Witte de With beledigt kijkers met 'Melanchotopia'

Melanchotopia. Met veertig kunstenaars, onder wie Guillaume Bijl, Erik van Lieshout en Michael Beutler. T/m 27 nov, di-zo 11-18 uur in Witte de With en op tal van andere plaatsen in Rotterdam. Plattegrond bij Witte de With. Inl: wdw.nl **

Je schoenen niet vies maken in het centrum van Rotterdam is haast onmogelijk. Het stationsplein ongedeerd oversteken is een acrobatisch waagstuk. Alles in Rotterdam is op de schop. Te midden van die chaos van hijskranen, zaagmachines en cementwagens hebben tentoonstellingsmakers Nicolaus Schafhausen en Anne-Claire Schmitz van kunstcentrum Witte de With een ambitieus kunstproject opgezet. Meer dan veertig binnen- en buitenlandse kunstenaars nodigden ze uit om in ‘epicentrum’ Witte de With, maar vooral elders in de binnenstad, „nieuwe manieren te verkennen om deel te nemen aan het openbare leven”. Die plekken zijn de grootste attractie van de manifestatie Melanchotopia. Met de plattegrond in de hand leidt het parcours van gebedsruimtes in het Erasmus-ziekenhuis tot een toplessbar aan de Westzeedijk, van een daklozenopvang tot een sterrenhotel aan de overkant van het Stationsplein, van een designwinkel tot een kale containerwand.

Deze charmant alternatieve stadstoer kan helaas maar moeilijk verhullen dat het grootscheepse project van Schafhausen en Schmitz bestaat uit een hoop blabla (lees de catalogus en huiver), en veel kunstwerken (‘interventies’) die de concurrentie met de stad op bijna alle fronten verliezen. Dat komt door de pijnlijk in het oog springende gemakzucht en ideeënarmoede van het gros van de deelnemers. En niemand van de organisatie trok aan de rem.

De Franse kunstenaar Jean-Pascal Flavien – te zien in Witte de With zelf – vormt wat dat betreft een dieptepunt met zijn plannetje om de meubels van twee Rotterdamse locaties om te ruilen. Volgens de catalogus is Flavien „benieuwd naar de gevolgen van de ruil” en stelt zijn project „de bezoekers in staat om na te denken over de ruimte waarin zij zich bevinden”. Maar het gefotografeerde resultaat is een belediging voor elke in kunst geïnteresseerde kijker.

Ook de Zwitser Tobias Spichtig, naar eigen zeggen geobsedeerd door „posities die noch nul, noch één zijn”, maakt zich er makkelijk vanaf. In een voor publiek afgesloten lobby van de kantoorkolos van ING/Nationale-Nederlanden toont Spichtig een statische ‘filmset’ met verlichtingsapparatuur. Op de set gebeurt niets, behalve dat de apparatuur ruimte in beslag neemt. Spichtig vertelde bij de opening dat de reacties van het publiek hem niet interesseren. Hij kan gerust zijn: geen voorbijganger houdt het tempo in om Spichtigs opstelling te bekijken.

De paar kunstwerken die wel overtuigen zijn ouder. De Belg Sven Augustijnen toont in een avondwinkel aan de Schiedamsedijk de schitterende film L’Ecole des pickpockets (2000), waarin twee doorgewinterde zakkenrollers een masterclass geven. Van Erik van Lieshout wordt in het Stadspromotiecentrum een rauw-realistische film getoond over de winkel die de kunstenaar vorig jaar in kansarm Rotterdam-Zuid dreef. Onder het motto ‘Echte luxe is niets kopen’ gaat Van Lieshout op de hem bekende gedreven manier met kunsthaters, PVV-stemmers en ex-verslaafden in discussie. Ze komen allemaal tot leven, omdat ze in gesprek zijn met een kunstenaar die wel geeft om hun mening. Was er door Witte de With maar harder gezocht naar kunstenaars die de grenzen durven te verkennen van discussie in de openbare ruimte.