Nooit meer gelijkwaardig aan Real

Ajax wil zo graag weer terug naar de Europese top. Maar in Madrid werd gisteravond nog eens duidelijk dat die wens in het moderne voetbal niet meer realistisch is.

Typerend beeld in stadion Santiago Bernabéu: de Braziliaan Kaká heeft gescoord voor Real en de Belgische Ajacied Jan Vertonghen heeft het nakijken. Foto Reuters Real Madrid's Kaka runs in celebration after scoring a goal against Ajax Amsterdam during their Champions League Group D soccer match at the Santiago Bernabeu stadium in Madrid September 27, 2011. REUTERS/Juan Medina (SPAIN - Tags: SPORT SOCCER)
Typerend beeld in stadion Santiago Bernabéu: de Braziliaan Kaká heeft gescoord voor Real en de Belgische Ajacied Jan Vertonghen heeft het nakijken. Foto Reuters Real Madrid's Kaka runs in celebration after scoring a goal against Ajax Amsterdam during their Champions League Group D soccer match at the Santiago Bernabeu stadium in Madrid September 27, 2011. REUTERS/Juan Medina (SPAIN - Tags: SPORT SOCCER) REUTERS

Trouw gebleven aan de filosofie van Ajax. Maar daarmee is ook direct alles gezegd. Tegenover de voetbalgoden Cristiano Ronaldo, Kaká en Mehsut Özil verbleken stervelingen als Theo Janssen, Gregory van der Wiel en Siem de Jong – zeker in hun huidige vorm. In de met 3-0 verloren verliespartij in Madrid was ongeveer twintig minuten sprake van een echte wedstrijd.

Er is, zo zei verdediger Toby Alderweireld na afloop, nog zeker drie jaar nodig om met dit team kans te maken in stadions als het Santiago Bernabéu. Daarmee raakt hij meteen de kern van het probleem. Alderweireld: „Tegen die tijd hebben wij weer een heel ander team.” En Real? Dat zal zich hebben versterkt, met op zijn hoogst alleen de allerbeste uit deze Ajax-selectie. De rest komt daarvoor te kort.

Het „meedraaien als serieuze cupkandidaat in Europa”, zoals Johan Cruijff de ambitie formuleerde bij zijn aanbevelingen voor de jeugdopleiding van Ajax, lijkt mijlenver weg. Het was sympathiek van de Madrileense sportkrant AS om voorafgaand aan het duel tussen de „aristocraten van het voetbal” te wijzen op de neiging van Ajax in oneven decennia Europa’s beste club te worden. Maar deze eeuw zijn de Europese voetbalverhoudingen te veel verschoven om deze ‘regelmaat’ vol te houden.

Het enorme verschil tussen toen en nu maakte Ajax-coach Frank de Boer duidelijk: rijpe spelers blijven niet bij Ajax. Het vermogen van spelers een wedstrijd te „lezen” ontwikkelt zich pas op een leeftijd waarop Ajax voor veel spelers te klein is geworden. „Tot je 24ste ben je alleen maar met jezelf bezig als speler. De grote stappen heb je pas op je 25ste, 26ste gemaakt. En het is helaas zo dat clubs als Ajax spelers vaak op 22-jarige leeftijd zien vertrekken. En niet meer op hun 28ste, 29ste, zoals toen ik Ajax verliet”, aldus De Boer.

Het is geen vrolijk vooruitzicht. Ja, je kunt op termijn nog zoveel spelers opleiden die volgens de Johan Cruijff-norm voor „volwaardige Ajax 1-spelers” kunnen doorgaan. Maar zie het maar eens bij elkaar te houden om daar de rijpe vruchten van te plukken. Aanvoerder Jan Vertonghen: „De toptijd van een speler ligt niet bij Ajax. Daarvoor kan Nederland in financieel opzicht niet wedijveren met Engeland, Spanje, Italië.”

De wedstrijd van gisteravond werd dan ook niet vergeleken met ‘22 november 1995’, toen de Champions League-winnaar uit Amsterdam in Madrid Real voetballes gaf (0-2). Wel met ‘15 september 2010’. De wanprestatie onder de vorige trainer Martin Jol (2-0 waar het 10-0 had kunnen zijn) gaf de aanzet tot de ‘Cruijff-revolte’. Nu een jaar later veel van diens gewenste kandidaten in de technische staf zijn opgenomen, zou een goed optreden vooral een symbolische triomf zijn geweest. Resultaat telde niet, daarvoor is het nog veel te vroeg.

Toch denkt De Boer dat topclubs verslaan nog steeds tot de mogelijkheden behoort. Impliciet zei hij wel dat dit deze selectie niet gaat lukken. „Je moet geluk hebben met een fantastische lichting. Ik ga niet zeggen dat het nooit meer gebeurt. Ik ben ervan overtuigd dat er een kans is, maar dan moet alles kloppen.”

Feit is dat Real Madrid gisteren het resultaat van onderlinge confrontaties met Ajax gelijk heeft getrokken. De drie verliesbeurten achterstand heeft ‘de Koninklijke’ in ruim een jaar tijd rechtgetrokken, met negen doelpunten voor en nul tegen. Het lijkt uitgesloten dat deze balans ooit nog in het voordeel van Ajax zal uitslaan.

Ajax kreeg gisteravond volgens De Boer „een lesje in effectief omschakelen” en dat was met name bij de 1-0 terug te zien. Na een onderschepping van Sergio Ramos in het eigen strafschopgebied ging het in zestien heerlijke seconden via Özil naar Ronaldo die na een kort een-tweetje met Kaká opnieuw Özil aanspeelde, waarna Benzema uiteindelijk weer Ronaldo vrij voor het doel van Kenneth Vermeer vond.

Achteraf had daar wellicht ergens onderweg een tegenstander „neergelegd moeten worden”, zei verdediger Toby Alderweireld. Maar om een dergelijke cynische reactie in een fractie van een seconde aan de dag te leggen is ervaring nodig. Geslepenheid ook. Dat is aan het jonge voetbalbrein van bijvoorbeeld Van der Wiel nu nog niet besteed, ook al heeft de rechtsback op het WK vorig jaar met eigen ogen kunnen zien hoe een (Nederlands) team over de schreef kan gaan met zware overtredingen.

Maar dat is niet de wijze waarop Ajax wil spelen. Het valt te prijzen dat gisteravond geen enkele speler een gele kaart kreeg. Niettemin vonden zijn ploeggenoten dat de jonge Deense spelmaker Christian Eriksen voorafgaand aan de 2-0 aangever Xabi Alonso wel erg makkelijk toestond de diagonale lange bal te spelen. De defensie was op dat moment totaal uit positie, waardoor Kaká op aangeven van Ronaldo de hoek voor het uitkiezen had.

De eerste twintig minuten was Ajax moedig begonnen en via Derk Boerrigter nog dichtbij de openingstreffer geweest. Ajax had iets meer balbezit, waarmee de Amsterdammers na afloop best tevreden waren. Teleurgesteld, maar toch tevreden. Dat Ajax in Bernabéu bij vlagen het spel had gemaakt, is in deze fase van de sportieve ontwikkeling voldoende. Johan Cruijff heeft zich vermoedelijk dit keer niet opnieuw kapot geschaamd voor zijn Ajax.