Beroep op verjaring misbruikzaak RK-kerk afgewezen

De rechtbank Utrecht heeft een beroep op verjaring door de Rooms-Katholieke Kerk afgewezen in een zaak rond seksueel misbruik. Volgens de rechtbank heeft de Kerk “een bijzondere positie” in de samenleving.

“Dit is een lichtpuntje voor misbruikslachtoffers die de Kerk civielrechtelijk aansprakelijk willen stellen”, zegt Martin de Witte, advocaat van het slachtoffer dat naar de rechtbank stapte. Tot nu werd aangenomen dat civiele claims weinig kans maken omdat misbruik van vaak tientallen jaren geleden toch verjaard is.

De rechtbank moest gisteren oordelen over het toelaten van een getuigenverhoor in een zaak rond het mogelijke misbruik van een minderjarige jongen door een pastoor in Putten, in de jaren zeventig van de vorige eeuw. Het slachtoffer wil via het getuigenverhoor kunnen bepalen of een civiele bodemprocedure tegen het aartsbisdom zinvol is.

Het aartsbisdom Utrecht, werkgever van de pastoor, verzette zich voor de rechtbank tegen het horen van getuigen, mede omdat het misbruik toch verjaard zou zijn.

De rechtbank wijst die visie van het aartsbisdom af. Volgens de rechtbank is op voorhand niet uitgesloten dat in een komende civiele bodemprocedure het kerkelijk beroep op verjaring zal worden afgewezen. De rechtbank verwijst naar de Hoge Raad die in 2000 bepaalde dat in uitzonderlijke gevallen kan worden afgeweken van de strikte verjaringstermijn. De rechtbank sluit niet uit dat seksueel misbruik binnen de Kerk zo’n uitzonderlijk geval is.

De rechtbank:

“Naar het oordeel van de rechtbank kan op voorhand niet worden uitgesloten dat de bodemrechter onderhavige casus als een uitzonderlijk geval kwalificeert en dat in een te entameren procedure de bodemrechter tot de conclusie komt dat een beroep op verjaring door het aartsbisdom naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is. Bij deze beoordeling heeft de rechtbank laten meewegen de bijzondere maatschappelijke positie van het aartsbisdom en de Rooms-Katholieke Kerk in de samenleving.”

De rechtbank bepaalde dat het getuigenverhoor 9 december wordt gehouden. Mogelijk wordt ook aartsbisschop Wim Eijk gehoord. Het verzoek van het aartsbisdom om Eijk niet als getuige op te roepen, legde de rechtbank naast zich neer. Of Eijk ook zal worden opgeroepen door advocaat De Witte, is nog niet duidelijk.