Straks toch maar een kok mee naar Londen

Nederland stelde afgelopen week teleur bij de WK.

Het voedingsbeleid rond de nationale ploeg moet beter.

Great Britain's and Nederland's men's eight teams compete in the final race during day five of the FISA Rowing World Championships at Lake Bled on September 1, 2011 in Bled, Slovenia. AFP PHOTO
Great Britain's and Nederland's men's eight teams compete in the final race during day five of the FISA Rowing World Championships at Lake Bled on September 1, 2011 in Bled, Slovenia. AFP PHOTO AFP

René Mijnders maakte in bijna dertig jaar weleens mee dat één roeier bij de WK ziek werd, of twee. Maar afgelopen week zag de technisch directeur van de Nederlandse roeibond liefst 30 procent van zijn roeiers geveld door een norovirus en een voedselvergiftiging. „De les is dat we nog eens heel goed moeten kijken naar de risicofactoren rond het eten”, zei hij vanuit Bled (Slovenië).

Mijnders verliet de WK met een dubbel gevoel. De Nederlandse roeiers behaalden vier volle olympische nominaties (Holland Acht, vrouwenacht, vier zonder stuurman en twee zonder stuurman) en één medaille (brons voor de niet-olympische vier zonder stuurvrouw). Een luxe, want in het verleden kwam het vaak aan op het laatste olympische kwalificatietoernooi, omdat het bij de WK was misgegaan. Dat lot treft nu alleen de mannen van de lichte vier en de lichte vrouwentwee.

Maar Mijnders zag ook dat geen van de ploegen in de olympische klassen ook maar in de buurt van een medaille kwam, minder dan een jaar voor de Zomerspelen. „Dat geeft een bittere smaak. We hebben potentie en ook in de breedte zit het goed, maar het zegt ook iets dat het op beslissende momenten is misgegaan. We zullen het komende jaar nog het nodige huiswerk moeten doen, willen we in Londen meedoen om de knikkers.”

Mijnders’ grootste teleurstelling betrof de zesde plaats van de Holland Acht in de finale van donderdag, na het sterke optreden van een dag eerder. Ook de roeiers spraken van een deceptie, ondanks hun olympische nominatie. „Dit ging nergens over”, verklaarde Roel Braas vanuit Bled. „We zijn de beste ploeg van Nederland, maar waren niet in staat de boot recht te houden bij een beetje wind. Dan doen we iets verkeerd, toch?”

Wat bij Mijnders overheerste was de ziekte bij zijn roeiers, die eerst alleen leken getroffen door een voedselvergiftiging in het hotel. Zo’n dertig deelnemers aan de WK, onder wie Braas, Roeland Lievens en Nienke Kingma, hadden last van misselijkheid en braakneigingen. „Dat was snel verholpen”, zei Mijnders. „Maar bij ons werden juist meer roeiers ziek, vooral bij de vrouwen. We denken dat we ook een virus hebben opgelopen bij het laatste trainingskamp, in Mantova. Met een verminderde weerstand door training en stress kan het dan hard gaan.”

De technisch directeur verzocht de wereldroeibond FISA dinsdag om uitstel van de wedstrijden, maar vond geen gehoor omdat het percentage zieken op meer dan duizend roeiers te laag was. Hij wilde echter niet spreken van vertekende uitslagen op het meer van Bled. „Natuurlijk is roeien een fysieke sport, maar het blijft gissen of we zonder het virus wel hadden meegedaan voor de medailles.”

Mijnders stelt te zijn verrast door de incubatietijd van het virus, dat anderhalve week na het trainingskamp in Italië toesloeg. „Ook dragen sommigen het bij zich zonder ziek te worden, maar ze verspreiden het wel. We hebben na de uitbraak al het mogelijke gedaan om de schade te beperken, met hygiënemaatregelen bij het eten. We moeten bekijken wat we in het voortraject beter kunnen doen in ons voedingsbeleid, zodat we de kans op zo’n uitbraak minimaliseren.”

Hygiëne in een eetzaal met tientallen roeiers moet volgens Mijnders aan twee voorwaarden voldoen. „Ze moeten goed kijken welk eten ze kunnen vertrouwen. Ik denk dan vooral aan de kwaliteit van rauwe producten en drinkwater. Moeilijker is het tweede, de besmetting via bijvoorbeeld opscheplepels. Eigenlijk zouden roeiers na elke aanraking hun handen moeten desinfecteren.”

De roeibond, die zaterdag ironisch genoeg DSM als innovatiepartner op het gebied van materiaal en voeding presenteerde, heeft geen eigen kok bij regatta’s in het buitenland. „Dat is wel het overwegen waard. Nu bekijken we vooraf hoe de keuken eruit ziet en wie daar werken. Meestal is het in orde, maar bijvoorbeeld een saladebuffet zouden we in de toekomst door een eigen kok kunnen laten bereiden. Deze ellende willen we zeker in Londen niet nog eens meemaken.”