Tuiles eten om TNT te vergeten

‘Goedemorgen bakker. Mag ik van u een half bruin geneden?” „Jazeker meneer, dat is dan tachtig cent. Of u kunt één euro zestig betalen, dan zorg ik dat er gegarandeerd brood in het zakje zit.” Je zou de bakker voor gek verklaren. Stel, je bestelt in een eetcafé een salade geitenkaas, die voor acht euro

‘Goedemorgen bakker. Mag ik van u een half bruin geneden?”

„Jazeker meneer, dat is dan tachtig cent. Of u kunt één euro zestig betalen, dan zorg ik dat er gegarandeerd brood in het zakje zit.”

Je zou de bakker voor gek verklaren.

Stel, je bestelt in een eetcafé een salade geitenkaas, die voor acht euro op de kaart staat. En de serveerster zegt: „Uitstekende keuze! Als u twee euro bijbetaalt, dan zorg ik dat ik hem ook gegarandeerd bij u aan tafel kom uitserveren.” Dat zou je toch niet pikken?

Toch doen we het. Elke keer dat we iets versturen met de post. Dat gaat als volgt: je koopt een postzegel. Daarmee betaal je voor de dienst die TNT of Post NL, of hoe ze nu ook mogen heten, aanbiedt. Namelijk iets verplaatsen van de ene plek – de brievenbus of het postkantoor – naar de andere plek – je oma’s huis, de centrale studentenadministratie van de universiteit of de postbus van de parenclub, ik noem maar wat. Je plakt je postzegel op het te versturen item en hoppa, op hoop van zegen. Wat een spannend spel zeg, een pakketje versturen.

Zo had ik eens een paar boeken besteld. Ik geloof een stuk of vier. Er kwam er eentje aan. Een vriendin van mij stuurde mij tot drie keer toe een doos krijtjes op (waarom doet er nu even niet toe). Nooit één krijtje van gezien.

En wat zegt de post dan? „Had u ’m aangetekend verstuurd? Nee? Ja, dán kunnen wij er ook niets aan doen.”

Dus het is mijn schuld!?!

En het wordt nog erger. Want voor die acht euro krijg je niet alleen de dienst van de kok die je salade in elkaar slingert of de serveerster die hem naar je tafel brengt. Je betaalt vooral voor de salade, de dressing en die plak chèvre.

De post betaal ik maar voor één ding. Dat pakketje van A naar B brengen. Dat is hun core business. Maar ja, als u wilt dat wij ons werk góéd doen, dan moet u bijbetalen. Ongelooflijk.

Zo. Dat lucht op. En nou moeten we ook nog iets eten natuurlijk. We maken pistache-tuiles.

Hak de pistache in grove stukjes. Meng het eiwit met de suiker, klop de boter, vervolgens de bloem en als laatste de stukjes pistache erdoor. Maak met een halve eetlepel beslag dunne rondjes op bakpapier of liever nog zo’n siliconen bakmat. Bak de tuiles op 160 graden in ongeveer tien minuten af. Ze moeten aan de randen mooi donker beginnen te kleuren.

Wanneer ze net uit de oven komen, zijn ze nog flexibel. Als je ze dan snel om een aanzetstaal oprolt, kun je van die leuke kokertjes maken. En dan kun je de uiteindjes ook nog in gesmolten chocolade dopen. Dat is helemaal leuk voor bij de koffie.

Altijd een succes als er gasten komen, gegarandeerd. Daar hoef je niets voor bij te betalen.

Pistache-tuiles

Voor ong. 25 koekjes:

een flinke hand ongezouten pistachenoten

200 gr eiwit

200 gr zachte boter

200 gr suiker

100 gr bloem