Gevangen in zijn rolstoel kaapte hij een vliegtuig

scene uit de film Porfirio (2011) FOTO: Eye Filminstituut
scene uit de film Porfirio (2011) FOTO: Eye Filminstituut

Porfirio

Regie: Alejandro Landes. Met: Porfirio Ramirez Adana. In: 4 bioscopen.

Hij speelt zichzelf, de gehandicapte Porfirio Ramirez Adana; de Colombiaan die in 2003 wereldnieuws werd toen hij met een granaat in zijn incontinentieluier een vliegtuig probeerde te kapen om zijn invaliditeitsuitkering op te eisen. Maar niet alles is echt in Porfirio, een speelfilm die eruitziet als een documentaire, vertelde de Braziliaanse regisseur Alejandro Landes (1980) toen hij deze zomer in Amsterdam was voor het World Cinema Amsterdam-filmfestival.

Het is natuurlijk een sensationeel verhaal: man in rolstoel kaapt vliegtuig. En zo kwam Landes er ook mee in aanraking: hij las het in de krant. Maar toen hij vervolgens Porfirio opzocht en langzaam zijn vertrouwen won, raakte hij in andere dingen geïnteresseerd. Zoals het feit dat Porfirio na zijn daad gevangen zat in zijn eigen huis. Op Landes kwam dat over als een dubbele straf: Porfirio is gevangen in zijn lichaam en in zijn huis. En vervolgens ving Landes hem in het kader: vreemd afgesneden shots, vanuit het perspectief van een zittende of een liggende man.

Het is een van de trucs die hij toepaste om de toeschouwer bewust te maken dat die naar fictie zat te kijken, en niet naar zomaar een film over een invalide man. Maar hij speelt met zijn kijkers: „Anders had ik wel ‘gebaseerd op een ware geschiedenis’ aan het begin van de film gezet. Je moet zelf maar ontdekken wat echt is en wat niet in deze film. Porfirio is echt. Zijn zoon en zijn buurvrouw zijn voor de film bij hem komen wonen. Zij spelen dus meer een rol. Maar als mensen zo lang samenleven, gaat veel vanzelf. En moet je als regisseur de controle loslaten.”

Het kan hem ook niet zoveel schelen als zijn publiek dat allemaal al van tevoren weet: „Speculeren wat de beste film zou opleveren, met of zonder voorkennis, kan ik al lang niet meer. Ik denk dat het allebei werkt. Ik kan toch niet controleren wat de toeschouwer weet, dus doe ik er ook niet geheimzinnig over. De ironie van de situatie is dat er in Colombia aan de lopende band vliegtuigen worden gekaapt, ook door mannen die Porfirio heten. Voor een Colombiaans publiek was de film dus meer een aha-erlebnis: ‘Oh, het gaat over díé Porfirio’.”

Het maakt de film tot een spannende kijkervaring. Al die uitgebeende shots en kale observaties zijn doordrongen van een onheilspellende suspense. De grootst mogelijke alledaagsheid krijgt er betekenis door: Porfirio die zich bevuilt, zijn zoon die hem moet wassen, de manier waarop hij in zijn levensonderhoud voorziet door ‘minuten’ op zijn mobiele telefoon te verkopen, een seksscène met zijn buurvrouw. In de beste hitchcockiaanse traditie weten we wat de bom onder dit verhaal is. En ben je toch weer benieuwd of hij af zal gaan.

Per slot van de rekening is de film een slang die in zijn eigen staart bijt. Wat gaat gebeuren, is al gebeurd. En als dat besef inslaat, gaat de film over veel meer dan deze gehandicapte man alleen: over noodlot, vrijheid, levensdrift en al die zaken die ons tot mens maken.

Dana Linssen