Dit is een artikel uit het NRC-archief
Bekijk hele krant

NRC Handelsblad

Onderwijs

Het allerspannendste ter wereld is het vinden van een schat

Terwijl ouders zich in de jaren tachtig druk maakten over de Koude Oorlog en de bom, konden kinderen zich verdrinken in het mysterie van De Zevensprong.

Brozem Roberto, tovenaar Jan Thomtidom en meester Frans van der Steg lezen het gedicht dat ze de weg wijst naar de schat. Vlnr Bart Gabriëlse, Cor van Rijn, Peter Bos. Foto Beeld en Geluid De Zevensprong
Brozem Roberto, tovenaar Jan Thomtidom en meester Frans van der Steg lezen het gedicht dat ze de weg wijst naar de schat. Vlnr Bart Gabriëlse, Cor van Rijn, Peter Bos. Foto Beeld en Geluid De Zevensprong

Titia Ketelaar

Dit is een ode aan televisiemaker en regisseur Karst van der Meulen. Terwijl in de jaren tachtig de grotemensenwereld op instorten leek te staan, gaf hij een hele generatie lagereschoolkinderen het idee dat het vinden van een schat het spannendste was dat je kon overkomen. En het engste was dat je en passant een boef tegenkwam. Maar dan had je je fiets, en fietste je gewoon heel hard weg.

Dat er intussen een economische crisis gaande was, met grote werkloosheid als gevolg, en dat onze ouders zich zorgen maakten over de Koude Oorlog en de bom, dat drong alleen door als Robert ten Brink of Leoni Jansen het ons vertelden in het Jeugdjournaal. Maar zoals Kinderen voor Kinderen in 1984 zongen: „Als ik de baas zou zijn van het Journaal/ Dan werd metéén het nieuws een heel stuk positiever/ De hele wereld werd meteen een beetje liever/ Want ik negeerde alle narigheid totaal.”

Natuurlijk, we hadden ook de Freggels (Jim ‘The Muppetshow’ Henson), de Snorkels (Hanna-Barbera), Candy Candy (Japanse meisjescartoon), de Troetelbeertjes (Amerikaanse cartoon) en de Duitse kinderen uit Ravioli.

Maar Karst van der Meulen bracht, vaak in samenwerking met Piet Geelhoed, échte televisie over een prettige en positieve wereld – overigens zonder dat problemen werden genegeerd. In Mijn Idee, waarvoor hij in 1988 de Nipkow-schijf ontving en waarvoor je zelf een scenario kon schrijven, ging het naast spannende avonturen bijvoorbeeld ook over racisme, stelen of scheidende ouders. In Thomas & Senior ging het natuurlijk over het vinden van een schat, maar ook over een vader die zijn zoon niet begreep, en vice versa.

Het mooiste én tegelijk engste dat Karst van der Meulen maakte, was De Zevensprong, naar het gelijknamige boek van Tonke Dragt. Onderwijzer Frans van der Steg vertelt de leerlingen van zijn dorpsschool dat hij wacht op een geheimzinnige brief, waarvan de afzender „onbekend en onbemind” is.

En zie: begeleid door een donderslag valt er ’s avonds een brief op de mat. Ondertekend door Gr.. Gr… Frans denkt dat zijn leerlingen een grap met hem uithalen. Tot hij door een knorrige koetsier wordt opgehaald die hem naar een afspraak in het Trappenhuis wil brengen.

Voor de eerste keer in zijn leven raakt Frans verwikkeld in een echt avontuur. Samen met een lief kruidenvrouwtje, een raadselachtige magiër, een stoere brozem op brommer, het jongetje Geert-Jan en de leerlingen van de dorpsschool gaat hij op zoek naar een verborgen schat, die alleen kan worden gevonden door iemand die via de zeven wegen van de Zevensprong in het bos het Trappenhuis heeft bereikt. Daarbij natuurlijk tegengewerkt door Gr.. Gr.., de grimmige grijsaard die de oom van Geert-Jan is.

Ik was jaloers op de leerlingen van de openbare lagere school uit Markvelde die op de aftiteling stonden vermeld. Dat ze figuranten waren in de serie was één ding, maar ze werden ook nog eens betrokken bij een spannend complot. En in het bos woonde de brozem, in een soort prieeltje waar hij een kanon had en worstjes bakte boven een vuur.

Onze avonturen beperkten zich tot een hut onder de rododendron. Als we rondfietsten, waren we altijd op tijd thuis voor het avondeten. Een boef kwamen we nooit tegen. We klommen ’s nachts – nou ja, bij lichte schemering – af en toe door het gat in de heg van de begraafplaats. Alles tevergeefs, er gebeurde nooit iets.

Die tijd van zoeken naar onschuldige avonturen zou na de jaren tachtig nooit meer terugkomen. De val van de Muur – of misschien wel gewoon het einde van mijn lagereschooltijd – maakte een einde aan die onbekommerdheid. Wat volgde waren de hedonistische jaren negentig, gesymboliseerd door Beverly Hills 90210. Karst van der Meulen maakte in 1994 nog wel de Legende van de Bokkenrijders maar daarvoor voelde ik me toen al veel te oud.

Bij het terugzien van De Zevensprong valt op hoe ongelooflijk spannend de serie nog altijd is (hetzelfde effect geeft herlezing van Tonke Dragts boek), en hoe goed de acteurs waren gecast. Maar opvallend is ook vooral hoe goeiig de generatie-70/80 opgroeide, ondanks die bom, die werkloosheid en die Koude Oorlog. Fietsen gingen niet op slot, voor- en achterdeuren evenmin. Je klom gewoon bij een vreemde achterop de brommer of speelde zonder toezichthouders in het bos. Klassen waren klein, de meester werd met u aangesproken, en volwassenen droegen áltijd een das.