Was ik maar pop gebleven

Do van Ranst / Maarten van Hove: Showbizzkiss. Querido, 208 blz. € 13,95. 12+

Jongeren dromen van roem, maar willen net zo lief onopvallend opgaan in de groep. Het is eenpuberparadox die bij uitstek geldt voor Maarten van Hove, hoofdpersoon in het door Do van Ranst geschreven Showbizzkiss. Hij speelde als jongen van twaalf de hoofdrol in de grote Vlaamse musical Pinokkio. Wekelijks was hij op het Jeugdjournaal. Zijn klasgenoten vroegen hem om een handtekening. Maar na de tournee maakte de roem plaats voor de keerzijde van het kindsterrendom: afwijzingen bij volgende audities en beschuldigingen van sterallures. Nu wil Maarten er niets meer mee te maken hebben.

Pijnlijk proeven aan volwassenheid is de rode draad geworden in de Slash-reeks, waarvan Showbizzkiss van Do van Ranst en Maarten van Hove het tiende deel is. Literaire auteurs schrijven in nauwe samenwerking met jongeren een roman over hun levensverhaal. Dat leverde al grootse romans op over bijvoorbeeld een bolletjesslikker en een ballettalent, maar liet ook zien dat waargebeurde verhalen niet altijd een goede roman opleveren. Lydia Roods Slash-boek Miss Dakloos was bijvoorbeeld niet meer dan een interessante mislukking: het onstuimige leven van Jojo Matthews liet zich, onbedoeld maar onvermijdelijk, enkel vatten in een roman die uit balans was.

De worsteling met de waarheid zie je ook in Showbizzkiss, al heeft Van Ranst keuzes gemaakt die de roman ten goede komen. Het citeren uit een musicallied bijvoorbeeld, wat een prikkelende omkering geeft: ‘Ik was liever pop gebleven, een gewone houten pop met een simpel leven en geen zorgen rond mijn kop.’

De Pinokkio-tijd heeft hij door het verhaal van het heden geweven, waardoor een mooi contrastontstaat tussen de opmerkelijke pleziermakerij in het musicalwereldje en de concurrentie bij het amateurtoneel in zijn eigen dorp. Het legt terecht de nadruk op het misverstand van de beroemdheid, die Maarten zo’n kater heeft bezorgd. Als hij zijn broers auditie bij het amateurgezelschap bezoekt, wordt dat totaal verkeerd begrepen – hij was echt niet gekomen om ze de les te lezen. Het is misschien wel de beste scène van de roman, waarin Van Ranst tot de kern komt.

Andere keuzes pakken minder fortuinlijk uit. De cursieve tussenstukjes met ‘het meest gênante moment’-anekdotes zijn vreemd oppervlakkig. En het personage Charlotte, ook musicalkindster én Maartens liefje, komt niet zo goed uit de verf als zou moeten. Voor Van Hove mag Showbizzkiss een waarachtige weergave geworden zijn, maar voor Van Ranst zou je wensen dat hij dit verhaal verzonnen had. Zodat hij het net iets anders, iets scherper had kunnen opschrijven en het echt indrukwekkende literatuur had opgeleverd.