Twee euro, kunt u dat pinnen?

We pinnen meer en betalen minder contant. Het aantal contante betalingen daalde sinds 2008 met tien procent.

Een ‘nadeel’ van pinnen is dat fooi er snel bij inschiet.

De kassalade van het Vlaamsch Broodhuys is alleen nog een rommellade. Foto Bas Czerwinski 19-09-2011, Rotterdam. Geldla zonder geld bij het Vlaamsch Broodhuys. Foto Bas Czerwinski
De kassalade van het Vlaamsch Broodhuys is alleen nog een rommellade. Foto Bas Czerwinski 19-09-2011, Rotterdam. Geldla zonder geld bij het Vlaamsch Broodhuys. Foto Bas Czerwinski

Al op de deur laat het Vlaamsch Broodhuys geen misverstand bestaan. De bruine stickers met in het wit de tekst ‘Sorry, NO CASH. Veilig & Snel. PIN, CHIP, CREDITCARD’ zijn op elk tafeltje geplakt. Maar ook buiten, op de deur. Sinds deze maand: geen cash meer in de kassa van de verschillende vestigingen van de bakker annex lunchroom. Een kassalade is er nog wel. Die wordt gebruikt als rommelbak.

Contant geld verliest in hoog tempo terrein en verdwijnt langzaam uit de samenleving. Hoeveel eurobiljetten en -munten er in Nederland nog in omloop zijn, is sinds we de euro hebben niet meer precies vast te stellen. Wel heeft De Nederlandsche Bank (DNB) de afgelopen jaren minder bankbiljetten te verwerken. Consumenten hebben ook minder contant geld nodig, zo blijkt uit het jaarverslag van DNB. In 2008 trokken we nog een totaal bedrag van 72 miljard euro uit de muur, een jaar later was dat 65 miljard euro en in 2010 minder dan 60 miljard.

Het aantal contante betalingen daalde de afgelopen tweeënhalf jaar met ongeveer tien procent. Nog iets meer dan vijftig procent van alle aankopen in winkels wordt contant betaald. Het gaat dan vooral om kleine bedragen. Maar ook die bedragen worden nu vaker gepind.

Elk jaar komen we een stapje dichter bij een maatschappij zonder contant geld. Bij een broodjeszaak kunnen we alleen nog pinnen of chippen. Veel jongeren hebben geen muntjes meer in huis voor de collectebus. En in restaurants pint men vaker. Maar is het echt voorbij met cash geld? De cijfers van Currence, de eigenaar van het merk PIN, liegen er niet om. In 2010 werd er 2,15 miljard keer gepind, voor in totaal een bedrag van 80,9 miljard euro. Een record. Het aantal pintransacties groeide met 10,7 procent ten opzichte van 2009. En het blijft stijgen. In juli van dit jaar werden er ruim 210 miljoen pinbetalingen gedaan, in juli 2010 een kleine 190 miljoen. Al sinds 2006 is het een trend: elk jaar komen er weer meer pintransacties bij. Het aantal locaties waar je kan pinnen steeg ook, met 7,3 procent.

Vooral in de horeca wordt er nu meer gepind. Het aantal pintransacties groeide in deze branche in juni 2011 met 34 procent, vergeleken met de maand juni van vorig jaar.

Het Vlaamsch Broodhuys speelt in op die tendens. Op de enquête die eigenaar Dimitri Roels vooraf organiseerde, werd goed gereageerd. „Voor ons was dat genoeg om het ‘PIN only’-beleid door te voeren”, zegt Roels.

Maar het is ook goedkoper voor ondernemers als hun klanten pinnen. Het storten van cash geld is voor hen de afgelopen jaren duurder geworden. Een pinbetaling kost dit jaar voor het eerst één cent minder dan een contante betaling, namelijk 21 cent. Maar voor veel kleine zelfstandigen is dat niet de reden dat zij steeds sneller een pinapparaat in huis halen. Wat wel de reden is? Angst voor overvallen.

Daarom heeft bakker Roels liever geen knisperend briefgeld meer in de kassa. „Elke week sla ik wel weer een vakblad open waarin een ondernemer over een overval vertelt.” Dat zijn ook vaak bakkers, zegt hij.

Een ‘nadeel’ van pinnen is dat fooi er snel bij inschiet. Betaalt een klant een rekening van vier euro contant met een briefje van vijf, dan zegt hij of zij al snel: „Laat maar zitten.” Als een klant diezelfde rekening pint, blijft het vaak bij vier euro. Pinnen gaat zo snel, waardoor er niet meer na wordt gedacht over een eventueel extraatje. Het Vlaamsch Broodhuys geeft om die reden de klant meer tijd bij het afrekenen. Met een snoepje en een kaartje bij de rekening. Dan pinnen gasten wel iets extra’s, zegt Roels.

Vooral studenten hebben geen contant geld meer in de portemonnee. Voor Amnesty International is het de laatste jaren lastiger tijdens de collecteweek een bijdrage van studenten te krijgen, omdat ze geen contant geld meer in huis hebben. Maar collecteren met mobiele pinautomaten is volgens hoogleraar Empirical Microeconomics Adriaan Soetevent van de Universiteit van Amsterdam geen optie. Samen met het Reumafonds ging Soetevent in 2009 op pad met een pinautomaat en een collectebus. „Veel mensen reageerden aarzelend als ze geen kleingeld in huis hadden en het pinapparaat voor hun neus kregen”, zegt Soetevent. „Degene die het wel aandurfde, gaf vaak meer dan gemiddeld. Maar uiteindelijk waren de totale opbrengsten lager.”

Volgens Roels staan we aan de vooravond van een wereld zonder cash. „Het is ook eigenlijk van de zotte dat we eerst geld uit de muur halen en het dan weer bij de bakker inleveren.”