'Aantallen Oost-Europeanen zijn geen verrassing voor me'

Veel meer Oost-Europeanen dan gedacht werken onder slechte omstandigheden in ons land. Een commissie die de misstanden onderzocht, roept op tot meer actie.

Den Haag : 14 oktober 2010 Kabinet Rutte. Minister van sociale zaken en werkgelegenheid Henk Kamp. foto © RVD/Kouwenhoven en Rozenburg

Te weinig urgentie, te weinig vat op de misstanden rond de 200.000 Oost-Europeanen die in Nederland werken. Dat waren donderdag de conclusies van de Kamercommissie over de werkwijze van het kabinet. De Kamerleden verlangen dat minister Henk Kamp (Sociale Zaken, VVD) de 5.000 tot 6.000 malafide uitzendbureaus, die 100.000 mensen aan het werk helpen, hard aanpakt. En snel. Binnen twee jaar moeten ze weg zijn.

De commissie wil minder overleg en meer actie van u.

„Meer actie? Ik was al direct bij mijn aantreden zeer gemotiveerd om met die instroom van Oost-Europeanen aan de gang te gaan. Het overgrote deel werkt en redt zichzelf. Dat is winst voor hen en voor onze economie. Maar een deel wordt uitgebuit of veroorzaakt overlast. Bovendien dreigt de situatie dat ze aan de kant gaan staan. Die mensen spreken de taal niet, hun diploma’s sluiten niet aan, en als ze dan een uitkering krijgen, is het kostbaar om dat te financieren. Dan krijgen we er nog een extra integratieprobleem bij. Ik heb in juni een heel groot pakket afspraken aan de Tweede Kamer gestuurd. Ik vind het prachtig dat de commissie onderzoek heeft gedaan, maar het is niet zo dat wij nu pas bedenken dat we met dit probleem aan de slag moeten.”

U wist dit al?

„Niet alleen wist ik dit al, ik heb ook al drie zware maatregelen genomen. Een: bedrijven zijn aansprakelijk als ze een uitzendbureau inhuren dat geen premies afdraagt. Twee: een bedrijf dat illegale werknemers inhuurt, betaalt 12.000 euro boete per illegaal, plus het gefraudeerde bedrag. Bij een tweede overtreding wordt de boete 24.000 euro en sluiten we het bedrijf. Drie: alle uitzendbureau’s en de personen die erachter zitten, moeten zich registreren. Daarvoor ligt al een wet in de kamer. Die komt dus ook niet van deze commissie.”

Vindt u de commissie overbodig?

„Nee hoor, ik vind de commissie heel goed. Dit vergroot het gevoel van urgentie en creëert politiek draagvlak voor verdergaande maatregelen. Als ik in twee jaar het aantal malafide uitzendbureaus naar nul moet terugbrengen, dan moet ik met een nieuw plan komen. Ik denk aan een telefonisch meldpunt, waar iedereen misstanden kan doorgeven.”

Is niet naïef te denken dat een meldpunt zoveel effect heeft?

„Ik ben natuurlijk niet naïef. Ik heb zelf als rechercheur zeven jaar bij de FIOD gewerkt en achter koppelbazen aangezeten. Als we concreet en snel optreden, dan kunnen we veel bereiken. Als mij verteld wordt dat hier in Den Haag iedere morgen om half vijf de busjes klaarstaan waar illegale Bulgaren zich verzamelen om naar de kassen gereden te worden. Wie houdt ons tegen om die mensen mee te nemen voor verhoor? Op de bouwterreinen in Eemshaven lopen permanent mensen van de arbeidsinspectie rond.”

Het aantal malafide bureaus is sterk gestegen sinds 1998. Toen hoefden uitzendbureaus geen vergunning meer aan te vragen. Was die liberalisering een fout?

„We moeten de uitvoering aanpakken. We hoeven het vergunningenstelsel en alle rompslomp, die daaraan vast zit, niet terug te halen.”

De overheid onderschatte de toestroom, stelt de commissie.

„Destijds (in 2004, red.) werd gezegd dat er 15.000 Oost-Europeanen zouden komen. Ik was zelf kamerlid in die tijd. Ik heb toen gezegd: dat worden er tien keer zoveel.”

Waarom was u dan voor het openstellen van de grenzen in 2007?

„Ik was er in 2004 voor dat we een overgangsperiode in acht namen. En dat we die periode zouden benutten om de toestroom goed te organiseren. De regering stemde de opvangstmaatregelen af op veel kleinere aantallen.”

Het bedrijfsleven vindt het kinderachtig dat u zo moeilijk doet over het hier laten werken van een paar duizend Roemenen en Bulgaren.

„Dat moet het bedrijfsleven dan maar vinden. We moeten er op dit moment al behoorlijk aan trekken om de instroom van Oost-Europeanen, exclusief Roemenië en Bulgarije, in goede banen te leiden. Er is geen economische noodzaak om Roemenen en Bulgaren toe te laten. We besluiten in november of we in 2012 of in 2014 vrij verkeer van Roemeense en Bulgaarse werknemers toestaan.”

U wilt dat uitkeringsgerechtigden hetzelfde werk doen als Oost-Europeanen . Daar zijn sinds 2004 telkens projecten voor opgestart, die mislukten. Waarom zou het u wel lukken?

„Ik moet zorgen dat het UWV en de gemeenten zodanig optreden tegen mensen met een uitkering dat ze daadwerkelijk aan het werk gaan. Voor het UWV kan ik dat makkelijk, want daar ben ik zelf verantwoordelijk voor. Met gemeenten moet ik afspraken maken en zonodig ter ondersteuning de wettelijke regels aanpassen. Daar ben ik mee bezig.”

    • Marike Stellinga