9/11 en de dialoogindustrie

USA. Brooklyn, New York. September 11, 2001. Young people relax during their lunch break along the East River while a huge plume of smoke rises from Lower Manhattan after the attack on the World Trade Center. Contact email: New York : photography@magnumphotos.com Paris : magnum@magnumphotos.fr London : magnum@magnumphotos.co.uk Tokyo : tokyo@magnumphotos.co.jp Contact phones: New York : +1 212 929 6000 Paris: + 33 1 53 42 50 00 London: + 44 20 7490 1771 Tokyo: + 81 3 3219 0771 Image URL: http://www.magnumphotos.com/Archive/C.aspx?VP3=ViewBox_VPage&IID=2K7O3RK0762&CT=Image&IT=ZoomImage01_VForm
USA. Brooklyn, New York. September 11, 2001. Young people relax during their lunch break along the East River while a huge plume of smoke rises from Lower Manhattan after the attack on the World Trade Center. Contact email: New York : photography@magnumphotos.com Paris : magnum@magnumphotos.fr London : magnum@magnumphotos.co.uk Tokyo : tokyo@magnumphotos.co.jp Contact phones: New York : +1 212 929 6000 Paris: + 33 1 53 42 50 00 London: + 44 20 7490 1771 Tokyo: + 81 3 3219 0771 Image URL: http://www.magnumphotos.com/Archive/C.aspx?VP3=ViewBox_VPage&IID=2K7O3RK0762&CT=Image&IT=ZoomImage01_VForm ©Thomas Hoepker / Magnum

Hassan Bahara en Patrick Pouw (red.): WTF?! Volwassen worden na 11 september. Uitgesproken jonge Nederlanders over het afgelopen decennium. Prometheus, 205 blz. € 19,90

Michael Butter e.a.: 9/11: Kein Tag der die Welt veränderte. Ferdinand Schöningh, 169 blz. €16,90

F. Osinga e.a.: Nine eleven. Tien jaar later. Boom, 288 blz. € 19,90

Twee jaar lang nam Nathan Bouscher deel aan wat hij noemt de dialoogindustrie. Als jonge joodse Amsterdammer en bestuurslid van CiJO, de jongerenorganisatie van het Centrum voor Informatie en Documentatie Israël (CIDI), deed hij mee aan een Marokkaans-joods voetbaltoernooi, aan ramadanfestivals, joods-Marokkaanse lentefeesten, studiedagen, discussiefora en aan het zogeheten ‘ambtswoningoverleg’ waarmee Job Cohen als burgemeester joden en Marokkanen samenbracht.

Maar allengs kreeg hij het gevoel dat al die goedbedoelde initiatieven, al die pogingen tot dialoog, een werkelijk debat in de weg stonden. In algemene termen werd wel veel gesproken over de noodzaak samen een tolerante samenleving op te bouwen. Maar het specifieke probleem van het Marokkaanse antisemitisme mocht niet aan de orde worden gesteld. De dialoog moest vooral in balans blijven, groepen moesten elkaar respecteren – ook al hadden joden last van hun Marokkaanse landgenoten, en niet omgekeerd.

Bouscher beschrijft die ervaring in de verfrissende bundel WTF?! Volwassen worden na 11 september. Het is een verzameling persoonlijke stukken van twintigers en dertigers, met sterk uiteenlopende achtergronden en opinies, over het woelige decennium dat Nederland sinds 9/11 achter de rug heeft.

De titel, sms-taal voor What the fuck?!, geeft al aan dat niemand een blad voor de mond neemt. Niemand is bang om op elkaars tenen te gaan staan, zoals op die brave multiculturele sessies die Bouscher twee jaar lang afliep.

Het levert een mooi staaltje pittige Hollandse diversiteit op. De auteurs zijn Turkse, Marokkaanse, Egyptische, Ethiopische, staatkundig-gereformeerde, joodse, sociaal-democratische, liberale, filosofische en militaire Nederlanders. En ze hebben bijna allemaal iets op hun lever en prikkelen tot tegenspraak. Abdoumouthalib Bouzerda (oud-voorzitter van de Arabisch-Europese Liga) bijvoorbeeld hekelt de verruwing van de politiek ten opzichte van moslims en zegt dat „9/11 en de gevolgen daarvan een psychologische aanslag op mij zijn geweest”.

Zihni Ozdil (publicist en promovendus) citeert de woorden ‘islam is juist vrede’ uit de mond van ... George W. Bush, uitgesproken amper een week na 9/11 in een islamistisch centrum. Ozdil stelt ons Amerika ten voorbeeld en hekelt de opstelling van Turks-Nederlandse jongeren die zich afzijdig houden van de samenleving en daarvoor als slap argument geven: ‘het is tóch niet mijn land’. ‘Wij jonge Nederlanders van kleur gaan ooit hier sterven en onze kinderen en kleinkinderen gaan hier opgroeien,’ schrijft Ozdil. ‘Wij moeten beseffen dat we een wezenlijk onderdeel van Nederland zijn.’

