Dit is een artikel uit het NRC-archief
Bekijk hele krant

Politiek

Aspirientje tegen historisch zeer

De Turkse regering is een charmeoffensief begonnen jegens minderheden.

Oprecht? Of wil Turkije zijn internationaal uitgedragen nationalisme maskeren?

Griekse orthodoxen wedijveren in Istanbul om een houten kruis. Op deze wijze herdenken ze elk jaar de doop van Jezus. Foto Reuters Dimitris Kouzounis (front), a Greek Orthodox, retrieves a wooden crucifix as he swims in the Golden Horn in Istanbul January 6, 2011. Greek Orthodox swimmers raced to retrieve the wooden crucifix thrown into Golden Horn in Bosphorus by the Greek Orthodox Ecumenical Patriarch Bartholomew during Epiphany day celebrations. REUTERS/Osman Orsal (TURKEY - Tags: SOCIETY RELIGION IMAGES OF THE DAY)
Griekse orthodoxen wedijveren in Istanbul om een houten kruis. Op deze wijze herdenken ze elk jaar de doop van Jezus. Foto Reuters Dimitris Kouzounis (front), a Greek Orthodox, retrieves a wooden crucifix as he swims in the Golden Horn in Istanbul January 6, 2011. Greek Orthodox swimmers raced to retrieve the wooden crucifix thrown into Golden Horn in Bosphorus by the Greek Orthodox Ecumenical Patriarch Bartholomew during Epiphany day celebrations. REUTERS/Osman Orsal (TURKEY - Tags: SOCIETY RELIGION IMAGES OF THE DAY) REUTERS

Vraag Mihail Vasiliades niet of hij hoopvol is gestemd over de toekomst. Dat zit niet in zijn aard. Daarvoor is hij en de Griekse gemeenschap die hij vertegenwoordigt te veel kwijtgeraakt in de afgelopen eeuw.

De hoofdredacteur klikt de tl-lichten aan in het kantoortje van de enig overgebleven Griekse krant in Istanbul: Apoyevmatini. Het is een redactielokaal zoals ze tegenwoordig niet meer bestaan: met oude typemachines, een stoffige archiefkast en een tekentafel waar de krant nog met de hand wordt opgemaakt.

Het verhaal van zijn krant is het verhaal van de Griekse gemeenschap. Aan het begin van de vorige eeuw, toen Istanbul nog het centrum was van een kosmopolitisch wereldrijk, sprak ruim een kwart van de bevolking in deze stad Grieks. Tienduizenden lezers had de krant bij de oprichting in 1925. Nu heeft hij nog zeshonderd abonnees, precies zoveel als het aantal Griekse families dat na die woelige eeuw is achtergebleven.

Zijn krant is stervende, zegt Vasiliades. „We lijden aan kanker. Maar nu hebben we van de regering een aspirientje gekregen tegen hoofdpijn. We zullen nog steeds sterven, maar tenminste zonder hoofdpijn.” Ook goedemorgen.

Het aspirientje dat hij bedoelt is de plechtige belofte van de Turkse premier Erdogan om honderden bezittingen die de Turkse staat in de afgelopen eeuw afnam van de niet-islamitische minderheden terug te geven – aan de Grieken, de Armeniërs en de joden. Scholen, begraafplaatsen, weeshuizen, ziekenhuizen, gemeenschapshuizen, die in 1936 met een speciale wet werden afgepakt. De minderheden kunnen ook rekenen op financiële compensatie van bezittingen die in de afgelopen 75 jaar door de Turkse staat zijn verkocht. Hiermee komt een eind aan een decennialang gevecht dat de minderheden in Europese en Turkse rechtbanken voerden. Aldus bepaald door de premier, per decreet.

Dat zou groot nieuws moeten zijn voor de krant van Vasiliades. Maar de hoofdredacteur besloot om het nieuws niet dominanter te maken dan de andere ontwikkelingen in de regio die hem zorgen baren. Ze zijn met elkaar verbonden, denkt hij. De hoogoplopende ruzie met Israël. De spanningen met Grieks Cyprus. Het conflict met de Koerdische militanten van de PKK. Het charmeoffensief jegens van minderheden komt juist nu het Turks nationalisme hoogtij viert in de buitenlandse politiek. En dat valt op.

„De belofte van teruggave van onze bezittingen was niet makkelijk voor de premier, want er is veel verzet van de nationalistische oppositie. Hierin zie je het bewijs van het grote zelfvertrouwen van de premier na de verkiezingen”, zegt de hoofdredacteur. Erdogan won in juni met vijftig procent van de stemmen de verkiezingen en verpulverde zijn oppositie. „Maar zulke beloften zijn al eerder gedaan. Ik geloof niet dat ze zijn ingegeven door het plotselinge medeleven van de premier met de minderheden in Turkije. Let op de timing. De relatie met Europa staat onder druk. Nu probeert hij ze weer te charmeren. Er is een gezegde in het Turks: doe je broekspijpen niet omhoog voor je bij de zee bent. Wie te vroeg juicht, loopt het risico te worden teleurgesteld.”

De afgelopen eeuw was de eeuw van teleurstelling. Een bloedige eeuw voor de Armeense christenen. Maar ook voor de Grieken, die bij de oprichting van de Turkse republiek in 1923 met honderdduizenden uit het hart van Anatolië werden verjaagd. De pogroms van september 1955, toen tienduizenden Griekse middenstanders het centrum van Istanbul werden uitgejaagd. En de tienduizenden die in jaren daarna de stad nog verlieten, onder wie de hoofdredacteur zelf, die pas terugkeerde toen Erdogans AK-partij in 2002 aan de macht kwam.

De partij die zijn wortels heeft in de politieke islam en zich opwerpt als de vertegenwoordiger van gelovige en belijdende moslims, deed meer voor de niet-islamitische minderheden in Turkije dan veel van de strengseculiere voorgaande regeringen. De partij stelde een Grieks-orthodox klooster en een Armeense kerk weer open voor jaarlijkse gebedsdiensten. De partij paste ook wetten aan waarin de rechten van minderheden beter beschermd worden, zoals de Europese Unie eist voor Turkse toetreding.

Twee nauwe steegjes verderop, aan de Straat van de Onafhankelijkheid in het centrum van Istanbul, meent een Armeense apotheker die anoniem wil blijven dat de slechte tijden voor de christenen in deze stad nu achter de rug zijn. „Er zijn hele skyscrapers gebouwd op de grond van Armeniërs in deze stad. De regering belooft ons te compenseren voor het gebruik van dat land. Iedereen is blij. Ik ken niemand die niet blij is.”

Behalve de hoofdredacteur van de Griekse krant dan. Hij wijst op de tienduizenden huizen in de stad, die halsoverkop werden verlaten door de Grieken in de jaren vijftig, zestig en zeventig, en nu worden bewoond door Koerden, Afrikanen of andere migranten. Veel van die gebouwen zijn ingestort, vermolmd, reddeloos verloren. „Voor terugkeer van die Grieken is het te laat. Ze zijn dood. Of oud, zoals ik. Maar misschien is er nog hoop voor de nieuwe generatie die opgroeit in bankroet Griekenland. Voor hen is Turkije nu misschien een optie.”