Onderzoeksraad: eisen wapenvergunning moeten zwaarder -

Voorzitter van de Onderzoeksraad voor Veiligheid Tjibbe Joustra presenteert het rapport over wapenbezit en het toezicht daarop. Screenshot NOS

De Onderzoeksraad voor Veiligheid vindt dat de regels voor aanvragers van een wapenvergunning moeten worden aangescherpt. Uit het rapport ‘Wapenbezit door sportschutters’ dat vanochtend in perscentrum Nieuwspoort in Den Haag werd gepresenteerd, noemt de onderzoeksraad een aantal zwakke plekken in het huidige systeem.

Op 9 april schoot Tristan van der V. zes mensen en zichzelf dood in het winkelcentrum Ridderhof. Hij gebruikte onder meer een semi-automatisch geweer waarvoor hij een vergunning had. Die vergunning was onterecht in zijn bezit, zo oordeelt de raad.

Enkele conclusies zoals gepresenteerd door Onderzoeksraad-voorzitter Tjibbe Joustra op de persconferentie:

  • Het stelsel van legaal wapenbezit kent een aantal zwakke plekken. De beoordeling of er sprake is van vrees voor misbruik is naar de achtergrond verdwenen. De politie geeft hier niet voldoende prioriteit aan. Het is meer en meer een administratieve afhandeling geworden.
  • De politie heeft onvoldoende informatie om een aanvraag juist te kunnen beoordelen.
  • Van der V. had geen semi-automatisch wapen mogen hebben.
  • Het is belangrijk dat er kennis beschikbaar komt over welke mensen met een wapenvergunning een risico vormen.

Inspectie Gezondheidszorg: instelling wist dat Van der V. suïcidaal was, maar onvoldoende aandacht voor geweest

Vanochtend is ook een onderzoeksrapport van de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) gepubliceerd over de schietpartij in Alphen aan den Rijn. De hulpverlening aan de dader van het schietincident is op hoofdlijnen adequaat en redelijk zorgvuldig geweest, zo concludeert de IGZ. Wel plaatst de inspectiedienst kritische kanttekeningen over de behandeling door ggz-instelling Rivierduinen.

“Het belangrijkste punt van kritiek richt zich op het feit dat Rivierduinen wist dat V. in het verleden gedreigd had met suïcide. Ook waren behandelaren op de hoogte van de wens van V. om in bezit te komen van een vuurwapen. Uit het dossier blijkt echter niet dat systematisch aandacht is besteed aan de hiermee gepaard gaande risico’s. Er had regelmatiger en meer systematisch een risico-inschatting uitgevoerd en in het dossier vastgelegd moeten worden.” - IGZ