Mauro mag mogelijk wel in Nederland blijven

Een Kamermeerderheid is tegen uitzetting van de Angolese tiener.

. De uitzetting van de Angolese tiener Mauro Manuel is nog niet helemaal zeker. Minister Leers (Asiel en Immigratie, CDA) zei na een vergadering met de commissie Immigratie en Asiel dat hij het dossier van Mauro nog eens zal bestuderen voor hij een definitieve beslissing neemt. Totdat die beslissing gevallen is, mag Mauro in Nederland blijven. De minister benadrukt wel geen verwachtingen te willen wekken.

Vorige week nog had Leers geweigerd een uitzondering te maken voor Mauro. Die weigering volgde op een brief waarin Mauro verzocht om in Nederland te mogen blijven. De 18-jarige Angolees woont al acht jaar bij pleegouders in Limburg, maar kreeg nooit een verblijfsvergunning.

Een kamermeerderheid, waaronder ook Leers’ eigen partij, het CDA, is tegen uitzetting. Leers zegt nu nog eens te zullen kijken „welke mogelijkheden het beleid biedt”, maar benadrukte dat hij geen ad-hocregeling wil treffen. Wat voor Mauro geldt, moet ook voor anderen gelden, stelde Leers. Op de vraag of er misschien een ruimere regeling voor gelijkaardige gevallen komt, wilde hij niet ingaan.

Het ministerie weigerde aanvankelijk een verblijfsvergunning omdat het enkel uitzonderingen wil maken indien er geen opvang is in het land van herkomst. Dat is voor Mauro niet het geval, oordeelde Leers. Mauro heeft nog steeds contact met zijn moeder in Angola.

Eerder maakte de minister al een uitzondering voor de 14-jarige Afghaanse scholiere Sahar en haar familie. Zij mochten alsnog in Nederland blijven. Volgens Leers was Sahar ‘verwesterd’ en zou ze bij terugkeer naar Afghanistan blootgesteld worden aan te grote ‘psychosociale druk’. (NRC)