetrokken tot Amerika dan andersom. Van de geboren Europeanen wonnen er 64 een Nobelprijs in dienst van een Amerikaanse universiteit of instelling. Er is er slechts één tegenvoorbeeld: de in Chicago geboren Ben Roy Mottelson werkte bij een Deens astrofysisch instituut toen hij in 1975 de prijs voor de natuurkunde won.

Dat verschil is ook terug te zien in de top tien van ‘Nobelste’ wetenschapsinstituten. Acht daarvan staan in de VS: het conglomeraat University of California op één (28 prijzen), Harvard op twee (23). De twee niet- Amerikaanse staan in Europa: in Cambridge (17) en in Oxford (8).

Waarom besteden we hier zo weinig aandacht aan de andere continenten? Omdat die zoveel minder vaak de Nobelprijs kregen. Europa en Noord-Amerika zijn, inclusief Israël, Turkije en Rusland, goed voor 88 procent van het totaal.

Afrika doet pas halverwege de Nobelgeschiedenis voor het eerst mee, in 1951. De Zuid-Afrikaan Max Theiler ontdekte – in een laboratorium van de Harvard Universiteit – hoe gele koorts kan worden bestreden. Als hij de prijs krijgt, werkt hij voor de Rockefeller Stichting. De twee andere Zuid-Afrikanen die later deze prijs kregen, werkten ook aan Amerikaanse instituten. In Latijns-Amerika zijn veel schrijvers bekroond, zoals Marquez en Neruda, maar ook vredestichters en geneeskundigen. Azië bracht vooral fysici voort.

In Afrika en Latijns-Amerika staan geen universiteiten waar ‘Nobelwaardig’ onderzoek werd verricht. In China ook niet, behalve in Hongkong (één natuurkundeprijs). Opkomende economische macht India heeft één Nobelprijswinnend instituut: de universiteit van Calcutta. Sir Chandrasekhara Venkata Raman deed daar baanbrekend onderzoek naar lichtverstrooiing. In 1930.

Als bron diende het laureatenoverzicht op nobelprize.org. Wereldkaart en tabellen: nrcnext.nl/nextfiles

    • Thalia Verkade