Premier toont zich in zijn Torentje als een frisse bokser

Premier Rutte zal morgen, tijdens de vandaag begonnen Algemene Beschouwingen, ingaan op de bijdragen uit de Kamer. Gisteren ontving hij al een aantal journalisten.

Permier Mark Rutte (VVD) schudt vanmorgen, bij het begin van de Algemene Beschouwingen in de Tweede Kamer, de hand van Geert Wilders, leider van de PVV. Foto Roel Rozenburg Den Haag : 21 september 2011 Algemene Politieke Beschouwingen in de Tweede Kamer. Premier Rutte verwelkomt voor aanvang fractievoorzitter van de PVV Wilders. foto © Roel Rozenburg
Permier Mark Rutte (VVD) schudt vanmorgen, bij het begin van de Algemene Beschouwingen in de Tweede Kamer, de hand van Geert Wilders, leider van de PVV. Foto Roel Rozenburg Den Haag : 21 september 2011 Algemene Politieke Beschouwingen in de Tweede Kamer. Premier Rutte verwelkomt voor aanvang fractievoorzitter van de PVV Wilders. foto © Roel Rozenburg

In de Tweede Kamer lachte premier Rutte vanmorgen een paar keer hard om de fractievoorzitter van zijn eigen partij, Stef Blok. Maar ook om Alexander Pechtold, leider van oppositiepartij D66, die Blok stevig attaqueerde. Ruttes humeur lijdt kennelijk nog allerminst onder commentaren op Miljoenennota en Troonrede. En een goed humeur is geen overbodige luxe: morgen zal hij de kritiek van oppositie en gedoogpartner moeten pareren.

Op zijn werkkamer in het Torentje komt de premier zelf met de vergelijking tussen de overheid en een bokser. Die moet fit zijn, zegt Rutte, „opdat hij klappen kan uitdelen als hij een kans ziet, en kan incasseren als dat onvermijdelijk blijkt”.

Het is dinsdagmiddag. Rutte zit in een kringetje met acht verslaggevers, allen van een dagblad. Door de ramen van de achthoekige, kleine ruimte is de Hofvijver te zien. Tegen de hoge houten lambrisering hangt een pluchen pandabeer. Rutte is zijn vrolijke zelf, een lachende bokser, categorie: supervlieggewicht.

Een interview van acht journalisten, dat levert aanvallen op uit verschillende hoeken. De regering treft vooral de kwetsbaren in de samenleving, zegt de verslaggever van het Algemeen Dagblad. Nou dat is fraai, volgens De Telegraaf pakt dit kabinet nu juist hogere en middeninkomens aan. Rutte springt: „Jullie kunnen natuurlijk niet allebei gelijk hebben.” Later legt hij nog zijn hand op de arm van de verslaggever, noemt hem „lieverd”, en zelfs „schat”.

De schat begint over de mensen op het Malieveld. Wat zegt Rutte tegen hen? En Rutte legt uit hoe de bezuinigingen op het persoonsgebonden budget eigenlijk niet echt een bezuiniging zijn. Bovendien, alle respect voor hen. Sterker, misschien zou hij, in hun situatie, daar ook wel gaan staan. Niet omdat de bezuinigingen onredelijk zijn, maar om te laten zien: „Hé, ik ben er ook nog.”

En dan de kritiek van IMF en Raad van State op de Miljoenennota? Rutte stoot direct terug. Het IMF praat niet met één mond. En de Raad van State, ach ja. Hij daagt de aanwezigen uit om alle reacties van de Raad op de Miljoenennota uit de laatste veertig jaar eens door te nemen. „Die zijn allemaal ongeveer even hard.”

En inhoudelijk? Het verwijt van de Raad dat het kabinet de „ernst van de situatie” onderschat? Daar is hij het gewoon niet mee mee eens. Niet erg dat ze kritisch zijn hoor, daar niet van. Een bokser heeft niets aan „applausmachines”. Rutte: „Die werken als een verslavende drug die telkens weer snel is uitgewerkt.”

Na krap veertig minuten springt hij op. Einde van deze ronde. Op naar het volgende televisie-interview. En dan nog twee dagen Tweede Kamer.

Voor iedere gedoger iets aardigs: pagina 7