Econoom Amartya Sen: de armen betalen de prijs van de crisis

Kredietbeoordelaars kennen volgens econoom Amartya Sen maar een economisch recept: overheden moeten bezuinigen en nog eens bezuinigen. Hij verwijt de bureaus kortzichtigheid.

Amsterdam 5-9-2011 Amartya Sen Nobelprijswinnaar 1998 Economie Foto NRC H'Blad Maurice Boyer
Amsterdam 5-9-2011 Amartya Sen Nobelprijswinnaar 1998 Economie Foto NRC H'Blad Maurice Boyer

Amartya Sen, econoom en Nobelprijswinnaar, voert een kruistocht tegen de kredietbeoordelaars. Gisteren verlaagde Standard & Poor’s de kredietwaardigheid van Italië. De kredietbeoordelaar heeft twijfels over de zwakke economische groei en het bezuinigingsbeleid van premier Silvo Berlusconi.

„Ik vind het bedreigend dat financiële instanties en kredietbeoordelaars de dienst lijken uit te maken”, zei Sen onlangs tijdens een kort bezoek aan Nederland. „Europa is de bakermat voor de democratie, de invloed van kredietbeoordelaars op het democratisch proces is te groot.”

Amartya Sen, een rustige en bescheiden Indiase intellectueel, zit in een hoekje van het café van Grand Hotel Krasnapolsky in Amsterdam. Hij zal de eerste ‘Amartya Sen lezing’ bijwonen, georganiseerd door het 3TU.Centre for Ethics and Technology in samenwerking met het The Hague Institute for Global Justice.

De 78-jarige Sen is verlaat, want hij heeft een wandeling gemaakt in de omgeving en die duurde langer dan gepland. „Ik moet bewegen om fysiek fit te blijven en raakte onderweg geboeid door de dynamiek van het Amsterdamse leven.”

Bij het woord ‘kredietbeoordelaar’ schuift Sen ongemakkelijk op zijn stoel. „De analyse van kredietbeoordelaars bevat niet het waarheidsgehalte dat ze zelf claimen. Het zijn slechts subjectieve inschattingen van de ontwikkeling op de financiële markten.”

De Europese Commissie buigt zich over maatregelen om de kredietbeoordelaars aan banden te leggen. Daarbij gaat het om het aanscherpen van de gedragsregels, het openbaar moeten maken van de rapporten die ten grondslag liggen aan de kredietbeoordeling, en verscherpt toezicht door de Europese waakhond ESMA.

De Duitse bondskanselier Angela Merkel is voorstander van het oprichten van een Europese concurrent van Standard & Poor’s, Moody’s en Fitch Ratings. „Als de opvattingen van kredietbeoordelaars belangrijk worden gevonden dan moeten ze deel gaan uitmaken van een publiek debat, in plaats van blindelings worden uitgevoerd”, zegt Sen. „De Engelse filosoof en econoom John Stuart Mill [1806-1873, red.] heeft al gewezen op ‘governance by discussion’.”

Als politici, economen en beleidsmakers, aldus Sen, één ding kunnen leren van de bankencrisis van 2008, dan is het dat de kredietbeoordelaars er vaak naast zitten met hun prognoses. Sen: „En mag ik er aan herinneren dat het Amerikaanse Congres een debat wijdde aan de vraag of de kredietbeoordelaars juridisch moesten worden vervolgd.”

Sen is een van de meest gezaghebbende deelnemers aan het debat over de rechtvaardigheidstheorie. Dat verklaart ook zijnkruistocht tegen Standard & Poor’s, Moody’s en Fitch Ratings. „De kredietbeoordelaars hameren op een snelle reductie van de overheidsschuld door de overheidsuitgaven fors te verlagen”, zegt Sen.

„Het betekent een verlaging van de uitgaven voor sociale zekerheid, gezondheidszorg, onderwijs, ontwikkelingshulp. Dat is de rode draad in al hun adviezen. De bankencrisis is verworden tot een overheidscrisis en de schuld wordt afgewenteld op de bevolking. En dan met name op de mensen die achter in de rij staan. De onderkant van de samenleving betaalt de prijs van de bankencrisis.”

Het beleid moet volgens hem worden gericht op een stimulering van de economische groei. De huidige bezuinigingen in de Verenigde Staten en in „de probleemlanden van Europa” zullen resulteren in een afnemende vraag en bedrijvigheid waardoor de problemen alleen maar groter worden.

Sen: „Groei genereert inkomsten voor de overheid. De grote overheidsschulden aan het einde van de Tweede Wereldoorlog leidden tot veel bezorgdheid, maar verdwenen als sneeuw voor de zon dankzij de economische groei.”

Amartya Sen is bezorgd. „Ieder groot falen zou ons ertoe moeten dwingen fundamentele denkbeelden opnieuw te bezien”, zegt Sen. „En dat gebeurt nu nauwelijks.” Een crisis, doceert hij, betekent niet alleen een uitdaging die direct het hoofd moet worden geboden, maar zij biedt ook een gelegenheid om de thema’s voor de lange termijn aan te pakken.

