Monaldi en Sorti

Cover van het boek Mysterium van Monaldi & Sorti
Cover van het boek Mysterium van Monaldi & Sorti

De Italiaanse schrijvers Rita Monaldi en Francesco Sorti publiceerden vanaf 2002 een reeks van zeven wijdlopige, historische thrillers. Ze zijn tot de rand gevuld met feiten en complotten en gaan over de abt, castraatzanger en spion Atto Melani die van 1626 tot 1714 werkelijk leefde. Mysterium (Cargo, € 24,90), hun nieuwste en vierde deel, beproeft het geduld .

Mysterium is een zusterboek van het spannende-boekenmaand-geschenk Versluiering dat afgelopen juni gratis werd verspreid. Van dat dunne maar overvolle boekje (96 bladzijden) kreeg ik het piepend benauwd; dit boek (600 bladzijden) leidde tot hyperventilatie. Versluiering is een lakmoestest; wie dat een aangename verrassing vond, zal Mysterium ook waarderen. Hoofdpersoon is wederom Atto Melani, die als getalenteerd zanger veel aan de Europese hoven verkeerde en door Louis XIV werd gerekruteerd als diplomaat, intrigant en spion.

Atto is de kleurrijke kapstok waaraan Monaldi en Sorti hun zeven boeken ophangen. Ze zijn verwant aan de historische romans van Umberto Eco; het skelet wordt gevormd door een moorddadige intrige, het welvende vlees door een karrenvracht historische en bibliofiele kennis. Waar bij Eco sprake is van eruditie, is bij Monaldi en Sorti sprake van het lozen van feiten en het pervers spotten met de werken waaruit ze putten.

Die oneerbiedige houding ten opzichte van de vele, vele geraadpleegde bronnen is tegelijk grappig en irritant. De strekking van het werk van Monaldi en Sorti lijkt te zijn dat alle historische bronnen onbetrouwbaar zijn en dat achter alle opgevoerde historische gebeurtenissen een complot schuilgaat dat de mensheid eindelijk wordt onthuld in hun zeven boeken. Het is een vermoeiende gimmick: er móét een onthulling in elk boek zitten en die wordt wankel geschraagd door de theorieën van Monaldi en Sorti. Tijdens dit proces wordt de lezer om de oren geslagen met duizenden, vaak op zichzelf boeiende historische feiten en weetjes.

In Mysterium keren Monaldi en Sorti net als in Versluiering terug naar de jeugd van Atto. Het boek is een verzameling ‘Vertogen en Berichten’ over gebeurtenissen die plaatsvinden als Atto twintig is, geschreven door diens secretaris en bestemd voor de latere, volwassen Atto. Mysterium wordt daardoor een soort 17de-eeuwse knipselmap die deze lezer weinig houvast geeft. Dat is vooral de schuld van de bekvechtende, kleurrijke hoofdpersonen en van het feit dat de jonge Atto het verloop van dit verhaal nauwelijks dicteert.

Naast Atto en zijn secretaris reizen een paar andere castraatzangers, de bibliothecaris van de Franse kardinaal Mazarin en enkele filologen mee, die de klassieke teksten bestuderen waarop onze en hun kennis van de oudheid is gebaseerd. Als het gezelschap met een stel kapers op een eiland belandt waar ook een monnik is gesignaleerd die de halve bibliotheek van Alexandrië in zijn ransel beweert te hebben, jaagt men onvermoeibaar op deze filologische schat.

Tijdens de jacht worden onnoemelijk veel filologische disputen uitgevochten die op zichzelf boeiend zijn maar in non-fictie beter tot hun recht zouden komen en het thrilleraspect van dit boek grondig teniet doen. De intellectuele capriolen zijn kunstig maar ledig; uiteindelijk is dit een boek waarvan de portee is dat alle klassieke teksten vervalsingen zijn en dat het najagen van kennis futiel is. Monaldi en Sorti spotten met dezelfde teksten die ze zo graag en vaak parafraseren. En passant is er veel op te steken; wie weet bijvoorbeeld dat de Franse marine zogenaamde ‘branders’ inzette, als handelsschip uitgedoste militaire schepen die, zodra ze door piraten werden geënterd, werden gedetoneerd? Of dat Galileo Galilei zich bewust door de kerk liet veroordelen, alleen maar omdat hij verzot was op publiciteit?

Het relativeren van het gewicht van oude teksten terwijl die voortdurend worden geciteerd, irriteert. Ook de kluchtige toon is nogal afmattend, net als het onvermoeibare gepraat over ‘kontneuken’, vulvae en vijgwratten.

De boeken van Monaldi en Sorti zijn een geval van love it or hate it. De één vindt het heerlijk om weg te zinken in hun schelmse gejongleer met kennis, de ander ervaart een delirium.

Robert Gooijer