Kunduz-debat, nu als toneel

Hij speelde rollen in allerlei Nederlandse politie- en advocatenseries, maar ook als premier Mark Rutte is Pieter van der Sman volstrekt overtuigend. Sterker nog: hij is het óók als Geert Wilders.

Van der Sman speelde beide politici zaterdag tijdens de Haagse Museumnacht in een theatrale versie van het Kunduz-debat van 27 januari van dit jaar. Onder regie van Mieke Lelyveld werd het debat in de Tweede Kamer over de politie-trainingsmissie naar Kunduz als toneelstuk gereconstrueerd. Van acht uur tot diep in de nacht duurde het optreden in de Oude Zaal van het Kamergebouw. Met de bekende blauwe fauteuils uit de Plenaire Zaal als de enige rekwisieten.

Welbewust lieten de acteurs de emoties hoog oplopen. Vooral Bram van der Vlugt als Job Cohen (PvdA) wist prachtig te laveren tussen persoonlijke onvrede jegens Kamerleden van D66 en SP en politiek debat.

Het spanningsveld in het debat lag in de motie Peters/Pechtold. Die stelde dat ook na het beëindigen van de Task Force in Uruzgan de behoefte aan politietrainers zou blijven bestaan. Daardoor behield Nederland – anders dan steeds was gezegd – nauwe betrokkenheid bij Afghanistan. De berichten over de vervagende grens tussen politie- en militair optreden deden het wantrouwen bij de Kamerleden groeien. Een scherpe controverse was het gevolg.

Fraai uitgebeeld is hier de botsing tussen Alexander Pechtold (D66) en Jolande Sap (GroenLinks). Terwijl de spelers hun rake argumenten lanceren, zien we – net echt – de andere Kamerleden smiezen en berichten van de bode lezen. Als toeschouwer vraag je je af hoe uit dit dispuut ooit een oplossing kan komen.

Ook tijdens echte Kamerdebatten zetten politici zonder terughoudendheid theatrale middelen in. Ze overdrijven, gooien expres hoofd- en bijzaken door elkaar, proberen hun tegenstanders met argumenten ad hominem te pareren. In deze toneelversie kunnen de acteurs daar een extra dimensie aan geven. De toeschouwer leeft mee met voor én tegen. Vooral het PvdA-argument dat de bevolking Nederlandse steun hard nodig heeft brengt Van der Vlugt zo overtuigend, dat het als een schok komt dat de motie wordt verworpen. Politieke realiteit en theatrale fictie vallen superieur samen.