Lekker politietje spelen voor de tv

Iedereen doet mee aan de Nationale Speurtocht naar de ‘snelwegschutter’. Van experts tot amateurs.

Misschien zoeken we iemand die niet eens bestaat.

U.S. Staff Sergeant Thomas Lemons of Alpha Company 2nd battalion 27th infantry regiment, Task Forces Bronco from St. Louis, Missouri, shoots his .50 caliber sniper rifle at Taliban insurgents in eastern Afghanistan's Kunar province near the border with Pakistan August 28, 2011. REUTERS/Nikola Solic (AFGHANISTAN - Tags: MILITARY CONFLICT POLITICS)
U.S. Staff Sergeant Thomas Lemons of Alpha Company 2nd battalion 27th infantry regiment, Task Forces Bronco from St. Louis, Missouri, shoots his .50 caliber sniper rifle at Taliban insurgents in eastern Afghanistan's Kunar province near the border with Pakistan August 28, 2011. REUTERS/Nikola Solic (AFGHANISTAN - Tags: MILITARY CONFLICT POLITICS) REUTERS

Ik zit oplettend achter het stuur. Ben scherp en op mijn hoede. Zal meteen zijn kenteken noteren als ik hem in actie zie of als mijn achterruit onverwacht kapotgaat. Ik weet precies waar ik op moet letten. Op een jongeman, in een grijze Volkswagen golf. Hij is sensatiebelust, en houdt van risico’s. Hij zal net zo lang door gaan totdat hij gepakt is, want hij leest te graag over zichzelf in de krant.

Zijn daderprofiel haalde ik uit de kranten. Forensisch psycholoog Corine de Ruiter stelde in de Volkskrant dat het om een man gaat – want mannen, dat zijn doorgaans de vandalisten. Hij geniet trouwens van het kat- en muisspel. Haar collega Stefan Bogaerts meldde eerder al in de Metro dat de dader het spannend vindt dat hij de aandacht trekt, want hij houdt van sensatie. Nu passen tamelijk veel mannen uit mijn kennissenkring binnen dit daderprofiel, maar niemand van hen bezit een grijze Volkswagen Golf. In mijn straat staat trouwen wél een grijze Volkswagen Golf… Ik zou misschien eens kunnen posten om te zien wie daar instapt…

Voor politietje spelen. Persoonlijk was ik was er behoorlijk aan toe. De Peter R. de Vries in mij draait namelijk al weken op volle toeren: hoe zit het nu toch met DSK (wel of niet schuldig?). Ook na de bestudering van het rapport (‘de feiten’) ben ik er niet uit. Wat bezielde Anders Breivik? En wie is de mysterieuze schutter? Daderprofielen buitelen de laatste tijd over ons heen. Forensisch psychologen geven commentaar op Tristan van der V. en Anders Breivik – welke persoonlijkheid brengt iemand tot zulke misdaden? Naar welke films keek deze persoon? Hebben die hem mogelijk beïnvloed? Hoe zit hij precies in elkaar?

Dat ik word aangemoedigd om de politie een handje te helpen bij het vinden van de snelwegschutter, komt natuurlijk ook door de Gouden Tip – ik kan 10.000 euro verdienen als ik de politie van cruciale informatie voorzie. Inmiddels ben ik flink getraind door televisieseries om bij te kunnen dragen aan de Nationale Speurtocht naar de scherpschutter. In Moordweek, een ‘fictiecrimi’ van TV-lab, mag het publiek samen met de politie een misdaad oplossen. Een echt gebeurde misdaad is opnieuw in scène gezet en we volgen rechercheurs in hun handelen. Wij kunnen meedoen via Facebook en Twitter met het oplossen van een moordzaak.

De sterke recente Deense crimi-hit Those Who Kill biedt een stoomcursus forensische psychologie voor de leek: daarbij draait het geheel om daderprofielen. Niet de whodunit of the howdunit maar de watvoorpersoonlijkheiddoetditinvredesnaam. De logline van de serie luidt: „Hoe vergroot je de pakkans van een levensgevaarlijke crimineel? Door je volledig in te leven in zijn lugubere fantasieën. Zo kun je het patroon van de meest verschrikkelijke gruweldaden achterhalen en de seriemoordenaar net een stap voor zijn.” Hoofdpersoon is forensisch psycholoog en buitenbeentje Thomas Schaeffer. Hij kan daders opsporen door een nauwkeurige beschrijving van hun persoonlijkheid te geven op basis van forensisch materiaal. Hij krijgt hulp van een politieagent Katrine Jensen, maar die loopt eigenlijk steeds bijna in de val van de dader, ondanks zijn heldere waarschuwing: „Kijk naar die man. Hij is binnen vijf minuten het middelpunt op een feestje. Hij is een sociopaat. Pas op voor hem, Katrine.”

