Jane: huilebalk of proto-feministe

Mia Wasikowska als Jane Eyre: etherisch en kwetsbaar, maar wel brutaal en zelfverzekerd. scene uit de film Jane Eyre (2011) FOTO: A-Film
Mia Wasikowska als Jane Eyre: etherisch en kwetsbaar, maar wel brutaal en zelfverzekerd. scene uit de film Jane Eyre (2011) FOTO: A-Film A-Film

De perfecte Jane Eyre-adaptatie bestaat alleen in het hoofd van de lezer van het klassieke boek van Charlotte Brontë uit 1847. Iedereen die het boek kent, heeft een idee hoe heldin Jane en held Rochester eruitzien en zich gedragen. Hoewel ook hier interpretaties een rol spelen: is Jane bijvoorbeeld een proto-feministe? In hoeverre is Rochester een echte Byronic Hero – ‘Mad, bad and dangerous to know’?

Er valt flink wat te kiezen voor wie de film in zijn eigen hoofd wil toetsen aan wat anderen ervan maken. Er zijn meer dan veertig film- en televisiebewerkingen van Jane Eyre, inclusief zwijgende films, buitenlandse bewerkingen en de Nederlandse tv-versie uit 1958. Sinds de jaren zeventig heeft de BBC het boek in elk decennium wel op de beeldbuis gebracht. De voorlaatste, niet onaardige filmversie werd in 1996 gemaakt door Franco Zeffirelli, met Charlotte Gainsbourg en William Hurt.

De film uit 1944 met Orson Welles en Joan Fontaine staat te boek als klassieker, maar wie de film (terug)ziet, wacht een teleurstelling.

Fontaine speelt Jane – in het boek een koppige, sterke en gepassioneerde jonge vrouw die onomwonden haar mening geeft – veel te gedwee. Jane is bijkans een huilebalk. Getrouw hoeft een bewerking niet per se te zijn, maar hier zijn enkele wijzigingen doorgevoerd die niet goed uitpakken. St. John, de geestelijke bij wie Jane terechtkomt na haar mislukte huwelijksplechtigheid met Rochester, wordt al aan het begin van het verhaal geïntroduceerd, als arts van het strenge internaat Lowood waar Jane als tienjarige naar toe wordt gestuurd door haar boosaardige tante. Een onnodige ingreep. Alles wordt hijgerig afgeraffeld, niet vreemd voor een film van slechts 95 minuten, maar toch. Cruciale scènes zijn bovendien slecht in beeld gebracht, zoals de eerste ontmoeting tussen Jane en Rochester, als zij z’n paard doet schrikken en hij ervan af valt.

En zo is er altijd wel iets mis. De BBC-versie uit 1983 is behoorlijk tekstgetrouw en heeft sterke hoofdrollen, onder wie Timothy Dalton voor zijn James Bond-tijd, maar is verder behoorlijk gedateerd.

De meest recente BBC-bewerking uit 2006 is wellicht de beste tv-versie. In 200 minuten passeren alle hoogtepunten uit het boek in goed geregisseerde scènes de revue: de ontmoeting, het vlam vatten van Rochesters bed, de geanimeerde gesprekken tussen de Byroneske held en ‘Plain Jane’ en het huwelijksaanzoek. Ruth Wilson is een sterke Jane, elke emotie is van haar gezicht af te lezen.

Bovendien was ze nog jong toen ze de 18-jarige Jane speelde, net zoals de 21 jaar jonge Mia Wasikowska in de nieuwste film – een in alle opzichten krachtige bewerking van Brontës boek, leuk om te vergelijken met de recentste tv-versie. Hierin glimlacht Wilson af en toe kortstondig, Wasikowska in de film slechts één keer. Wat is beter?

André Waardenburg