Geen geld? Dan maar samenwerken

Samenwerking is het toverwoord onder universiteiten. Fusie gaat staatssecretaris Zijlstra nog te ver. Maar het onderwijs moet wel beter worden.

Voorafgegaan door de pedel lopen de hoogleraren van de Universteit Maastricht naar de openingsplechtigheid van het academisch jaar. Foto WFA WFA21T:OPENING ACADEMISCH JAAR UNIVERSITEIT:MAASTRICHT;05SEP2011-Maandag 5 september opende de Universiteit Maastricht traditiegetrouw het nieuwe academisch jaar. Zoals elk jaar liepen de hoogleraren in toga van universiteitsgebouw op de Minderbroedersberg naar het Theater aan het Vrijthof voor de officiële handelingen. Tweede persoon van rechts Prof. dr. Martin Paul, de nieuwe voorzitter van het College van Bestuur. Fotolocatie: Vrijthof.WFA/jpg/str.Jean Pierre Geusens
Voorafgegaan door de pedel lopen de hoogleraren van de Universteit Maastricht naar de openingsplechtigheid van het academisch jaar. Foto WFA WFA21T:OPENING ACADEMISCH JAAR UNIVERSITEIT:MAASTRICHT;05SEP2011-Maandag 5 september opende de Universiteit Maastricht traditiegetrouw het nieuwe academisch jaar. Zoals elk jaar liepen de hoogleraren in toga van universiteitsgebouw op de Minderbroedersberg naar het Theater aan het Vrijthof voor de officiële handelingen. Tweede persoon van rechts Prof. dr. Martin Paul, de nieuwe voorzitter van het College van Bestuur. Fotolocatie: Vrijthof.WFA/jpg/str.Jean Pierre Geusens WFA JEAN PIERRE GEUSENS

Het duurde even voordat het f-woord viel, gisteren in de Leidse Pieterskerk. Paul van der Heijden, rector en voorzitter van het college van bestuur van de Universiteit Leiden, sprak bij de opening van het academisch jaar lang en enthousiast over de „samenwerking” van zijn universiteit met die van Delft en Rotterdam. Hij vertelde over verbanden die reeds succesvol waren en over plannen voor verdere krachtenbundeling in de toekomst. Pas aan het eind van zijn toespraak nam hij de beladen term in de mond: fusie.

De beoogde intensieve samenwerking tussen de drie Zuid-Hollandse universiteiten kan bestuurlijk verschillende uitkomsten krijgen, zei Van der Heijden. „Wij willen in de komende tijd verkennen welke variant het beste is, waarbij ook de meest vergaande variant, een volledige fusie, niet buiten de gedachten gesloten wordt.”

In Rotterdam en Delft spraken Leidens potentiële partners in deze academische ménage à trois woorden van gelijke strekking. Collegevoorzitter Dirk Jan van den Berg van de TU Delft vond „fusie geen vies woord”. En Pauline van der Meer Mohr, collegevoorzitter van de Erasmus Universiteit Rotterdam, zei: „Er is groot vertrouwen en enthousiasme voor vergaande samenwerking.” Deze samenwerking kon „mogelijk” uitmonden in een fusie, aldus Van der Meer Mohr.

De universiteitsbestuurders kozen hun woorden zorgvuldig. Waarschijnlijk ook omdat ze op de hoogte waren van de tekst die staatssecretaris Zijlstra (Onderwijs, VVD) gisteren uitsprak op de jaaropening van de Universiteit van Amsterdam (UvA). Zijlstra verwees uitgebreid naar de minder fraaie gevolgen van de fusiegolf in het hoger beroepsonderwijs.

Toch is hij bereid de wet te veranderen die fusie tussen universiteiten nu nog in de weg staat. Er moet dan wel aan een lange lijst voorwaarden worden voldaan, zei hij. „Als de meerwaarde van een fusie bewezen kan worden, áls er zorgvuldig is afgestemd met docenten, onderzoekers en studenten, áls de kleinschaligheid van het onderwijs behouden blijft of zelfs versterkt wordt, áls de overhead afneemt, kortom: áls een fusie de aangewezen manier is om de kwaliteit te verbeteren, dan mag wat mij betreft de wet zo’n initiatief niet in de weg staan.”

Op de universiteit waar de staatssecretaris te gast was, is de afgelopen maanden onrust ontstaan over een mogelijke fusie met de Vrije Universiteit. Karel van der Toorn vertrok in juli als collegevoorzitter van de UvA, omdat hij het niet eens kon worden met de raad van toezicht over „de koers en het tempo van strategische veranderingen”.

Waarnemend voorzitter Paul Doop trachtte gisteren de gemoederen te bedaren. „Een fusie is niet ophanden”, verzekerde hij zijn toehoorders.

Samenwerking is dus voorlopig het toverwoord in de academische wereld. In de lente van volgend jaar moeten de universiteiten hun plannen voorleggen aan Zijlstra. Die wil dat universiteiten zich meer van elkaar onderscheiden. Instellingen moeten niet langer alles willen doen, maar alleen dat waarin ze het beste zijn. Goede opleidingen kunnen dan meer geld krijgen, minder goede moeten dicht. De Zuid-Hollandse universiteiten menen dat ze met een gezamenlijke strategie dit proces beter zullen doorstaan.

Van der Heijden zei dat ze geen andere keus hebben dan vergaande samenwerking, nu de overheid geen extra geld uittrekt voor het hoger onderwijs. „Terwijl dat in de ons omringende landen wel gebeurt.” Door samen te werken, kunnen de drie universiteiten in Zuid-Holland, die samen ongeveer een miljard euro van het Rijk krijgen, misschien 100 miljoen euro vrijspelen, aldus Van der Heijden. Dat geld kan gebruikt worden om een plek in de Europese top veilig te stellen.

Hij benadrukte na afloop van de plechtigheid dat het overleg tussen Leiden, Delft en Rotterdam niet op een fusie hoeft uit te lopen. „Een andere uitkomst is mogelijk.” De discussie over de fusie is voor medewerkers emotioneel, weet Van der Heijden. „Maar we willen het besluit nemen op basis van rationele argumenten. Zo gaat dat in de wetenschap.”

De Leidse rector toonde zich getergd over de kritiek die het samenwerkingsplan de afgelopen weken in de media ten deel viel. „Ik ben geen beroepsbestuurder die over wetenschappers heen walst. Ik sta middenin de wetenschap. Wij zullen niets beslissen zonder goed overleg met medewerkers en studenten.”

De student-leden van de universiteitsraden van Leiden, Rotterdam en Delft rekenen daarop, zeggen ze in een verklaring. „Hoewel de intentie tot samenwerking positief wordt ontvangen, zal ieder concreet plan kritisch getoetst worden. Wilde geruchten over een op handen zijnde fusie zijn dan ook voorbarig.”