Overdrijven en anderen de schuld geven

Tweeënhalf jaar na haar debuut is de tweede cd van Roosbeef uitgebracht.

Omdat ik dat wil, met liedjes over relatieperikelen en afscheid.

Roos Rebergen was nog een tiener toen ze een platencontract kreeg. De eerste cd onder de naam Roosbeef verscheen op haar twintigste, en was de weerslag van ervaringen uit haar jeugd. Op dat debuut, Ze willen je hond wel aaien maar niet met je praten (2008), viel haar bijzondere stem op, die graag sleept en soms vals lijkt te zingen. Het was een stem met uitdagende, meisjesachtige en theatrale uitdrukkingen. Nu, ruim tweeënhalf jaar later, is er de opvolger, Omdat ik dat wil, met liedjes over relatieperikelen en afscheid. Volwassen wil ze de cd niet noemen, want dat klinkt ‘alsof het allemaal al voorbij is’.

De cd werd grotendeels gemaakt met dezelfde muzikanten als de vorige. Hun instrumenten klinken anders dan bij een doorsnee rockband: gitaren zuchten, marimba’s fluisteren.

Omdat ik dat wil kreeg opnieuw de springerige teksten van Rebergen, met hun bizarre wendingen en non sequiturs. (‘Ik zit vol met verlangen net als een bonbon, soms barst ik open en smelt op je tong’ in ‘Niet Uitmaken’; ‘Ze noemen zich hersens, en zitten in mijn kop/ Is het mogelijk dat ze nu gaan slapen/ Dat ze kruipen onder de wol?’ in ‘Hersens’).

De muziek klinkt doorwrochter dan op de eerste cd. Was het schrijven een groepsinspanning?

„De liedjes schrijf ik in mijn eentje. Maar ik heb ze deze keer eerder laten horen aan mijn muzikanten, ze hebben zich er af en toe mee bemoeid. Uiteindelijk hebben we met zijn allen de arrangementen ingevuld. Mijn nummers bestaan uit veel losse stukjes. Op deze cd bestaan de meeste nummers uit meer stukjes dan op de vorige. Producer Tom Pintens zei soms ‘Roos, je kunt ook dingen herhalen’.

„Ik vind het leuk als er veel gebeurt. Maar het is ook leuk als er eens iets blijft hangen, bij de luisteraar.”

Regina Spektor, Kate Bush, er zijn meer zangeressen die werken met veel ‘stukjes’. Is dat typisch vrouwelijk?

„Misschien vinden vrouwen snel iets saai. Ik wel in ieder geval. Ik vind van alles saai, ook andermans muziek, en de manier waarop veel bands live spelen: het gáát maar door. Ik zie mijn liedjes als musicals, met veel afwisseling en drama.”

Waardoor koos je ooit voor Nederlandstalig?

„Dat is het eerste wat eruit komt. Ik heb vroeger wel in het Engels gezongen, maar in het Engels kan ik niet wat ik in het Nederlands kan. Bovendien vind ik het Nederlands mooi en fijn om in te zingen. Ik word nooit zo door een Engelse tekst geraakt als door een Nederlandse. Bijvoorbeeld zoals Meindert Talma een regel die eigenlijk veel te lang is, toch in een liedje propt. Dat vind ik prachtig.”

Hoe ontstaat je specifieke manier van zingen?

„Mijn manier van zingen hangt samen met de teksten. Als ik iets van iemand anders uitvoer, klink ik braver. Mijn eigen woorden kies ik omdat ik ze lekker vind om uit te spreken. Regels als ‘Weet als de vuilnismannen staken, dat ik niet heel ver uit de buurt kan zijn’ of ‘Je vindt de structuur van een rauwe champignon niet lekker’ zijn stoere woorden. Daar krijg ik niet snel genoeg van.

„Dat is het fijne van teksten: je mag alles zeggen. Ik mag overdrijven, liegen, anderen de schuld geven. Wat niet wil zeggen dat ze niet persoonlijk zijn. Persoonlijker dan dit bestaat niet, wat mij betreft.

„De kern van elk lied is een persoonlijke observatie of een gevoel. Daar groeit van alles omheen. Ik probeer het uit te breiden met zinnen die niets met het onderwerp te maken lijken te hebben, maar die er stiekem toch mee samenhangen. Om te zorgen dat anderen er ook iets in herkennen. Of eigenlijk hoef je er niets in te herkennen, als er maar iets is dat zorgt voor meerdere interpretaties.

Daarom hadden we de cd-opnamen een tijdje uitgesteld. Wannes, de toetsenist van mijn band, zei: ‘De teksten kunnen scherper’. Dat wist ik natuurlijk zelf eigenlijk ook wel, maar ik hoopte dat het goed genoeg was. Achteraf ben ik blij dat we die extra tijd hebben genomen.”

Hoe is je leven veranderd, na het succes van de eerste cd?

„Ik heb veel, ik krijg veel voor elkaar. Ik kan optreden, ik word er voor betaald, er is nu een nieuwe cd af. Toch vind ik het lastig om blij en rustig te zijn met wat ik heb. Nog altijd zijn er dingen in mijn persoonlijk leven waar ik moeite mee heb. Ik vind het moeilijk om alles zelf te doen, om voor mezelf te zorgen.

„Vooral toen ik op mezelf ging wonen. Dan zat ik in mijn kamer en dacht: ‘Ik moet nu eigenlijk iets gaan doen. Koken, ofzo.’ Maar ik deed het niet. Inmiddels gaat het wel iets beter, in dat opzicht. Maar vooral omdat ik me er nu bewust van ben; ik wéét dat het me soms moeite kost om voor mezelf te zorgen. Ooit was de boerderij mijn thuis. Sinds die er niet meer is, woon ik overal zo’n beetje. Het maakt niet zoveel uit waar ik ben. Muzikant-zijn is een raar vak. Niemand zegt wat ik moet doen, ik moet zelf de dagen vullen. Maar ik kan niet kiezen. Vrij zijn klinkt leuk, maar ik heb het er ook moeilijk mee. De rusteloosheid die in mij zit, is terug te horen in de liedjes. Aan de andere kant gaan veel dingen goed in mijn leven. Met de muziek, de liefde.”

Uit je muziek spreekt vaak heimwee.

„Ik vind het moeilijk dat dingen voorbijgaan. Zoals met de boerderij. Na een tournee heb ik er ook weer last van, als alle muzikanten hun eigen leven oppikken en iedereen zijn eigen kant op gaat. Ik vind het erg dat ik ze dan niet meer elke dag zie. Vroeger had ik het al: de vakantie voorbij, afscheid van vriendjes. Waarom moet alles opeens stoppen?”

Je haar is nu blond; nieuwe cd, nieuw kapsel?

„Het rood was half uitgegroeid, dat leek me een goed moment om iets anders te kiezen. Ik had er genoeg van dat iedereen me van 100 meter afstand zag aankomen.”

Het album Omdat ik dat wil is nu uit bij Excelsior. Roosbeef treedt op: 23/9 Gebouw T, Bergen op Zoom; 24/9 Rotown, Rotterdam; 29/9 Doornroosje, Nijmegen. Voor meer data: roosbeef.nl