Moorden op geleerden in Syrische stad Homs

Het Syrische regime en oppositiegroepen geven elkaar de schuld van een serie moorden op prominente personen in de stad Homs. De Veiligheidsraad van de Verenigde Naties blijft intussen verdeeld over een veroordeling van het Syrische regime, met of zonder sancties.

In Homs, waar de afgelopen maanden het straatprotest tegen het Syrische regime sterk was, zijn sinds zondag vier prominente burgers vermoord. Het gaat om een kerngeleerde, een chirurg, de tweede man van de faculteit bouwkunde van de universiteit en de directeur van de militaire academie voor petrochemie, die allemaal als min of meer pro-regime werden beschouwd.

De autoriteiten geven „terroristen” de schuld van de moorden, zoals ze hoe dan ook „terroristische groepen” verantwoordelijk stellen voor de protesten tegen Bashar al-Assads bewind die in maart begonnen. Het Syrische Observatorium voor de Mensenrechten, dat aan de kant van de oppositie staat, veroordeelde de moorden maar liet zich niet over de schuldvraag uit. Al-Ghad (morgen), een nieuwe alliantie van oppositie-activisten binnen Syrië, stelde het regime verantwoordelijk, dat zo een confessionele oorlog zou willen uitlokken. Twee van de slachtoffers waren alawieten, de minderheid waaruit het bewind voortkomt, één was shi’iet en één christen. De overgrote meerderheid van de bevolking en van de oppositie is sunniitisch.

Volgens Syrische opposanten is er een gewapende strijd aan de gang in het stadje Rastan, ten noorden van Damascus, waar ongeveer duizend deserteurs uit het leger zich zouden hebben verzameld. De overlopers zouden zwaar in de minderheid zijn tegen troepen die het bewind trouw zijn, maar de zegslieden voegden eraan toe dat het aantal deserties alleen maar toeneemt. De oppositie zegt rebelleneenheden te hebben gevormd. Omdat er nauwelijks onafhankelijke waarnemers in Syrië zijn, zijn dergelijke berichten niet te controleren.

In New York bleef Rusland gisteren een door westerse landen voorgelegde ontwerpresolutie blokkeren die met sancties dreigt als Assads bewind de militaire operaties tegen burgers niet onmiddellijk staakt.

Rusland heeft een eigen versie doen rondgaan waarin bezorgdheid wordt geuit over de situatie in Syrië. In de Russische tekst wordt uitdrukkelijk internationaal militair ingrijpen (zoals in Libië) afgewezen. Overigens staan ook China, Brazilië, India en Zuid-Afrika aan de kant van Moskou. (Reuters, AP, AFP)