Vijfkruidenpoeder

Een tijdje terug moest ik een stukje schrijven over het gebruik van kruiden en specerijen. Mijn research leidde mij van basilicum naar koriander en bracht mij langs kruidnagel en kurkuma, tot ik oog in oog stond met het Chinese vijfkruidenpoeder. Hier moest ik even halt houden.

Ik heb het vijfkruidenpoeder namelijk altijd al interessant gevonden. Het vijfkruidenpoeder en ik maakten een paar jaar geleden voor het eerst kennis in mijn studentenkeuken, waar het potje zich al tijden ongeopend ophield, en waar ik na maanden van gestaar het sluitzegel eindelijk verbrak om even te kunnen ruiken. Ik had destijds gehoopt de geur van de Chinees op de hoek te kunnen opsnuiven, maar na al die jaren had het goedje zijn beste tijd wel gehad. Omdat ik geen idee had wat dit potje vijfkruidenpoeder verder nog aan mijn kruidenrekje kon toevoegen, zette ik het weg in een donker hoekje, waar het naar alle waarschijnlijkheid nu nog steeds staat.

Inmiddels is de fascinatie voor het mysterieuze poeder weer net zo groot als voor mijn eerste kennismaking en moest ik me er toch een keertje in gaan verdiepen. Zo leerde ik dat het poeder bestaat uit Sichuan-peper, steranijs, kruidnagels, kaneel en venkelzaad. Nu is het natuurlijk het makkelijkst om het potje even op te pikken bij de toko, maar het is ook binnen no time zelf gemaakt. Wat de precieze verhoudingen zijn vind ik moeilijk te zeggen, want elke kookblogger beweert weer wat anders, maar als je het zelf maakt kun je naar eigen smaak meer of minder van de ingrediënten toevoegen om zo je eigen perfecte vijfkruidenpoeder te maken. Wat je (ongeveer) nodig hebt is:

twee theelepels Sichuan-peper

acht stuks steranijs

een halve theelepel kruidnagel

drie theelepels gebroken ka-

neelpijpjes

drie theelepels venkelzaad

Rooster de peper en steranijs in een droge koekepan en maal fijn in een vijzel. Maal ook de rest fijn en meng tot een egaal poeder. Bewaar het poeder in een schoon, droog en luchtdicht potje, het moet ongeveer een half jaar mee kunnen.

Het vijfkruidenpoeder leent zich vervolgens perfect voor marinades. Onderstaand recept is gemaakt met karbonade, maar met andere soorten vlees is-ie ook vijf sterren waard.

50 ml zoete sojasaus

3 tl vijfkruidenpoeder

1 cm gemberwortel

1 teen knoflook

twee schouderkarbonades

Snijd de gember en knoflook fijn en meng met de sojasaus en het vijfkruidenpoeder tot een gladde marinade. Haal de karbonades door de marinade en laat een uurtje afgedekt in de koelkast intrekken. Dep de karbonades droog met een stukje keukenpapier en bak in boter op hoog vuur aan beide kanten lichtbruin. Zet dan het vuur lager en laat gaar worden. Haal de karbonades uit de pan, en verhit nog even kort de overgebleven marinade. Schep de warme jus over de karbonades.

Stéphanie Versteeg

maandag: Janneke Vreugdenhil, dinsdag: Menno Steketee, woensdag: Roos Ouwehand, donderdag: Stéphanie Versteeg, vrijdag: Joël Broekaert