En Nadia Ezzeroili (journalist) onderwerpt zichzelf, en het debat tussen Marokkanen onderling, aan een kritisch zelfonderzoek. Waarom werd iedere bekende Marokkaan ‘die het gore lef had zijn mening in de media te verkondigen’ zo vaak en zo onheus aangevallen door andere Marokkanen? ‘Sinds twee jaar vraag ik me af waarom ik daar in godsnaam aan meedeed.’

Tegendraads

Voor een meer afstandelijke, maar even aanstekelijke benadering is gekozen in de tegendraadse Duitse bundel Kein Tag, der die Welt veränderte. Tien jonge Duitse wetenschappers bestrijden vanuit tien verschillende invalshoeken de veel gehoorde stelling dat 11 september 2001 een drastische breuk in de geschiedenis markeert.

Voor ieder essay is als uitgangspunt een foto genomen, die met 9/11 te maken heeft en iconische waarde heeft gekregen. Een foto van het neerhalen van het standbeeld van Saddam Hussein in 2003 bijvoorbeeld, schijnbaar het toonbeeld van Amerikaanse macht, dient als kapstok voor een opstel over de grenzen van die macht, die in Irak al snel aan het licht kwamen. Maar, stelt de auteur, het is echt nog niet gedaan met met Amerika als ‘ordeningsmacht’ die dominant is in de internationale politieke verhoudingen.

Bij een foto van een triomfantelijke Bush als straaljagerpiloot (op de dag in 2003 dat hij voorbarig verklaarde dat de Irak-oorlog voorbij was) staat een verhaal over de ‘crisis van de mannelijkheid’. Die crisis bestond al, Susan Faludi schreef in 1999 al haar veelbesproken boek Stiffed: The Betrayal of the American Man, over mannen die niet meer kunnen beantwoorden aan het stoere beeld dat de maatschappij van hen verwacht. Maar op 9/11 werden de mannelijkheid van het land en zijn president zo uitgedaagd door Al-Qaeda, dat Bush met een klassieke heldenpose probeerde het oude rolmodel nieuwe kracht te geven.

Nóg afstandelijker is de nuchtere en informatieve bundel Nine eleven, tien jaar later. De veertien essays in het boek zijn allemaal geschreven door academische experts, onder meer verbonden aan de Faculteit Militaire Wetenschappen van de Nederlandse Defensie Academie. Over sommige onderwerpen in dit boek is de afgelopen jaren al zoveel gezegd en geschreven, dat het moeilijk is er nog iets nieuws of verrassends over te zeggen. Vooral sommige van de hoofdstukken met een internationale thematiek lijden daaronder.

Maar een vergelijkende analyse van de terreurbestrijdingsmaatregelen die sinds 9/11 zijn genomen in tien verschillende Europese landen, leidt tot de interessante conclusie dat Nederland en Groot-Brittannië voorop lopen met het nemen van preventieve maatregelen. Bij de ‘mensgerichte’ Nederlandse aanpak ligt de nadruk sterk op contact met burgers, onder meer om te voorkomen dat potentiële terroristen radicaliseren. Spanje en Polen richten zich vooral op opsporing en vervolging, Frankrijk en Portugal hebben de meest repressieve aanpak. Voor de zekerheid stelt auteur Erwin Muller overigens: „Het is een illusie te denken dat terrorisme uitgebannen kan worden.”

Geschrokken

Hoezeer de Nederlandse overheid geschrokken was van 9/11 laat Bob de Graaff mooi zien in zijn artikel over contra-terrorismebeleid in Nederland. Hij herinnert eraan dat minister Donner van Justitie er in 2003 vanuit ging dat het nieuwe, religieus gemotiveerde terrorisme decennialang zou aanhouden. Een reeks wetten werd ingevoerd, en nieuwe organisaties werden opgericht, om de dreiging van terrorisme beter en in een eerder stadium te kunnen aanpakken. In 2006 probeerde de regering het publiek te betrekken bij de preventie van terrorisme, via een grote voorlichtingscampagne – ‘Nederland tegen terrorisme’ – over wat de overheid (‘200.000 professionals’) zoal tegen terrorisme ondernam.

De Graaff wijst er ook op dat niet pas 9/11 Nederland de ogen opende voor het gevaar van terrorisme. Al in 1992 waarschuwde de Binnenlandse Veiligheidsdienst in een van zijn eerste openbare rapporten voor radicalisering van moslims, een waarschuwing die een half jaar voor 9/11 nog eens herhaald werd. „Dat was in vergelijking met andere westerse inlichtingen- en veiligheidsdiensten relatief vroeg, en die waarschuwingen werden dan ook met enige scepsis ontvangen. Was hier geen sprake van eigen werkverschaffing na afloop van de Koude Oorlog?”

Of 9/11 nu een keerpunt in de geschiedenis was of niet, tien jaar later is het effect van de klap die Al-Qaeda toen uitdeelde nog steeds voelbaar. In WTF?! verzucht journalist Saeda Nourhussen, die heeft meegedaan aan heel wat discussies over de nasleep van de aanslagen in Nederland: „Op zeker moment was ik er klaar mee. Met 9/11.” Velen zullen het haar graag nazeggen. Maar Al-Qaeda bestaat nog, en de vrees voor nieuwe aanslagen ook. 9/11 is nog niet voorbij.