Centraal in al deze series – als ook in programma’s als die van Peter R. de Vries – is de gedachte dat justitie en politie falen. Ze weten niet eens hoeveel wapenvergunningen er zijn uitgegeven! En dus moeten we, omwille van onze eigen veiligheid, zélf in actie komen.

Het wemelt immers overal van de psychopaten en jij kunt zomaar het volgende slachtoffer zijn! Ook Moordweek zet vet in: „De kans dat u vermoord wordt is 1 op 100.000. Er worden drie moorden per week gepleegd. Er is een sterk stijgende lijn van wapens die verkocht worden.” De ‘fictiecrimi’ suggereert dat moord op de loer ligt (1 op 100.000 wordt uitgesproken alsof het 1 op 10 is) en dat als wij kijkers niet meedoen, het helemaal uit de hand loopt.

Maar hoe betrouwbaar zijn de daderprofielen van de forensisch psychologen eigenlijk? Malcolm Gladwell schreef in 2007 een vlijmscherp stuk in The New Yorker: ‘Dangerous Minds. Criminal Profiling Made Easy.’ Hij geeft hierin het vermakelijke voorbeeld van een onopgeloste moord van de FBI. Die is al enige tijd op zoek naar ‘the Mad Bomber’, een persoon die bombrieven aflevert bij het bedrijf Edison. Wanhopig wendt de FBI zich uiteindelijk tot James Brussel, een psycholoog die hun een accurate daderschets leverde (jullie zoeken een Slavische, bemiddelde man tussen de veertig en vijftig met een nachtbaantje!) en nog een opmerkelijke voorspelling deed: „One more thing. When you catch him – and I have no doubt you will – he’ll be wearing a double-breasted suit.”

Toen de politie de dader arresteerde, droeg deze een pyjama, maar hij moest zich op verzoek van de politie verkleden. Hij kwam naar beneden in een… double brested suit! Brussel kreeg prompt een sterrenstatus.

Kritisch onderzoek achteraf wijst echter uit dat dit het halve verhaal is. Bijna alles uit de daderprofielschets van Brussell was onjuist (het ging om een man ouder dan vijftig, een Duitser, die voormalig werknemer was bij het bedrijf) – maar deze informatie liet Brussel weg uit zijn autobiografie.

Wetenschappelijk onderzoek naar de correctheid van daderprofileringen wijst, aldus Gladwell die enkele van die onderzoeken ook uitvoerig citeert, bovendien uit dat het zelden klopt. Daderprofileringen zijn vaak algemeen en lijken sterk op dezelfde trucs die astrologen en helderzienden toepassen als ze een reading houden: ze geven tegenstrijdige informatie die altijd waar is. („I would say that on the whole you can be rather a quiet, self effacing type, but when the circumstances are right, you can be quite the life and soul of the party if the mood strikes you.”)

Eens kijken naar het profiel van de snelwegschutter, zoals ik dat mocht vernemen uit de media. Hij houdt van risico, maar hij wil niet gepakt worden (ja, duh). Mannen zijn vaak vandalisten, maar deze wil geen gerichte slachtoffers maken. Tja.

Was het ooit nog bon ton als expert om niet in de media uitspraken te doen over persoonlijkheden van mensen die je niet als arts zelf behandeld hebt, nu zijn een aantal van hen niet te beroerd om alvast een astrologisch voorzetje te schetsen in de media. De consequenties van de berichtgeving zijn echter reëel: we zoeken nu met zijn allen naar een man die kickt op sensatie.

Nu maar hopen dat de snelwegschutter niet een clubje boze vrouwen van rond de zestig is. Of juist wel: dan kan de fixatie op de dader achteraf pas écht goed op volle toeren gaan draaien, wil ik weten naar welke tv-series deze vrouwen keken, hoop ik van Corine de Ruiter te horen dat het zeldzaam is, vrouwelijke vandalen, maar dat het weleens voorkomt, en is Moordweek verzekerd van een mooie uitzending.

Intussen speur ik verder. Zie ik daar niet een grijze auto achter mij rijden? Wacht, het raampje gaat open, hij zou toch niet… Gas! Gas!