Sen: „Het behoud van het milieu, de wereldvoedselproblematiek, de gezondheidszorg, het energievraagstuk ..., zo kan ik nog wel even doorgaan. Het zijn allemaal zaken die de afgelopen decennia zijn verwaarloosd. Mag ik een voorbeeld uit de praktijk geven? In de Indiase deelstaat Kerala wordt tegen relatief lage kosten gezondheidszorg voor iedereen gegarandeerd. Sinds de Chinezen de algemene ziektekostenverzekering in 1979 hebben laten vallen, heeft Kerala China ingehaald wat betreft gemiddelde levensverwachting en indicatoren als kindersterfte, ondanks het feit dat het een veel lager inkomen per hoofd van de bevolking heeft. Dit soort voorbeelden creëert hoop en kan vernieuwend werken.”

Amartya Sen is hoogleraar economie en filosofie aan Harvard University en heeft een reputatie als vernieuwer van de grondslagen van de politieke economie.

„De economische crisis is een groot fiasco van het marktstelsel”, zegt Sen. „De crisis werd door het systeem zelf voortgebracht. De crisis vertegenwoordigt ook een moreel falen: het falen van een systeem dat op financiële waarden is gefundeerd.”

Sen leerde economen anders denken over collectieve besluitvorming, welvaartseconomie en het meten van armoede. Hij was een pionier op het terrein van onderzoek naar de (economische) ongelijkheid tussen mannen en vrouwen en hielp de Verenigde Naties met de ontwikkeling van de Human Development Index, de internationale maatstaf over de kwaliteit van leven.

Bovenal is Sen beroemd geworden met zijn onderzoek naar hongersnood. Zoals Adam Smith vaak in een adem wordt genoemd met ‘de onzichtbare hand’ en Joseph Schumpeter met ‘creatieve destructie’, zo wordt bij Sen steevast verwezen naar zijn these, dat hongersnoden niet voorkomen in democratieën.

Dit komt, zo schrijft hij in Democracy as Freedom (1999) omdat democratische regeringen „verkiezingen moeten winnen en te maken hebben met de publieke opinie, en dat zijn sterke stimulansen om hongersnoden en andere catastrofes te voorkomen”.

Sen heeft bijna zijn hele leven doorgebracht op de campus van universiteiten, zijn vader doceerde chemie aan de Dhaka Universiteit (de hoofdstad van Bangladesh). Zelf studeerde Amartya Sen aan het Presidency College te Calcutta – eerst natuurkunde, later economie.

Begin jaren vijftig zette hij zijn economie-opleiding voort aan het Trinity College van het Engelse Cambridge. In de jaren zestig was hij (gast)hoogleraar aan alle belangrijke universiteiten van de Verenigde Staten, MIT, Stanford, Berkeley en Harvard.

„Ik beschouw mijzelf als een wereldburger, maar met Europa heb ik wel een bijzondere affiniteit”, zegt Sen. „De stiefvader van mijn vrouw Eva Colomi was Altiero Spinelli.” De Italiaanse politicus stond samen met Robert Schuman, Paul-Henri Spaak, Alcide De Gasperi en Jean Monnet aan de wieg van het moderne Europa. „De zomervakanties brachten wij altijd met de familie door in Italië. Dagen en dagen werd er gesproken over politiek en vooral over Europa.”

Hoe beoordeelt u de actuele situatie?

Sen: „U bedoelt wat is de oorzaak van de huidige economische malaise? Het bizarre besluit van één Europese munt zonder een verdere politieke en economische integratie ligt daaraan ten grondslag. Eén munt zonder politieke integratie is onmogelijk.”

U was altijd tegen de euro?

„Ja, en tegelijk ben ik een fel pleitbezorger van Europese eenheid. Ik heb mij aangesloten bij de Spinelli Groep, een initiatief vanuit het Europees Parlement dat het streven naar federalisme een nieuwe impuls wil geven. Samen met onder meer Jacques Delors, Daniel Cohn-Bendit en Guy Verhofstadt wil de Spinelli Groep die discussie nieuw leven inblazen.”

Wat is uw belangrijkste punt van kritiek tegen de euro?

„Met de invoering van de euro gaf elk land zijn monetaire beleid uit handen, een individuele aanpassing van de wisselkoers was niet meer mogelijk. In het verleden heeft zo’n correctie van de wisselkoers landen in nood vaak geholpen en kon zo worden voorkomen dat maatregelen moesten worden getroffen die zwaar ingrijpen in het leven van burgers, in een verwoede poging om de stabiliteit op de financiële markten terug te brengen.

„De monetaire beleidsvrijheid kun je opgeven als er ook politieke en economische integratie is, zoals in de VS. Maar het half afgebouwde Europese huis is een recept voor een ramp. Het prachtige idee van een democratisch en verenigd Europa gaat gepaard met een hachelijk programma van een niet coherente financiële samensmelting.”

De oplossing?

Sen heft twee armen in de lucht. „Ik weet het niet. Er is geen gemakkelijke oplossing. Maar ik pleit voor een intelligente democratische discussie, en niet een debat dat wordt gedomineerd door populisten en kredietbeoordelaars. We hebben een lange weg te gaan.”

En aan het eind van die weg wordt er in Portugal weer betaald met de escudo en in Griekenland met de drachme?

„Dat verwacht ik wel. De problemen van beide landen zouden al opgelost zijn wanneer ze hun munt hadden kunnen devalueren. Voor deze landen is de euro juist het probleem.”