Forse strafeisen in vastgoedfraudezaak

Het Openbaar Ministerie heeft gisteren forse straffen geëist tegen de verdachten in de vastgoedfraudezaak. Tegen hoofdverdachte Jan van V. werd een celstraf geëist van zeven jaar. Voormalige bestuursvoorzitter Cees H. van Bouwfonds moet als het aan justitie ligt vier jaar de cel in. Tegen de voormalige directeuren van de vastgoedtak van het Philips Pensioenfonds Will F. en Rob L. werd respectievelijk vijf en drie jaar cel geëist.

Het OM hield de afgelopen twee dagen het requisitoir in de grootste fraudezaak uit de Nederlandse geschiedenis; een betoog waarin het gedrag van de vastgoedondernemers keihard werd veroordeeld. Hun handelen leidde, volgens het OM, tot „corrosie van het dunne laagje beschaving dat nog over ons land ligt”.

Hoofdverdachte Van V. was van 1995 tot 2001 directeur bij Bouwfonds. In die periode stal hij volgens justitie miljoenen van zijn werkgever. Na zijn periode bij Bouwfonds zou hij directeuren van Philips Pensioenfonds hebben omgekocht, in ruil voor vastgoeddeals. Justitie nam het de verdachten zeer kwalijk dat zij geen spijt hebben betuigd. Nooit was er sprake van wroeging. „Nee, alle deelnemers zijn gestopt omdat justitie ze in de kraag heeft gevat.”

De affaire begon in november 2007 met invallen in binnen- en buitenland. Honderden opsporingsambtenaren werkten aan de zaak. Ruim 50.000 telefoongesprekken werden afgeluisterd. Vijftig personen werden verdacht, van wie er uiteindelijk elf gisteren terechtstonden. Het OM had niet genoeg capaciteit om alle verdachten te dagvaarden. De komende weken mogen de advocaten pleiten. Wanneer de uitspraak volgt, is nog niet bekend.

‘Als jij poen moet, geef een brul hè?’: pagina 21